# Date: Tue, 05 Jul 1994 12:59 +0100 (MET)
# From: Willem Kuiper <kuiper@alf.let.uva.nl>
# Subject: Col: 9407.12: Column Willem Kuiper, no. 9: "Eva"
Column Willem Kuiper, no. 9: Eva
- [Een dezer dagen bereikte mij het verzoek een bijdrage te leveren
aan het Liber Amicorum dat Eva Tol-Verkuyl aangeboden gaat worden
ter gelegenheid van haar afscheid van de Hogeschool Holland.
Toen in 1981 mijn tijdelijke aanstelling aan
de UvA niet,
zoals beloofd, werd omgezet in een vaste halve, zat er voor mij
niets anders op dan het in praktijk brengen van een Oudzaanse
volkswijsheid: een vliegende kraai vangt altijd wat. En zo belandde
ik onder andere in de deeltijd MO-B-opleiding van de Stichting De
Vrije Leergangen.
Deze column draag ik op aan Eva. Zoals de ene
Eva de
stammoeder van de mensheid is, zo heb ik de andere Eva leren kennen
als een studentenmoeder van een type opleiding dat - helaas -
wegbestuurd is.]
Wat bezielt een ouderpaar hun dochter Eva te noemen? Eva, de vrouw die
de zondeval op haar geweten heeft. Eva, de hoogmoedige, die aan God
gelijk wilde zijn. Eva, de vrouw `dankzij' wie wij moeten sterven, in
het zweet ons aanschijns ons brood eten, om maar te zwijgen over de
moeite der zwangerschap en het baren der kinderen.
Hoe de Joodse traditie over Eva oordeelt, is mij nauwelijks bekend. Ik
heb gehoord dat in die kringen iets minder zwaar getild wordt aan het
eten van de vrucht van de Boom van Kennis van Goed en Kwaad. Men ziet
het meer als het begin van de volwassenwording van de mens. Voor `ons
christenen' is de zondeval synoniem met de erfzonde, het universele
verklaringsmodel van al onze ellende.
Wie de moderne bijbel(vertalingen) terug in de kast zet en zich in
gedachten naar de Middeleeuwen verplaatst, komt in een hele andere
wereld terecht. Niet alleen in wereldlijke aangelegenheden, ook, en
misschien wel vooral, in geestelijke zaken. Natuurlijk baseerde de
middeleeuwer zich op de bijbel. Maar die was zo onvolledig. Daarin
stonden zo veel dingen niet die wel gebeurd waren. De kerkvaders hadden
dan ook heel wat uit te leggen aan de nieuwsgierige gelovige. Maar dan
nog bleven er gaten zitten in de heilsgeschiedenis. Om die te dichten
gaven sommige auteurs zich over aan `pia fraus' (vroom bedrog) en
verzonnen waar gebeurde dingen. Zo ontstond er in de loop van de
Middeleeuwen een voor de niet theologisch (hoog)geschoolde mensen van
toen niet of nauwelijks te ontwarren kluwen van canonieke,
niet-canonieke en apocriefe verhalen die resulteerde in een volstrekt
anders referentiekader dan wij nu bezitten. Het zou onjuist zijn daar
denigrerend over te doen, zoals het ook verkeerd is dat classici hun
neus ophalen voor het middeleeuws Latijn. Speciaal voor Eva volgt hier
de zondeval bezien door de ogen van de middeleeuwer.
Toen God de mens geschapen had en hem met gepaste trots de Hof van Eden
toonde en als verblijfplaats aanbood, was daar een voorwaarde aan
verbonden. Overal mocht van gegeten worden behalve van twee bomen, de
Boom van het Leven en de Boom van Kennis van Goed en Kwaad. Dat was
niet omdat de vruchten van die bomen de mens goddelijke vermogens zou
schenken, het was een loyaliteitstest, een beproeving. Adam begreep
dat, en trouw als hij was aan zijn Heer, taalde hij er niet naar.
Waarnaar hij wel verlangde was een gezellin. Als beloning voor zijn
trouw en gehoorzaamheid schiep God de vrouw. Deels naar Zijn beeld en
gelijkenis, deels naar wat Hij wist dat Adam zou plezieren. Door haar
uit Adams rib te laten groeien - middeleeuwse miniaturen geven dit
`letterlijk' weer - maakte Hij Eva ondergeschikt aan haar man, zoals
kinderen ondergeschikt zijn aan hun ouders.
Eva was het hier niet helemaal mee eens. Als
nummer drie in de
pikorde had ze twee gezagsdragers boven zich: God in de hemel en Adam
op aarde. En die twee konden het bovendien in haar ogen veel te goed
met elkaar vinden. Het was voortdurend twee tegen een. Slechts in een
ding was zij beiden de baas. Eva bezat iets dat noch God noch Adam had:
het lichaam van een vrouw. En wat erger was, zij was zich dat bewust.
Op God kon zij daarmee geen indruk maken, op Adam wel, en wat erger
was, zij was zich dat zeer goed bewust. Maar wat nog erger was, ook
de duivel wist het.
De duivel dankt zijn bestaan aan een volstrekt
uit de hand gelopen
conflict over anciënniteit. Een hele hoop engelen, die tot dan toe hun
werk perfect gedaan hadden, verkeerden in de veronderstelling dat God
het anciënniteitbeginsel zou respecteren. Dus dat de mens, omdat
hij `jonger' was, onder de engelen zou komen. Allerminst onredelijk,
maar de Almachtige Vader had andere plannen: de mens zou boven de
engelen verheven worden. Een aantal engelen vond dat niet eerlijk,
gooide het werk neer en ging verhaal halen bij hun hoogste baas,
Lucifer. De tragiek wil dat het conflict Lucifer eigenlijk volstrekt
koud liet, maar uit solidariteit liet hij zich tegen zijn zin tot
stakingsleider benoemen. De reactie was niet mis. De gezagsgetrouwe
engelen verenigden zich onder Michael en versloegen de opstandelingen.
Ze werden uit de hemel verbannen en de hel werd hun nieuwe
verblijfplaats.
De middeleeuwer is niet sportief. Het gaat om
de knikkers. Winnen
is belangrijker dan deelnemen. Alle ridderromans ten spijt werd er
intens vaak en heel vals gespeeld. Wraakzucht kon maatschappelijk op
een onvergelijkbaar grotere instemming rekenen dan
vergevingsgezindheid. En daarbij hoefde men de zwakke niet te ontzien.
Integendeel! Het was dus duidelijk op wie de gevallen engelen hun woede
moesten koelen: de mens. Maar hoe? Via de zwakste schakel, de vrouw!
En zo kon het gebeuren dat toen Eva die boom
waarvan ze niet mocht
eten eens van nabij ging bekijken om te zien wat er nou zo bijzonder
aan was - op het eerste gezicht niets - een heel mooi vrouwenhoofd (de
slang had namelijk een vrouwenhoofd) zich losmaakte uit het bladerdek.
Het klikte meteen. Zoals kinderen van zoet houden, mannen door kracht
geïmponeerd raken, zo viel Eva voor het schone uiterlijk van de slang.
Tegelijkertijd herkende zij in de slang een natuurlijke bondgenoot
tegen de machten die haar onderdrukten: God en Adam. Volgens de slang
- en die kon het weten want die zat in die boom en at van die verboden
vruchten - waren ze super en was het absoluut gevaarloos om ervan te
eten. Het was pure treiterij, zuiver machtswellust.
Dit antwoord was koren op de molen van Eva. Na
enig nadenken
besloot ze twee appels te plukken, een voor Adam en een voor haarzelf,
en daarmee twee vliegen in een klap te slaan. Om te beginnen begon ze
door ongehoorzaam te zijn tegenover Adam de `strijd om de broek', en
door ongehoorzaam te zijn tegenover God hoopte ze een wig te drijven
tussen Adam en Zijn schepper. Dat het zo uit de hand zou lopen wist zij
niet en dat was ook niet haar bedoeling. Eva verkeerde in de typisch
vrouwelijke veronderstelling: dat maak ik wel weer goed. Vroeg of laat
heeft hij me nodig, en anders ga ik gewoon huilen.
Adam stond voor het blok. Hij moest kiezen
tussen een (op dat
moment) onzichtbare God en een buitengewoon zichtbare - het aankijken
meer dan waard - vrouw. Want reken maar dat Eva mooi was.
Maar, hoor ik u denken, er was toch geen
wellust in het paradijs.
Ja en nee. Tot en met de kerkvaders hebben de eerste christenen er zich
de hersens over gebroken of Adam en Eva het in het paradijs gedaan
hebben. En het antwoord luidt: zij hebben het niet gedaan. Wel geeft
Augustinus toe dat ze het gedaan zouden kunnen hebben. Zonder eerst
lichamelijk opgewonden te hoeven zijn. Volgens Augustinus kon Adam niet
alleen zijn oren bewegen als hij dat wou en hoe hij dat wou - een
vaardigheid die met de zondeval verloren ging.
Er was geen wellust in het paradijs, maar toch.
Adam en Eva aten
weliswaar vegetarisch, en de leeuw sliep naast het lam, maar bij Jeroen
Bosch zie je in de Hof van Eden wel een kat met een muis in zijn bek
lopen... Blijkbaar was er toch sprake van enige spanning.
Volgens de middeleeuwer was dat inderdaad het
geval, zoals ook
blijkt uit Adams keuze. Adam koos voor Eva. Niet voor God. Adam had zin
in een wip. En Adam begreep donders goed dat hij kon fluiten naar die
wip als hij nu ruzie zou gaan maken met Eva. Hij kende zijn vrouw niet
lang, maar lang genoeg om te weten dat als hij haar nu niet haar zin
zou geven, zij ging mokken. En dan kon hij het schudden. Dan kon
het dagen duren voordat hij haar met lieve woordjes, cadeautjes,
lekkere hapjes en (loze) beloften weer in haar hum had en zij weer
lustig was.
En daarom koos Adam voor Eva, in de hoop dat
hij bij God - die de
vrouw Zelf gemaakt had en dus kon weten welk een tijdbom hij onder hun
tot dan toe vlekkeloze relatie legde - op enige clementie zou kunnen
rekenen. Dat God zou begrijpen dat het geen vijandige daad aan Zijn
adres was, maar dat hij op dat moment in die situatie zijn vrouw niet
wilde weigeren.
Omdat Adam zin had in een wip. Zie daar de middeleeuwse verklaring
van de zondeval. Omdat Adam zin had in een wip. En vandaar ook de
panische angst in met name monastieke kringen voor alles wat maar
naar sexualiteit zweemt. Een angst die gesublimeerd werd in de
verheerlijking van de maagdelijkheid van Maria die, omdat zij
ongedaan maakte wat Eva aanrichtte, met Ave wordt aangesproken.
Willem Kuiper - Kuiper@Alf.Let.UvA.NL
|