9807.09 Terug
Vooruit 9807.11
Vorig Miniatuurtje Terug
Vooruit Volgend Miniatuurtje

Col: 9807.10

Date: Thu, 18 Jun May 1998 13:22:18 +0200
From: Peter-Arno Coppen <P.A.Coppen@let.kun.nl>
Subject: Col: 9807.10: Column Coppen: Linguistisch Miniatuurtje XLVIII: Seks: Versnapering of Pech?

Linguistisch Miniatuurtje XLVIII: Seks: Versnapering of Pech?

Voor je het weet heb je een image opgebouwd. Niets is gemakkelijker dan een traditie in gang zetten. Ik mag wel uitkijken dat ik, met de titels en onderwerpen van mijn miniatuurtjes de laatste maanden, niet beticht word uit te zijn op goedkope succesjes. De vorige keer "kut op Dirk", nu weer "seks", vanwaar deze belangstelling voor het minder welvoeglijke in onze taal?

Met een uitleg maak ik het alleen maar erger. Ik kan wel aanvoeren dat ook het onderwerp voor deze aflevering gebaseerd is op een stukje uit een kwaliteitskrant als de NRC, maar dan kan me weer verweten worden dat ik blijkbaar niet creatief genoeg ben om mijn eigen onderwerpen te verzinnen en dus maar hap-snap te rade ga bij de landelijke media. Beste lezer, zo komt het nooit goed tussen ons.

Valse start. Laat ik opnieuw beginnen. In de NRC van maandag 15 juni stond een aflevering uit de rubriek "Zeggen en Schrijven" van Liesbeth Koenen, onder de titel: "Seks hebben". Een curieus stukje. Ondanks het feit dat Koenen als taalkundige beter weet, en dat ook inderdaad met zoveel woorden schrijft, heeft het precies de structuur die ik in miniatuurtje 40 heb bekritiseerd. Het begint met de observatie van het ontstaan van een eigenaardig taalverschijnsel. Dan volgt de hypothese over waar dit vandaan komt (in dit geval een "leenvertaling" uit het Engels), en ten slotte: afkeuring. Het enige wat in Koenens stukje ontbreekt is de opmerking dat de gewraakte uitdrukking "gemakzuchtig" of "vaag" is. Maar daar staat dan weer tegenover dat er sappige associaties met de Amerikaanse volksgeest opgeroepen worden.

Tijd voor een korte samenvatting: het gaat om de constructie "seks hebben", die volgens Koenen sinds de Clinton-Lewinsky-affaire pas goed in de Nederlandse taal is terechtgekomen, als vertaling van "to have sex". Koenen voelt een weerzin tegen deze vertaling, omdat die een associatie oproept met "de verwrongen manier waarop Amerikanen tegen seks aankijken". Mooi he? Seks is, volgens de Amerikanen (volgens Koenen dan weer), "vies, voos en vunzig". Het is deze "angst voor seks" die uit de uitdrukking "seks hebben" naar voren komt.

Eigenlijk is het jammer dat de linguistische feiten deze associaties juist tegenspreken. Waar het om gaat, zijn de verschillende gebruiksmogelijkheden van het Nederlandse "hebben" en het Engelse "have" met een zelfstandig-naamwoordgroep (NP) als lijdend voorwerp.

Koenen merkt op, dat waar het Nederlands "hebben" combineert met "honger", "dorst", "zin", "pijn", "angst", het Engels juist "zijn" gebruikt (met "hongerig", "in pijn", etc.). Jammer overigens dat dit niet opgaat voor "angst" ("to have fear"). Het Engels gebruikt "hebben" daarentegen weer met "lunch", "koffie", "diner", "een snack", waar dit in het Nederlands weer onmogelijk is. Het Engelse "have" lijkt, zo stelt Koenen, "consumptiever". Het "consumptieve hebben" gebruiken we in het Nederlands alleen voor woorden als "lol" en "plezier". Min of meer tot haar eigen verbazing concludeert ze vervolgens onwillig dat dit eigenlijk heel goed aan lijkt te sluiten op de uitdrukking "seks hebben". Om haar weerzin te verklaren ("maar er wringt nog iets anders") neemt ze dan haar toevlucht tot associaties met de verwrongen Amerikaanse volksgeest.

Ik denk dat Koenen hier een goede gedachte ten onrechte afbreekt. Volgens mij ligt de kern van haar "weerzin" (ik denk eerder dat het haar taalkundige zesde zintuig is) tegen de uitdrukking juist in dat verschil tussen het Engelse en Nederlandse "hebben". En Koenens observatie dat het met dat "consumptieve" karakter van "hebben" te maken heeft, slaat de spijker op z'n kop.

Als je kijkt naar de Nederlandse voorbeelden van "hebben" met NP als lijdend voorwerp, dan zie je dat het allemaal zaken betreft die je "overkomen". Honger, dorst, angst en pijn, dat overkomt je allemaal. In het Engels zijn die lijdende voorwerpen allemaal zaken die je "neemt": lunch, koffie, een snack. Het gevolg is in beide gevallen vergelijkbaar: je "hebt" het. Je zou het verschil kunnen samenvatten met: in het Nederlands is "hebben" het gevolg van "krijgen" en in het Engels is "hebben" het gevolg van "nemen".

Hier schiet me een observatie te binnen die ik een aantal jaren geleden deed, toen mijn schoonmoeder tegen me zei: "krijg me eens even een potje jam uit de kelder". Zij gebruikte daar "krijgen" in de betekenis "nemen" met een belanghebbend voorwerp. Deze constructie, die volgens haar in het Maas-en-Waalse taaleigen gebruikelijk was, toont aan dat "krijgen" en "nemen" inderdaad heel dicht bij elkaar liggen.

Wat zijn in deze globale analyse nou de problematische gevallen? Laten we beginnen met de voorbeelden die Koenen zelf geeft: is "lol hebben" en "plezier hebben" inderdaad in het Nederlands consumptief? Met andere woorden, "neem" je lol of plezier, of overkomt het je? Ik zou zeggen: het laatste. Immers, "ik heb plezier" kun je niet combineren met echte "actie-adverbia" als "verwoed" of "met alle geweld". Dat wijst erop dat het onderwerp geen actieve rol speelt.

Maar er zijn ook andere voorbeelden. Waarom kun je zowel in het Nederlands als in het Engels zeggen "to have a cold" of "to have the flu"? Je zou toch zeggen dat ziekte iets is wat je overkomt. Daarmee zou de constructie in het Nederlands wel gerechtvaardigd zijn, en in het Engels niet.

Toch blijkt het "nemen"-aspect ook bij deze combinaties in het Engels, als we ze inchoatief maken: een verkoudheid of de griep krijgen (oplopen) is in het Engels juist "to catch a cold/the flu". Met andere woorden, je "neemt" (vangt) de ziekte, in plaats dat ze je overkomt. Ja, zo kun je er ook tegenaan kijken! En zo ziet het Engels dat blijkbaar.

Zo kan de hypothese dat het Engelse "to have" het resultaat is van "nemen" en het Nederlandse "hebben" het resultaat van "krijgen", de eerste kritische toets doorstaan. Tot nader order nemen we dus aan dat ze correct is.

Maar waar komt nu Koenens weerzin vandaan? Ik denk dat het dit is: de constructie "seks hebben" is niet een "leenvertaling" van het Engelse "to have sex". Natuurlijk niet, want de uitdrukking "gemeenschap hebben" bestaat volgens mij al langere tijd in het Nederlands. En als "hebben" inderdaad het gevolg is van "krijgen" of "overkomen", dan mogen we er zelfs een zekere preutsheid in zien. De uitdrukking "we hebben seks gehad" is dan immers bijna apologetisch te noemen ("we konden er niks aan doen, het overkwam ons gewoon"). Nee, het punt is dat "seks hebben" een *verkeerde* vertaling is van het Engelse "to have sex". Immers, het Engelse "to have sex" betekent dus eerder "seks nemen" dan "seks hebben". Vertaal je "I had sex" met "ik heb seks gehad", dan misken je de actieve rol van het subject. Is dat soms waar Clintons juristen over bekvechten? Als de president geen actieve rol heeft vervuld, is er in het Engels helemaal geen sprake van "having sex"!

Ten slotte de vraag welke opvatting ten aanzien van seks nou "verwrongen" is: die waarin je seks "neemt", als een snoepje, en in het volle bewustzijn van je bezigheden, of die waarin seks je "overkomt", als pech (of geluk), en waar je dus bij voorkeur geen actieve rol in vervult? Helaas kan de taalkunde deze vraag niet oplossen. Zij kan hem alleen helder stellen.

Peter-Arno Coppen


[Dit nummer][Alle Miniatuurtjes]