|
Col: 0604.25
Date: Thu, 06 Apr 2006 09:12:18 +0200
From: Peter-Arno Coppen <P.A.Coppen@let.ru.nl>
Subject: Col: 0604.25: Linguïstisch Miniatuurtje CXII: Boeiuh!
Linguïstisch Miniatuurtje CXII: Boeiuh!
Iedere keer als ik het iemand hoor zeggen valt het me weer op.
Telkens denk ik: "Hee, wat is dat? Boeien? Dat werkwoord ken ik
helemaal niet in die gebruikswijze!" Iets boeit me, dat ken
ik. Maar de uitroep "Boeiuh!" betekent volgens mij het omgekeerde.
Je zegt het als iets je juist niet boeit.
Is dit een voorbeeld van jongerentaal? Als ik me niet vergis zijn
het voornamelijk jongeren die het roepen. Ik hoorde het voor het
eerst zo'n jaar of tien geleden van een dochtertje van een vriend
van me. "Boeiuh!" Met zo'n vette klemtoon op de laatste lettergreep.
De walging droop ervan af. Er bestond geen twijfel dat datgene waar
ze het over had, haar juist niet boeide.
Ik zal wel een ouwe lul zijn, maar ik heb er nooit aan kunnen
wennen. En iedere keer denk ik ook: daar moet ik toch eens wat
dieper over nadenken. Want je kunt natuurlijk zo'n uiting simpelweg
afkeuren, maar ik wil liever begrijpen wat er aan de hand is. Ik ben
toch verdorie taalkundige, ik moet toch kunnen beredeneren hoe zo'n
uitroep in elkaar zit? Je zou denken: nou ja, één
woordje, daar zitten niet veel mogelijkheden in voor grammaticale
analyse. Maar dat blijkt reuze mee te vallen.
Het eerste wat er aan "Boeiuh!" opvalt is het karakteristieke
intonatiepatroon. Het is altijd een uitroep, en de klemtoon ligt op
de laatste lettergreep. Dat is opmerkelijk, want die laatste
lettergreep is de schwa, de stomme e, en die draagt in normale
gevallen geen klemtoon. Bij het woord boeien zou de klemtoon
op de eerste lettergreep moeten liggen.
Ik ken eigenlijk maar één ander werkwoord dat vaker
met dit intonatiepatroon wordt uitgesproken: lachen. Of
beter: "Lachuh!" Dat roep je als je vindt dat ergens hard om
gelachen moet worden. Als ik me niet vergis is dit een voorbeeld van
een elatief, een taalvorm die een bijzondere emotie
weergeeft. Hoewel lachen in dit patroon uniek lijkt, kun je
je wel soortgelijke werkwoorden in die gebruikswijze voorstellen:
"Brulluh!", "Huiluh!". Een neutraal werkwoord lijkt me ondenkbaar:
*"Fietsuh!", *"Zinguh!". Misschien "Aanvalluh!", maar is dat niet
toch een beetje anders? Is de intonatie bij "Lachuh!" niet wat
sterker dalend aan het eind? Daar moet een goede foneticus nog maar
eens naar kijken.
Die intonatie zegt natuurlijk nog niet veel over wat er aan de hand
is. Het is een uitroep van bijzondere emotie, OK. Maar hoe zit hij
in elkaar? Normaliter gebruik je bij uitroepen van emotie eerder
bijvoeglijke naamwoorden: "Mooi!" "Geweldig!", of meer precies: je
gebruikt predicaten. En dat blijkt precies ook de syntactische vorm
waarin die bijzondere werkwoorden ook voorkomen: "Die jongen is echt
lachen!", "Het leven is boeiuh!". Die laatste verzin ik niet, dat
blijkt de titel van een weblog op het internet.
Predicatief gebruik van een werkwoord in een elatieve constructie.
Maar welk werkwoord is dat, boeien? De predicatieve betekenis
van lachen is iets als om te lachen. Maar om te
boeien, dat ken ik dan weer niet. Ik lach om iets, prima,
maar ik boei (om) iets? Mij onbekend.
Het normale werkwoord boeien valt in de categorie
ervaringswerkwoorden, zoals storen, ergeren,
amuseren, verheugen. Dat zijn werkwoorden die aangeven
dat iets een specifieke emotie veroorzaakt. Net zoals je zegt
iets stoort mij, zo zeg je ook iets boeit mij. Het
bijzondere aan bijna al die werkwoorden is dat ze in twee
constructies voorkomen: iets stoort me en een wederkerende
variant ik stoor me aan iets. Iets verheugt me en
ik verheug me over iets, iets amuseert me en ik
amuseer me met iets. Er zijn er maar twee die dat niet hebben:
bevallen (wel iets bevalt me maar niet ik beval me
aan iets) en irriteren (niet *Ik irriteer me aan
iets, hoewel het werkwoord hardnekkige pogingen doet om in die
constructie geaccepteerd te worden, en naar het lijkt met succes).
Wil boeien zich ook in dat volledige patroon nestelen? Dus
naast iets boeit me ook ik boei me aan iets? Dat zou
kunnen. Het komt een enkele keer voor op het internet: ik boei me
daar niet zo aan, ik boei me daar niet over, of zelfs
in. Er is zeker geen sprake van massale opmars van deze
constructie (het gaat maar om enkele tientallen voorkomens, bijna
niets dus eigenlijk), maar het ligt wel een beetje in de lijn van de
verwachtingen.
Het probleem bij deze analyse (boeien is de wederkerende
variant van het ervaringswerkwoord) is dat de betekenis van
"Boeiuh!" dan omgekeerd is aan wat je zou verwachten. Zoals al
opgemerkt zou "Boeiuh!" dan betekenen dat "je je niet aan iets
boeit". Iets is juist niet "om je aan te boeien". Heel vreemd.
Bovendien is elk ander wederkerend werkwoord, ook als het een andere
uiting van emotie is (bijvoorbeeld zich schamen), ondenkbaar
in de elatieve variant: *"Schamuh!", ik kan het me niet voorstellen.
Is het jongeren-ironie? Je ziet het wel vaker: woorden als
wreed, verschrikkelijk, lauw krijgen een
positieve betekenis terwijl ze oorspronkelijk negatief zijn. Zou
kunnen. Maar ik zie daar geen enkele andere aanwijzing voor.
Misschien dat die negatieve oe-klank er iets toe doet. Of
Boe, dat een algemene uitroep van afkeuring is. In het Engels
is het zelfs een werkwoord, booing, samen je afkeuring uiten.
Ho. Stop. Dat is het natuurlijk! Het gaat helemaal niet om het
gewone werkwoord boeien. Het gaat eigenlijk om
boeën, samen boe roepen, als uiting van
afkeuring. Die j-klank, dat is een halfvocaal die tussen klinkers
wordt ingevoegd. Dat kan een w of een j zijn. Blijkbaar is hier voor
de j gekozen. Zal wel onder invloed van het bestaande werkwoord
boeien zijn, maar dat doet er niet eens zoveel toe. Het past
precies in het plaatje van de allereerste constatering bij deze
analyse: het intonatiepatroon past bij werkwoorden waarmee je
uitdrukking geeft aan een specifieke emotie. Lachen en
boeroepen. Toch boeiend. Lachuh!
Peter-Arno Coppen
|