|
Rub: 0511.05
Date: 12 november 2005
From: Piet Verkruijsse <p.j.verkruijsse@uva.nl>
Subject: Rub: 0511.05: Hora est!: promotie Yra van Dijk op wo 16 november 2005 te Amsterdam (UvA)
Hora est!
Woensdag 16 november 2005, 14.00 uur, Aula Universiteit van
Amsterdam, Singel 411.
Mevrouw Yra van Dijk: Leegte die ademt: Het typografisch wit in
de moderne poëzie.
Promotor: prof. dr. M.T.C. Mathijsen-Verkooijen.
- Wat maakt een gedicht tot een gedicht? Niet het
ritme, niet de taal, maar de lege plekken die het
gedicht omringen vormen het enige definitieve
onderscheid tussen proza en poëzie, aldus Yra van
Dijk. Dat wit rond het gedicht is geen pure leegte,
maar 'leegte die ademt' en volgeladen is met betekenis.
De visies van Stéphane Mallarmé, Maurice
Blanchot en Paul Celan - auteurs die hebben nagedacht
over de blik op de afwezigheid - kunnen als de
'leeswijze' dienen voor het typografisch wit. Die
leeswijze wordt door Van Dijk toegepast op het werk van
de vier misschien wel grootste Nederlandstalige
dichters: Leopold, Van Ostaijen, Nijhoff en Faverey. Na
de interpretatie van het typografisch wit dat hun
gedichten omringt en doordringt, benoemt Van Dijk tien
mogelijke functies van het wit. Op deze wijze
onderzoekt ze iets wat zelden aan de orde is gekomen
bij poëziebeschouwers: 'het dierbare lichaamzijn
van een gedicht', in de woorden van Nijhoff. Achter dat
lichaam, de visuele vorm van het gedicht, blijkt meer
betekenis schuil te gaan dan je zou denken.
|