# Date: Wed, 21 Jun 1995 10:22:04 +0200 (MET DST)
Column Willem Kuiper, no. 18: Tijdens de verbouwing gaat de verkoop doorDe burcht van Lusignan, waar ik het vorige keer over had, is niet het enige woning waar een vloek op rust. Elk huisje heeft zijn kruisje. Het mijne is lekkage. Als de wind uit het zuidwesten waait - en dat gebeurt nog wel eens - met een kracht van zes op de schaal van Beaufort - en dat gebeurt nog wel eens - dan kunnen wij de dweilen spreiden en de emmers in het gelid zitten. Natuurlijk heb ik er naar laten kijken, door wie maar wilde, maar tot voor anderhalve week geleden vond niemand het gat. Sterker nog, op de Bloemgracht alhier woont ene mevrouw Bakker, in de tachtig, dochter van de man die het huis liet bouwen. Ze heeft er als kind in gewoond en kan zich het huis niet zonder lekkage herinneren...Dit schrijf ik in de achterkamer, waar ik een tijdelijk onderkomen heb gevonden. In de gang ligt plastic folie. De voorkamer en mijn werkkamer liggen open en zijn afgedekt met zeildoek. Mijn telefoonkabel is per ongeluk doorgezaagd - ik ben in jaren niet zo weinig opgebeld. En dat terwijl er zo veel dingen gebeuren die erom schreeuwen in een middeleeuws perspectief geplaatst te worden.
Dat Haagse voetballersfeestje bijvoorbeeld, die jongens die zich in
watten gehuld hadden omdat de trainer hen 'watjes' genoemd had. En die
lolbroek die daar zo nodig een aansteker bij moest houden. De andere
watjes trachtten het vuur te blussen, maar staken daardoor zichzelf in
de brand. Uiteindelijk zijn ze in een sloot gesprongen en kwamen er zo
met slechts lichte brandwonden vanaf.
En dan die affaire met die IVF-tweeling van wie de ene blank en de ander zwart was. Niets nieuws onder de zon. Elke middeleeuwer kent het verhaal van dat blanke echtpaar dat een zwarte zoon kreeg. De 'vader' was in alle staten, de moeder echter bleef volhouden dat zij geen andere man bekend had dan haar echtgenoot. Uiteindelijk werd de arts Hippokrates erbij gehaald, de beroemdste geneesheer van zijn tijd. Deze vroeg gebracht te worden naar de plek waar het kind verwekt was. Het echtelijk slaapvertrek bleek met muurschilderingen opgevrolijkt te zijn. Op een van die schilderingen was een welgeschapen neger te zien. Met zijn vinger naar de grote zwarte man priemend baste Hippokrates: Daaraan dacht u toen u ontving!" Mijn teerbeminde wordt er bij tijd en wijle doodmoe van. Er kan niets gebeuren of: daar heb je hem weer. Willem.Kuiper@Let.UvA.NL |