9905.18 Terug
Vooruit 9905.b

Med: 9905.19

Date: Sat, 15 May 1999 00:44:46 +0200
From: Marja Westerveld, via Piet.Verkruijsse@hum.uva.nl
Subject: Med: 9905.19: 30ste Poetry International Festival van za 12 - vr 18 juni 1999 te Rotterdam

30ste POETRY INTERNATIONAL FESTIVAL
12 tot en met 18 juni 1999
Rotterdamse Schouwburg

Poetry International, dat ieder jaar garant staat voor een poëziefestival met wereldvermaarde dichters èn nieuwe ontdekkingen, viert dit jaar zijn dertigste verjaardag. Daarom is het festival van 1999, dat tevens het laatste van deze eeuw zal zijn, extra groots en feestelijk van opzet. Een week vol unieke optredens, lezingen, interviews, discussies, vertaalprojecten, theatrale acts, films en muziek. Een kleine greep uit het programma:

De Mongoolse dichter en leider van het schriftloze volk der Toevenen, Galsan Tschinag, opent - zoals Charles Simic en Les Murray dat de afgelopen jaren deden - het festival met zijn 'Verdediging van de poëzie'. Daarna zullen akrobaten, muzikanten, jongleurs en dansers een keur van internationale dichters ondersteunen in een wervelend en kleurrijk music-hallprogramma, als een hommage aan de eerste moderne twintigste-eeuwse dichter in het Nederlandse taalgebied, Paul van Ostaijen.

Speciale aandacht is er voor twee contrasterende eilandculturen: het festival presenteert het beste uit de hedendaagse IJslandse poëzie (met o.a. Björk-tekstschrijver Sjón, en het performancefenomeen Didda), en uit de hedendaagse Caribische poëzie (met o.a. Édouard Glissant en Kamau Brathwaite).

Vijf dichters jonger dan het festival treden op in een opwindende 'poetry slam' en de twee grootste Nederlandstalige dichters van onze tijd, Hugo Claus en Gerrit Kouwenaar, staan centraal in een aan hen gewijd programma. Ook zijn er programma's rond het werk van de vorig jaar overleden Zbigniew Herbert en rond de tweehonderdste geboortedag van Alexander Poesjkin. Vertaalprojecten worden gewijd aan de poëzie van de Kroatische dichter Slavko Mihalic en van Willem Jan Otten.

Het laatste festival van de eeuw besluit met een programma waarin dichters uit alle windstreken een museum voor de twintigste-eeuwse poëzie inrichten: ieder leest een gedicht uit zijn/haar taal dat mee moet de volgende eeuw in.

Van maandag 14 tot en met donderdag 17 juni zal simultaan worden geprogrammeerd in de twee zalen van de Rotterdamse Schouwburg. Op de overige dagen (12, 13 en 18 juni) is alleen de grote zaal in gebruik. De programma's beginnen om 16.00 uur (in de tuin van de Schouwburg), 20.00 uur en 21.30 uur. De toegang bedraagt per avond NLG 17,50/12,50 (CJP/Pas 65/RotterdamPas). Een passe-partout kost NLG 70,-/f 50,-. De middagprogramma's zijn gratis.

Een uitgebreide gratis programmakrant en de festivalcatalogus (met informatie over en gedichten van alle dichters) zijn vanaf half mei beschikbaar. Voor meer informatie: Stichting Poetry International, William Boothlaan 4, 3012 VJ Rotterdam t.a.v. Marja Westerveld, pr-medewerker, tel. 010-2822777.

Overzicht hoofdprogramma's

  • 'Defense of poetry' door Galsan Tschinag
    Sinds 1997 opent het Poetry International Festival met een 'verdediging van de poëzie'. Na de Amerikaanse dichter Charles Simic en de Australische dichter Les Murray, zal dit jaar een dichter uit Mongolië de openingslezing houden. Galsan Tschinag (1944) is de jongste zoon van een nomadische veehouder. In de jaren zestig studeerde hij in Leipzig, reden waarom hij het Duits als de taal van zijn boeken koos - zijn moedertaal, het Toeveens, kent geen schrift. Tschinag is het stamhoofd van de Toevenen. In 1994 leidde hij zijn volk, dat in de loop van de eeuw verstrooid was geraakt en her en der rond de hoofdstad Ulaanbaatar was gaan leven, in een grote karavaan terug naar het oorspronkelijke gebied in de Altaj, het hooggebergte in het westen van Mongolië. Hij is een zanger, verteller en dichter in de oude traditie - een nomade in de nieuwe tijd, die met het ene been in een oeroude samenleving en met het andere in de moderne wereld leeft, een bruggenbouwer tussen nomadenland en avondland. 'Wij hebben twintig oren en één mond,' zegt Tschinag, waarmee hij aangeeft hoe kostbaar woorden voor hem zijn. In zijn verdediging van de poëzie zal hij ingaan op die kostbaarheid van taal en de bijzondere kracht van poëzie.
  • Dertig jaar Poetry International: jubileumactiviteiten
    In 1999 vindt het Poetry International festival voor de dertigste keer plaats. Sinds het bescheiden, maar geïnspireerde begin in 1970, is het festival in de loop der jaren uitgegroeid tot het grootste en belangrijkste jaarlijkse poëziefestijn in Europa en tot een internationaal ontmoetingspunt voor dichters en poëzieliefhebbers van over de hele wereld. Met een verrassende presentatie van hoogtepunten uit 30 jaar Poetry en met een spectaculaire poetry slam zullen zowel het heden, als het verleden en de toekomst van het festival en - vooral - van de poëzie op een feestelijke manier aan de orde komen.
  • Luistermuren: hoogtepunten uit 30 jaar Poetry International
    Met de 'Luistermuren' van kunstenaar Chaim Levano hebben de bezoekers van het festival toegang tot de hoogtepunten uit dertig jaar Poetry International. In de entreehal van de Rotterdamse Schouwburg zal een drietal kleurige muren worden opgesteld, waarvan de zijden in totaal een zeventigtal 'sprekende monden' bevatten. Hieruit zijn de stemmen te horen van onder anderen: Elisabeth Bishop, Joseph Brodsky, Cees Buddingh', Hugo Claus, Hans Faverey, Maurice Gilliams, Seamus Heaney, Zbigniew Herbert, Miroslav Holub, Robert Lowell, Lucebert, Czeslaw Milosz, Pablo Neruda, Octavio Paz, Paul Rodenko, Wole Soyinka en Tomas Tranströmer. Ook Nederlandse vertalingen van de in de oorspronkelijke talen klinkende gedichten zullen uit de monden te horen zijn.
  • Poetry Slam
    Vijf dichters jonger dan het festival zullen onder leiding van een DJ optreden tijdens een spectaculaire 'poetry slam'. De 'poetry slam' is een vorm van poëzievoordracht die in het club- en café-circuit van Chicago is ontstaan, naar het voorbeeld van boks- en worstelwedstrijden, en ook in Europa snel aan populariteit heeft gewonnen. Tijdens een 'slam' proberen verschillende dichters elkaar in een aantal ronden te overtroeven met de kracht van hun woorden en voordracht. Het publiek laat door aanmoedigingen of boegeroep weten wie van de dichters doorgaat naar een volgende ronde en uiteindelijk wint. Inmiddels hebben de 'slams' geleid tot een nieuw genre: de zogenaamde 'slam poetry', en tot een nieuwe stijl van voordragen, terwijl het wedstrijdelement een minder belangrijke rol is gaan spelen. De 'slam'-dichters die tijdens het Poetry International Festival (èn in een speciaal middagprogramma voor scholieren) optreden, zullen zorgen voor een flitsend en enerverend poëziespektakel in de 'slam'-stijl.
  • Het laatste festival van de twintigste eeuw
    Omdat het dertigste festival het laatste festival in de twintigste eeuw is, zullen dichterlijke hoogtepunten van die afgelopen eeuw in het programma een plaats krijgen.
  • Hedendaagse Music-Hall
    De dichters dragen hun werk voor in het cabaret. Dat was het ideaal van Paul van Ostaijen, die met zijn debuutbundel 'Music-Hall' het begin van de moderne, twintigste-eeuwse poëzie inluidde. Poetry International besluit de eeuw met een hommage aan het begin ervan. Een bonte wemeling van akrobaten, jongleurs en danseresjes en een keur van internationale dichters treedt op in een hedendaags music-hallprogramma. Het jazztrio Janssen Glerum Janssen zet, kranig en vast, een razende dans in.
  • Drie toppen van de twintigste-eeuwse poëzie
    Drie dichters vertellen elk over een gedicht uit de poëzie van de afgelopen eeuw dat op hen een diepe indruk heeft gemaakt. Cees Nooteboom spreekt over een gedicht van Gottfried Benn, Lorna Goodison over een gedicht van Derek Walcott, en Alvaro Mutis over een gedicht van K.P. Kafavis.
  • Museum van de twintigste-eeuwse poëzie
    Minder goede gedichten blijven historisch, persoons- en tijdsgebonden. Zij zullen niet meegaan over de eeuwgrens. "Grote gedichten", stelde Kees Fens daarentegen terecht vast, "gaan zich steeds meer voegen in het geheel van de poëzie." Het laatste festival van de eeuw besluit met een programma waarin dichters uit alle windstreken een museum voor de twintigste-eeuwse poëzie inrichten; ieder leest een van de grote gedichten uit zijn/haar taal die de eeuwgrens over zullen gaan.
  • Dichtersschimmen
    Niet alleen levende dichters loopt u tijdens het festival tegen het lijf, ook dichters uit het verleden zullen ter gelegenheid van het laatste festival van de eeuw uit het schimmenrijk terugkeren om u toe te spreken. Emily Dickinson, Anna Achmatova, Alexander Poesjkin, Herman Gorter, J.W. Goethe, Fernando Pessoa, Federico García Lorca en Sappho waren rusteloos rond in de foyers van de Rotterdamse Schouwburg. Zij hebben de gedaante aangenomen van een achttal acteurs van de Arnhemse Toneelschool. De regie van dit schimmenspel ligt bij Peter Sonneveld.
  • Hedendaagse IJslandse poëzie
    Met zijn afgelegen ligging, zijn onherbergzame klimaat en natuur, en zijn grote literaire verleden heeft IJsland door de eeuwen heen tot de verbeelding van dichters gesproken. Vergilius beschrijft het al als 'Ultima Thule', een onbereikbaar, mythisch eiland aan het einde van de wereld. En in onze eeuw raakten onder anderen J.L. Borges en W.H. Auden dermate gefascineerd door het eiland, dat zij er herhaaldelijk over schreven. Daarnaast is IJsland van oudsher een eiland van dichters en poëzielezers. Tot op de dag van vandaag zijn de meest geliefde schrijvers op het eiland dichters, en tot het begin van deze eeuw was de IJslandse cultuur zelfs vrijwel uitsluitend een poëtische cultuur. Als gevolg van de achtereenvolgende overheersingen door Noorwegen en Denemarken was het toch al geïsoleerde eiland eeuwenlang zo goed als afgesloten van de politieke en culturele ontwikkelingen op het continent. Men koesterde de eigen taal, en de grote nationale gedichten als de Saga's en de Edda, die aan het eind van de middeleeuwen ontstonden, als het onvervreemdbaar erfgoed uit een 'Gouden Tijd'. Hierdoor ontstond in de loop van de tijd een romantische, sterk nationalistisch getinte dichtkunst, geïnspireerd op de oude vormtradities. Pas na de Tweede Wereldoorlog drong het internationale modernisme krachtig tot het eiland door, wat tot een opbloei van de andere kunsten leidde en tot een revolutie in de IJslandse poëzie. Onder invloed van dichters als Lorca, Eliot en Pound werden de oude vormen en thema's plotseling losgelaten, met alle felle discussies en polemieken tot gevolg. Inmiddels is de IJslandse poëzie individualistisch en meerstemmig als overal elders, al heeft ze een geheel eigen sfeer en speelt de traditie, meer dan ergens anders, nog altijd een grote rol. In de dertigjarige geschiedenis van Poetry International trad nooit een dichter uit IJsland op tijdens het festival. Dit jaar wordt speciale aandacht besteed aan de IJslandse poëzie: op 17 juni, de dag waarop de IJslanders hun onafhankelijkheid vieren, zullen vijf van de belangrijkste hedendaagse IJslandse dichters optreden, onder wie Sjón, die ook de tekstschrijver van Björk is.
  • De Nieuwe Wereld van de Caribische poëzie
    De Caribische zee heeft vele dichters voortgebracht, onder wie zelfs twee Nobelprijswinnaars, in 1960 Saint-John Perse en in 1992 Derek Walcott. De geschiedenis van kolonialisme en slavernij, van het verzet daartegen en van de uiteindelijke dekolonisatie en diaspora, heeft ertoe geleid dat in de Cariben een opzienbarende hoeveelheid talen wordt gesproken: naast verschillende varianten van het Creools en verschillende Europese talen (Frans, Engels, Spaans, Nederlands), ook nog het Papiaments en diverse pidgintalen. De mengeling van literaire invloeden uit Europa, Afrika en Noord-Amerika zijn door Derek Walcott vergeleken met de resten van een Oude Wereld, die aan de stranden van een Nieuwe Wereld zijn aangespoeld. De Caribische dichter is een Robinson Crusoe die deze resten niet als wrakstukken van zich af werpt, maar ze gebruikt om iets nieuws van te maken. Hij laat zich niet ketenen aan het verleden noch aan een geloof in de vooruitgang, maar verkiest een vervloeiende, samengestelde, gefantaseerde identiteit en een poetica van tegenwoordigheden, van plaats; waarin de Caribische vulkanen, koralen, orkanen en stranden een grote rol spelen. Met name dankzij drie lange epische gedichten - 'Les Indes' (1955) van Édouard Glissant, 'Omeros' (1990) van Derek Walcott en 'Turner' (1994) van David Dabydeen - is die Nieuwe Wereld in de internationale poëzie een belangrijke plaats in gaan nemen. Glissant en Dabydeen zijn op het festival te gast, samen met drie andere groten uit de Caribische poëzie: Kamau Brathwaite, Lorna Goodison en Olive Senior.
  • Een programma rond het werk van Zbigniew Herbert (1924-1998)
    De vorig jaar overleden Pool Zbigniew Herbert behoort tot de grote twintigste-eeuwse dichters van wie de ideeën de glans van het universele hebben en moeiteloos de grenzen van hun eigen cultuur overstijgen. Zijn bewogen, filosofisch en historisch georiënteerde gedichten werden dan ook in bijna alle Europese talen vertaald, en zijn van grote invloed gebleken op talloze hedendaagse dichters. In juni 1999 verschijnen Zbigniew Herberts 'Verzamelde gedichten' bij uitgeverij De Bezige Bij, in de vertaling van Nijhoffprijswinnaar Gerard Rasch. Het is de eerste complete uitgave van Herberts poëzie ter wereld. Rond de presentatie van dit monumentale boek aan de Poolse ambassadeur organiseert Poetry International een programma waarin een aantal bekende dichters hun favoriete Herbert-gedicht voorleest en iets over de dichter en zijn invloed op hun werk vertelt. Verder zullen er geluidsopnamen van voordrachten van Zbigniew Herbert te horen zijn en muziek die een rol in zijn werk speelt, en wordt er een unieke film van de Duitse documentairemaaktster Leonore Ditzen vertoond, gemaakt tijdens een verblijf van de dichter in Berlijn, eind jaren zestig.
  • Twee grootmeesters van de Nederlandstalige poëzie: Hugo Claus en Gerrit Kouwenaar
    Op het festival zullen twee van de belangrijkste en invloedrijkste dichters uit het Nederlandse taalgebied, die in hun werk tevens twee volstrekte tegenpolen zijn, centraal staan in een speciaal programma. Hugo Claus leest voor uit zijn nieuwe bundel 'Wreed geluk', die vlak voor het festival verscheen, en gaat met criticus en essayist Cyrille Offermans in gesprek over zijn werk. Gerrit Kouwenaar, van wie in 1998 'Helder maar grijzer. Gedichten 1978-1996' en 'Een glas om te breken' verschenen, spreekt met criticus Hans Groenewegen en leest voor uit zijn recente werk.
  • Meelezen
    Poetry International biedt het festivalpubliek een vervolg op de spoedcursus poëzielezen van vorig jaar. Geen betere persoon om een gedicht mee te lezen dan een goede vertaler, want vertalen betekent uiterst precies lezen. Drie vertalers - John Irons, Hans Boland en Gerard Rasch - lezen met het publiek een gedicht van een dichter van het festival die door hen is vertaald.
  • C. Buddingh'-prijs voor nieuwe Nederlandstalige poëzie
    Een drie- of viertal dichtbundels zal door de jury van de C. Buddingh'-prijs voor Nieuwe Nederlandse Poëzie 1999 - bestaande uit Yra van Dijk, Peter de Boer en Gillis Dorleijn - worden uitgeroepen tot de mooiste van de in totaal 25 debuten van het afgelopen jaar. Een speciaal programma rond de uitreiking van de prijs biedt het festivalpubliek de bijzondere gelegenheid met deze veelbelovende nieuwe dichters kennis te maken. Zij dragen voor uit hun genomineerde debuut en een vermaard dichter gaat kort met ieder van hen in gesprek, waarna de prijswinnaar bekend zal worden gemaakt.
  • De tweehonderdste geboortedag van Alexandr Poesjkin
    Alexandr Poesjkin (1799-1837) wordt in Rusland 'de Zon van onze Literatuur' genoemd. Nog steeds kent iedere Rus gedichten van hem uit het hoofd. Zijn werk is van grote invloed geweest, en niet alleen op vele Russische schrijvers. In Nederland is hij merkwaardig genoeg veel minder bekend dan zijn literair nageslacht. Op 26 mei 1999 is het tweehonderd jaar geleden dat Poesjkin werd geboren. Ter gelegenheid van dit feit zal Hans Boland - vertaler en biograaf van Poesjkin - samen met fotograaf Gerrit Oorthuys in de Rotterdamse Schouwburg een kleine Poesjkin-expositie inrichten. Op de expositie zal een reportage te horen zijn van VPRO-radio over leven en werk van Poesjkin en over de plekken in Petersburg die aan hem herinneren. Hans Boland zal daarnaast samen met geluidskunstenaar Mat Wijn een hoorspelversie brengen van een van Poesjkins gedichten.
  • Onvertaalbare gedichten
    Alle landen en talen hebben hun eigen specifieke woorden, cultureel bepaalde achtergronden en sfeer. Daardoor zijn sommige zaken wellicht niet of nauwelijks in een andere taal uit te drukken. Acht dichters uit verschillende landen lezen een volgens hen onvertaalbaar gedicht van zichzelf voor en proberen uit te leggen waarom dat gedicht niet in een andere taal is over te brengen.
  • Vertaalprojecten gewijd aan Slavko Mihalic en Willem Jan Otten
    Dichters die te gast zijn op het festival vertalen tijdens een aantal sessies werk van twee van hun collega's naar hun eigen taal. De resultaten worden op de laatste dag van het festival gepresenteerd tijdens een gratis toegankelijk programma in de tuin van Café Floor.
    Poetry International wijdt een vertaalproject aan het in Nederland nog onbekende werk van Slavko Mihalic (Karlovac, 1928). Mihalic geldt als de belangrijkste naoorlogse dichter in Kroatië. Naast verhalen, essays en toneel, publiceerde hij negentien bundels gedichten waarvan sommige in zijn land al voor klassiek doorgaan. Zijn poëzie werd in talloze talen vertaald. Grote verzamelbundels verschenen onder andere in Amerika, Canada, Duitsland, Polen en Hongarije. Het vertaalproject staat onder leiding van Nada Pinteric en Roel Schuyt.
    Willem Jan Otten zweeg na zijn zevende bundel 'Paviljoenen' ruim zeven jaar als dichter. In 1998 publiceerde hij de omvangrijke en indrukwekkende bundel 'Eindaugustuswind'. Onder leiding van Francis Jones wordt ook aan het werk van Otten een vertaalproject gewijd.
  • Doorfluisteringen
    Het wezen van de poëzie is dat wat bij vertaling verloren gaat, heeft de Amerikaanse dichter Robert Frost ooit gezegd. Wanneer de vertaler zich concentreert op het evenaren van klank en ritme van het origineel, gaan betekenissen verloren, en omgekeerd gaat het vasthouden aan de betekenissen meestal ten koste van de taalmuziek. Het is de taak van de vertaler de verliezen zoveel mogelijk te beperken. Wat de gevolgen van vertalen kunnen zijn, wordt gedemonstreerd in het project Doorfluisteringen, waarin dit jaar een gedicht van Hugo Claus van de ene taal naar de andere taal zal worden overgezet, om op de slotdag van het festival terug te keren in het Nederlands.
  • Poetry in the Afternoon (gratis middagprogramma's)
    Op 14, 15, 16 en 17 juni zullen gratis toegankelijke middagprogramma's plaatsvinden in de tuin van Café Floor. Dichters van het festival geven alvast een voorproefje van wat er in de avondprogramma's te genieten zal zijn en gaan op informele wijze in gesprek over verschillende thema's: de Nieuwe Wereld en de Caribische poëzie, poëzie en de zoektocht naar het nieuwe, poëzie en gehoor, poëzie en de traditie.

Deelnemende dichters Poetry International 1999

Anneke Brassinga (Nederland), Kamau Brathwaite (Barbados), Nina Cassian (Roemenië), Chen Li (Taiwan), Hugo Claus (België), David Dabydeen (Guyana), Vilborg Dagbjartsdóttir (IJsland), Didda (IJsland), Anne Feddema (Nederland,Friesland), Édouard Glissant (Martinique), Lorna Goodison (Jamaica), Robert Gray (Australië), Durs Grünbein (Duitsland), Haji Gora Haji (Zanzibar), Ismail Kadare (Albanië), Brendan Kennelly (Ierland), Gerrit Kouwenaar (Nederland), Alexander Leontjev (Rusland), Thomas Lynch (Verenigde Staten), Hanny Michaelis (Nederland), K. Michel (Nederland), Slavko Mihalic (Kroatië), Alvaro Mutis (Colombia), Cees Nooteboom (Nederland), Baldur āskarsson (IJsland), Albert Ostermaier (Duitsland), Willem Jan Otten (Nederland), Miquel de Palol (Spanje, Catalonië), Olive Senior (Jamaica), Sjón (IJsland), Paulo Teixeira (Portugal), Galsan Tschinag (Mongolië), Linda Vilhjálmsdóttir (IJsland), Elly de Waard Nederland), Adam Zagajewski (Polen). Poetry slam: Bastian Böttcher (Duitsland), Ruben van Gogh (Nederland), Hagar Peeters (Nederland), Boris Preckwitz (Duitsland), Tracy Splinter (Zuid-Afrika).


[Dit nummer][Agenda]