0409.26 Terug
Vooruit 0409.28

Lit: 0409.27

Date: Thu, 30 Sep 2004 20:11:58 +0200
From: Jan Noordegraaf <j.noordegraaf@let.vu.nl>
Subject: Lit: 0409.27: Pas verschenen: Taal in verandering. Artikelen aangeboden aan Arjan van Leuvensteijn bij zijn afscheid van de opleiding Nederlandse Taal en Cultuur aan de Vrije Universiteit Amsterdam, geredigeerd door S. Daalder, T. Janssen en J. Noordegraaf. (Amsterdam/Münster, 2004)

Pas verschenen

Taal in verandering. Artikelen aangeboden aan Arjan van Leuvensteijn bij zijn afscheid van de opleiding Nederlandse Taal en Cultuur aan de Vrije Universiteit Amsterdam, geredigeerd door Saskia Daalder, Theo Janssen en Jan Noordegraaf. Amsterdam: Stichting Neerlandistiek VU / Münster: Nodus Publikationen, 2004. (Nederlandse) ISBN 90-72365-81-X of (duitse) ISBN 3-89323-744-5. 214 pagina's, EUR 25 (excl. verzendkosten).
Vandaag, 30 september 2004, heeft dr. Arjan van Leuvensteijn afscheid genomen van de opleiding Nederlandse Taal en Cultuur aan de Vrije Universiteit te Amsterdam, waaraan hij vele jaren verbonden is geweest. Bestudering van 'taal in verandering' is in het werk van Van Leuvensteijn het leidmotief geweest. Dat is het ook in de artikelen die hem in een afscheidsbundel werden aangeboden door 23 vakgenoten met wie hij in zijn onderwijs of onderzoek heeft samengewerkt. Het boek Taal in verandering. Artikelen aangeboden aan Arjan van Leuvensteijn bij zijn afscheid van de opleiding Nederlandse Taal en Cultuur aan de Vrije Universiteit Amsterdam, geredigeerd door Saskia Daalder, Theo Janssen en Jan Noordegraaf, bestaat uit vier afdelingen (elk met een ordening in de tijd terug). De inhoud is als volgt.

1. Standaardtaal in verandering.
Maarten van den Toorn signaleert veranderingen die zich 'in het geniep' voltrekken: het gebruik van het suffix -er als in geboorte-golvers en wilde-busser en samenstellingen als roerbakken en werkstuderen.
Joop van der Horst bespreekt want-constructies als in slordig, want geen tijd meer en wegens-constructies als in geweigerd wegens te gecompliceerd.
In Hang de was buiten en het gaat regenen ziet Ronny Boogaart een temporeel-conditioneel verband: 'en als je dat doet, kun je er donder op zeggen dat ...'.
Fons Moerdijk en Rob Tempelaars gaan na of er Engelse invloed is op de niet-verbonden schrijfwijze van samenstellingen. Fout gespelde toppers zijn managementteam en goedgetraind.
Marijke Mooijaart bespreekt lexicogafische termen in het Woordenboek der Nederlandsche Taal, die veranderd zijn sinds de eerste aflevering van 1864.

2. Ouder Nederlands in verandering.
Theo Janssen wijst op woordvolgordewijzigingen in de edities van Max Havelaar (1860-1881): ze lijken beïnvloed te zijn door Dekkers lange verblijf in Duitsland.
Marijke van der Wal toont aan dat de door-bepaling ter aanduiding van het handelend voorwerp in passieve zinnen dominant wordt in de negentiende eeuw. Voordien waren van-, bi/bij- en met-bepalingen zeker zo gebruikelijk.
Saskia Daalder bespreekt de lotgevallen van De reizigers worden verzocht.
Tanneke Schoonheim bespreekt de semantische ontwikkeling van het woord stank, dat in de twaalfde eeuw de aanduiding wordt van een onwelriekende geur.
Volgens Willy Pijnenburg gaat zeelt terug op een woord dat 'genezer' betekent, wat past bij "zeelt die aller Visschen Medecyn- meester is".
Piet van Sterkenburg betoogt dat benamingen van de bloedzuiger als wrattenbijter en blarenbijter door de standaardtaalvorm verdrongen zijn.

3. Nederlandse dialecten in verandering.
Cor van Bree behandelt twee in Zuid-Holland gebruikte pronomina: -ie van de tweede en -d/tie van de derde persoon.
Ann Marynissen laat zien dat de slot-e in Middelnederlandse woorden als kerke > kerk naast coster > costere soms weggelaten, soms toegevoegd wordt, met sporen daarvan in huidige familienamen.
Vanuit methodologisch perspectief behandelen Karina van Dalen- Oskam, Margit Rem en Evert Wattel de opkomst van het woord bezegelen in de veertiende eeuw.

4. Taalcultuur en taalpolitiek in verandering.
Agnes Sneller wijst op de genderideologie in onze woordenschat.
In Jan Noordegraafs bijdrage geven twee taalkundigen rond 1875 hun visie op taalverandering, en wel die van Kaaps-Hollands tot Afrikaans.
Roland Willemyns en Jetje de Groof oordelen positief over Willem I's politiek om in het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden Nederlands te erkennen als enige officiële taal.
Volgens Els Ruijsendaal zijn Vlaams, Duits en Nederduits tot de negentiende eeuw niet ongewoon als benamingen van het Nederlands.
Henk Aertsen beschrijft een Oudengels poëtisch procédé dat door overheersing van de Franse cultuur na 1066 in vergetelheid raakt: het herleeft niet wanneer in de veertiende eeuw het Engels de officiële taal wordt in Engeland.

De bundel Taal in verandering telt 214 pagina's, kost 25 euro (excl. verzendkosten) en is te bestellen bij Stichting Neerlandistiek VU, De Boelelaan 1105, NL-1081 HV Amsterdam (ISBN 90-72365-81-X), bij Nodus Publikationen, Postfach 5725, D-48031 Münster (ISBN 3-89323- 744-5) of via http://www.go.to/nodus.


[Dit nummer]