0211.29 Terug
Vooruit 0211.31

Rea: 0211.30

Date: Fri, 15 Nov 2002 18:24:01 +0100
From: Jac Aarts <j.aarts@chello.nl>
Subject: Rea: 0211.30: Respect voor de lezer. Reactie van Jac Aarts op: Marc van Oostendorp, De nederlandse spellingschaos (Neder-L 0211.02)

Respect voor de lezer
Reactie van Jac Aarts op: Marc van Oostendorp, De nederlandse spellingschaos (Neder-L 0211.02)

Is het verstandig om door middel van een ingezonden brief te reageren op een nogal provocerend geschreven column ? Nee, meestal niet. Columnisten is het er immers om te doen hun mening krachtig door te geven. Nuances komen in andere tekstsoorten beter tot hun recht.
In dit geval echter wil ik toch reageren omdat Marc van Oostendorp iets doet waar mijn eigen leraar Nederlands mij (en de andere kindertjes) al dertig jaar geleden voor waarschuwde: hij verwart de begrippen 'taal' en 'spelling'. In het begin van zijn betoog gaat het nog over spelling, maar later spoort hij ons aan Mulisch en Hermans te lezen, niet omdat hun spelling zo goed is maar omdat hun taalhantering op hoog niveau staat: het zijn "goede en succesvolle schrijvers". Lees dus minder Renkema en meer Hermans, zegt Marc.
Er staan nog meer kreten in zijn column. Ik zal ze hier even met uitroeptekens aangeven. Het hele instituut van de officiële spelling dient geen enkel doel ! Spellingregels moeten worden afgeschaft ! Spelling bestaat uit de willekeurige regeltjes van taalkundigen ! Lang leve het
taalanarchisme !
"Effe dimmen", zou een bekend politicus zeggen. Ik krijg de indruk dat Marc zijn hele betoog met één krachtige ruk uit zijn toetsenbord gesleurd heeft. Dat lucht op ! Het heeft een boeiend betoog opgeleverd, dat wel, maar de nuances zijn helaas vergeten.
Ik zal me in deze reactie beperken tot één aspect: het al kort aangeduide verschil tussen taal en spelling. Marc haalt die twee dingen door elkaar. Hij maakt daarmee een elementaire fout.


Om dat uit te leggen neem ik u even mee, terug in de tijd. Breda, midden jaren zestig. Ik was toen een knaapje van een jaar of vijftien. Provo's en marxisten eisten de aandacht op maar het ging grotendeels aan me voorbij: ik was er net iets te jong voor. Wel maakten de lessen Nederlands grote indruk op mij. Ik herinner me nog als de dag van gisteren hoe de leraar Nederlands duidelijk aangaf eigenlijk tegen z'n zin op spelling te moeten letten. Tegen z'n zin ? Ja want, zei hij, spelling is niet meer dan een afspraak die we met z'n allen maken. Het heeft op zichzelf weinig (of zei hij: niets ?) met taal te maken. Vergelijk het maar met notenschrift en muziek: de muziek, daar gaat het om, dat notenschrift is alleen maar een manier van noteren. Niet meer, maar ook niet minder, en zo is het met taal ook. Je kunt uitstekend met taal bezig zijn op hoog niveau, zonder iets van spelling te weten. Je kunt ook muziek maken zonder het notenschrift te beheersen. Laten we toch in godsnaam die dingen eens uit elkaar houden ! Dat zei hij. Het zijn ware woorden. Spelling is een sociale afspraak, terwijl taal een fascinerend en zeer gecompliceerd menselijk vermogen is.

Nu, veertig jaar later, zien we dit misverstand weer. Niet alleen bij gewone taalgebruikers, maar dus ook bij professionele taalkundigen. Moeten we Hermans en Mulisch lezen ? Zeker, maar niet omdat hun spelling zo goed is.
En moeten 'de' spellingregels worden afgeschaft ? Is het hele Groene Boekje onzin ? Naar mijn mening niet. Ik wil graag toegeven dat er belangrijker zaken zijn dan de schrijfwijze van 'ziele(n)rust' maar zeg erbij dat dat maar een detailkwestie is. Laten we niet doen alsof de hele spelling van het Nederlands slecht geregeld is.
Ik vind dat er regels moeten zijn in het geschreven taalverkeer omdat die regels de communicatie bevorderen. Wie iets schrijft met het oog op publicatie, moet rekening houden met z'n lezer. Respect voor de lezer, dat is waar het om draait.
Zou het de communicatie bevorderen als elke taalgebruiker z'n eigen spellingregels zou maken ? Nee, dat lijkt me niet. Daarom is het goed dat er afspraken zijn op het gebied van de spelling van woorden, inclusief interpunctie. Ik denk dat er bij spellingvrijheid veel meer verschillen zullen ontstaan dan het inderdaad marginale 'product' of 'produkt'. En wat werkwoordspelling betreft kan bijvoorbeeld een d of een t een duidelijk verschil uitmaken. Als je op een winkelruit 'kapsalon verhuisd naar Kerkstraat 29 b' ziet staan, is dat iets heel anders dan 'kapsalon verhuist naar Kerkstraat 29 b'. Hetzelfde geldt voor vreemde woorden. Om maar een bekend voorbeeldje te geven: wordt de communicatie beter als de een 'eau de cologne' schrijft en de ander 'odeklonje' ? Het lijkt me niet. En leestekens ? Interpunctie kan een prachtig instrument zijn om in teksten je bedoeling duidelijk te maken. Soms is het zelfs het enige: we hoeven Marc niet het verschil uit te leggen tussen een beperkende en uitbreidende bijvoeglijke bijzin.


Overigens ben ik zelf geen spellingmaniak. Ik ben ook geen schoolmeester die anderen beoordeelt op hun spelfouten. Wel weet ik op grond van een jarenlange ervaring als eindredacteur hoe teksten geschreven moeten worden, namelijk: met het oog op de lezer. Het kan mij eigenlijk niets schelen hoe we bovengenoemd reukwatertje schrijven, maar ik vind het wel belangrijk dat wij - de taalgebruikers - dat allen op dezelfde wijze doen.

Kort samengevat, Marc is dus geen taalanarchist maar een spellinganarchist. Dat mag, al is het niet mijn keuze en al had hij het wel wat genuanceerder mogen formuleren.


Jac Aarts


-------------------------------------------
www.berrot.nl/aarts
Lees drie maal daags de Bomans Krant
en uw stress verdwijnt als sneeuw voor de zon
http://members.ams.chello.nl/j.aarts


[Dit nummer]