| 0303.15 |
|
|
|
0303.17 |
|
Rub: 0303.16
Date: Tue, 25 Mar 2003 17:35:14 +0100
Hora est!Donderdag 13 maart 2003, Rijkuniversiteit GroningenMevrouw L.L. Sabourin: 'Moedertaal legt ondergrond voor verwerving vreemde taal'. Promotor: prof. dr. G.J. de Haan.
Maandag 31 maart 2003, Katholieke Universiteit Nijmegen.
Momenteel leven in Kenia en Uganda zoïn 25.000 Nubi-sprekers.
Nubi wordt over het algemeen een Arabische creooltaal genoemd:
Arabisch, want zoïn 90 procent van de woordenschat is van
Arabische oorsprong (Egyptisch en Sudanees Arabisch), en een
creooltaal, omdat vele kenmerken van structuur, ontstaan en
ontwikkeling lijken op die van bekende creooltalen. Het
proefschrift van mevr. Wellens biedt een beschrijving van het
Nubi zoals het nu wordt gesproken in verschillende delen van
Uganda, inclusief historische en taalkundige
achtergronden.
Donderdag 10 april 2003, Katholieke Universiteit Nijmegen.
Donderdag 24 april 2003, 15.45 uur, Vrije Universiteit Amsterdam.
In deze studie staat het taalgebruik van de klerken van de
graaf van Holland (1300-1340) centraal. Waar komen de klerken
die werkzaam waren binnen de Hollandse grafelijke kanselarij
dialectaal gezien vandaan? Hoewel de graaf en de grafelijke
kanselarij aan het begin van de veertiende eeuw nog ambulant
waren, bevonden zij zich ook vaak in Den Haag. De lokalisering
van het dialect van de klerken vindt plaats met behulp van een
op de computer ontwikkelde lokaliseringsprocedure.
Dialectvarianten van grafelijke scribenten worden vergeleken
met overeenkomstige varianten uit 2700 veertiende-eeuwse
oorkonden. Deze oorkonden zijn afkomstig uit het gehele
Middelnederlandstalige gebied. De ontwikkelde
lokaliseringsmethode kan overigens ook ingezet worden om
andere veertiende-eeuwse teksten van onbekende herkomst te
lokaliseren.
Uit het onderzoek blijkt onder andere dat het dialectgebruik
binnen de kanselarij in haar geheel lijkt op het
dialectgebruik in het zuiden van Holland. Vooral in Dordrecht
wordt een hoge mate van overeenkomst gemeten. Dit hoeft ons
niet te verbazen, omdat ook al uit eerder, niet-taalkundig,
onderzoek is gebleken dat er rechtstreekse verbanden zijn
tussen de kanselarij en Dordrecht. Zo is de grafelijke klerk
Melis Stoke werkzaam geweest in Dordrecht, voordat hij in
grafelijke dienst kwam. Wanneer we het dialect van de klerken
afzonderlijk analyseren dan blijkt dat de ene klerk wat
zuidelijker georiënteerd is dan de andere. Alle
scribenten hebben echter een westelijk profiel. De klerken
bezitten allemaal multidialectale vaardigheden. Hiermee wordt
bedoeld dat ze ieder in meer of mindere mate gebruik maken van
dialectvarianten uit (ver) uiteenliggende gebieden. Daarnaast
blijkt onder meer dat er al een kanselarijtaal tot
ontwikkeling komt.
Dit boek, met veel foto's van oorkonden en dialectkaarten, is
een aanrader voor iedereen die geïnteresseerd is in het
Middelnederlands, de geschiedenis van de Nederlandse taal,
corpusanalyse en het lokaliseren van Middelnederlandse
teksten. Daarnaast heeft deze studie ook veel te bieden voor
een ieder die belangstelling heeft voor de geschiedenis van
Holland, de Hollandse grafelijke kanselarij en Middeleeuwse
schrijfcentra in het algemeen.
Het fraai uitgevoerde boek (EUR 50,00 excl. verzendkosten) is
te bestellen bij de Stichting Neerlandistiek VU, Faculteit der
Letteren, Vrije Universiteit, De Boelelaan 1105 1081 HV
Amsterdam (ISBN 90-72365-73-9), of bij Nodus Publikationen,
Postfach 5725, D-48031 Münster. (Het Duitse ISBN is
3-89323-447-0.)
|