0812.29 Terug
Vooruit 0812.b

Col: 0812.30

Date:
From: Peter-Arno Coppen <P.A.Coppen@let.ru.nl>
Subject: Col: 0812.30: Linguïstisch Miniatuurtje CXXVII: Hoger Onderwijs

Linguïstisch Miniatuurtje CXXVII:
Hoger Onderwijs

Geachte heer van het octrooibureau,

Uw vraag naar een grammaticaal advies ten aanzien van een formulering uit een octrooiaanvraag van uw cliënt brengt mij in een lastig parket. U legt mij een bepaalde formulering voor (Het eerste vlak is hoger dan het tweede vlak), en vraagt mij wat de meest waarschijnlijke bedoeling van uw cliënt is geweest.

Welnu, geachte heer van het octrooibureau, de beste manier om de bedoeling van een taalgebruiker te bepalen is domweg te vragen wat hij of zij bedoeld heeft. Taalkundig gezien heeft de taalgebruiker een bedoeling verpakt in een talige code, die vervolgens door de lezer weer wordt geïnterpreteerd tot -hopelijk- dezelfde bedoeling.

Ik begrijp natuurlijk wel dat er een juridisch conflict kan ontstaan als de lezer een andere bedoeling uit de tekst haalt dan de schrijver beweert erin gestop te hebben, maar in de taalfilosofie is het nog maar de vraag of de tekst een objectieve betekenis heeft die onafhankelijk is van beide taalgebruikers.

Ik zal proberen mij uit deze netelige kwestie te redden door uw probleem filologisch te benaderen. Ook de filoloog immers bestudeert teksten waarvan de oorspronkelijke lezers en schrijvers in het algemeen niet meer geconsulteerd kunnen worden.

Centraal in de aangehaalde passage staat de constructie hoger zijn dan. Deze constructie kan een aantal kwalitatieve betekenissen hebben, die in de specifieke context van de tekst niet van belang zijn. Zo kan hoger verwijzen naar een waarde (wij schatten deze vaas hoger in dan die andere) of een plaats in een rangorde (een generaal is hoger dan een kolonel).

Het is evident dat in de context van twee vlakken waarvan er een hoger is dan het ander, de ruimtelijke betekenissen van hoger voor de hand liggen. Dat zijn er twee: hoger dan kan betrekking hebben op een verticale afmeting, dan wel op een positie in de ruimte. Echter, het moet worden opgemerkt dat in de context van deze tekst, in beide betekenissen de verbinding met het werkwoord zijn ongebruikelijk is.

Wanneer van twee objecten gezegd wordt dat het een hoger is dan het ander, dan wordt gewoonlijk de verticale afmeting bedoeld, gemeten vanaf een gezamenlijk basisniveau. Zo kan van twee gebouwen gemakkelijk worden gezegd dat het een hoger is dan het ander, en hetzelfde geldt voor bijvoorbeeld bergen of meubelstukken. Een tafel kan hoger zijn dan een andere tafel, maar daarvoor dienen ze wel (eventueel in gedachten) naast elkaar te worden neergezet.

Dat komt omdat hoog niet zomaar een lengtemaat is, maar een doelgerichte oriëntatie heeft. Hoogte is een eigenschap die betrekking heeft op een zekere uitgestrektheid vanuit een basisniveau in opwaartse richting. Daarmee is hoog de tegenhanger van diep. Wie van iets zegt dat het hoog is, rekent doorgaans vanaf een al dan niet impliciet basisniveau (vaak het niveau waarop de spreker zich zelf bevindt).

In de voorliggende tekst is er sprake van twee vlakken die juist niet hetzelfde basisniveau hebben (het ene vlak begint lager dan het tweede vlak, meer precies: ze liggen aangrenzend boven elkaar). Om toch van die twee vlakken te zeggen dat het een hoger is dan het ander, zou je ze in gedachten naast elkaar moeten projecteren. Dat vereist een ongebruikelijke semantische abstractie.

Het woord hoog kan ook verwijzen naar een absolute positie van een object, maar dan gaat het niet meer om een eigenschap, maar om een plaatsbepaling. Dat is het verschil tussen het predicatieve gebruik (als eigenschap) en het bijwoordelijke gebruik (als plaatsbepaling). Predicaten kunnen worden gecombineerd met koppelwerkwoorden, bijwoordelijke bepalingen alleen met zelfstandige werkwoorden. Als je van een object wilt zeggen dat het een hoge positie inneemt, dan zul je niet zo gauw zeggen dat het hoog is, maar eerder dat het hoog zit, hoog staat, hoog ligt, of uitgebreidere omschrijvingen gebruiken zoals zich hoog bevindt, hoog gelegen is, hoog geplaatst is, en dergelijke. Ook hier is dan hoog gemeten vanaf een basisniveau.

Ook in een vergelijking hoger dan is de bijwoordelijke lezing in combinatie met het werkwoord zijn zeer ongebruikelijk. Het werkwoord zijn kan wel in de betekenis "zich bevinden" zelfstandig gebruikt worden (ik ben in het park), maar in combinatie met hoog of hoger is dit onwaarschijnlijk. Wellicht kan de ene alpinist tegen de andere zeggen Ik ben al hoger dan jij, maar dan kan volgehouden worden dat hij het heeft over de afgelegde verticale afstand, gemeten vanaf een gezamenlijk basisniveau, waardoor het toch eerder afmeting dan positie betreft.

Hoewel dus de combinatie van hoger dan met het werkwoord zijn in beide betekenissen ongebruikelijk is, is de predicatieve lezing (zijn als koppelwerkwoord en hoger als eigenschap) in het algemeen waarschijnlijker dan de bijwoordelijke lezing (zijn als zelfstandig werkwoord en hoger als bijwoordelijke bepaling).

In de context van uw octrooiaanvraag zijn er alleen maar aanwijzingen die deze uitspraak bevestigen, en geen aanwijzingen die daartegen pleiten. De betreffende passage het eerste vlak is hoger dan het tweede vlak verwijst naar een figuur waarin de afmetingen van de vlakken weergegeven zijn met dubbele pijlen, die nader zijn toegelicht in de volgende passage: ...waarvan de hoogte in de tekening met de pijlen I en II is aangegeven. Uit de pijlen I en II blijkt dat de auteur de term hoogte gebruikt om te verwijzen naar de verticale afmeting van beide vlakken. Waar in de tekst wordt gesproken over hoger zijn dan worden dus kennelijk beide hoogtes (=verticale afmetingen) met elkaar vergeleken, ook al is dit op grond van het ontbreken van een gezamenlijk basisniveau ongebruikelijk.

Er staan ook passages in de tekst die de uitspraak bevestigen dat het bijwoordelijke hoger dan gewoonlijk met andere werkwoorden dan zijn wordt gebruikt. Zo staat elders in de tekst de formulering waarbij het eerste vlak zich boven het tweede vlak bevindt. De auteur gebruikt hier niet de formulering waarbij het eerste vlak hoger is dan het tweede vlak.

Deze overwegingen leiden dus duidelijk tot één conclusie: met de formulering hoger zijn dan wordt in deze tekst kennelijk op verticale afmeting gedoeld. Dat is mijn uitspraak, en daar zult u het mee moeten doen.

Met vriendelijke groet,

Peter-Arno Coppen

---
Noot redactie Neder-L:
Dit Miniatuurtje is een bewerking door P.A. Coppen van een echt advies van zijn hand; het is dus geen fake zoals u misschien zou verwachten. De belanghebbende heeft geen bezwaar tegen publicatie op deze manier.


[Dit nummer][Alle Miniatuurtjes]