| Archief MOER Tijdschrift voor het onderwijs in het Nederlands ISSN 0166-3755
|
Herman Giesbers <H.Giesbers@let.kun.nl> |
Jaargang 32, nummer 3, juni 2000
- Redactioneel.
Jan Peter Houtman.
Eerst leren, dan toetsen. Blz. 89-90.
(Jan Peter Houtman spreekt zijn verbazing uit over het feit dat
de term NT2 al zo lang meegaat in het onderwijsdebat, maar verwacht
en hoopt dat het daarmee nu snel afgelopen zal zijn. Hij pleit voor
een algemeen debat over onderwijs in taalvaardigheid, en dan niet
alleen in verband met allochtone leerlingen, maar voor alle
leerlingen.)
- Ad Bok.
De twee gezichten van het leerproces. Kennisconstructie binnen
taalontwikkeling en taaldidactiek. Blz. 91-103.
(Pabo-studenten werken aan een taalprogramma voor kinderen en
reflecteren tegelijkertijd op hun leerproces. Ad Bok beschrijft in
dit artikel hoe dat leerproces in elkaar steekt en hoe we dat in de
praktijk kunnen bevorderen.)
- Robbert Roosenboom.
Het profielwerkstuk. Over beoordeling van scriptievaardigheden
bij de profielvakken. Blz. 105-111.
(Robbert Roosenboom bespreekt de criteria die door het CITO
zijn vastgesteld ter beoordeling van het profielwerkstuk in de
Tweede Fase. Hij heeft zo zijn twijfels bij deze criteria. Hij
onderbouwt zijn twijfels en komt met een alternatief.)
- Recensie, op blz. 112-115:
- <Door: Piet van de Craen:> J. Leman (red.),
Moedertaalonderwijs bij allochtonen. Geïintegreerd onderwijs
in de eigen taal en cultuur. Acco, Leuven/Amersfoort, 1999.
- Leesvoer, op blz. 117-118:
- Karin Westerbeek & Peter Wolfgram. Deltaplan en het
tij. Zeven jaar taalbeleid in Rotterdam. Deltaplan Taalbeleid
Primair Onderwijs 1992-1999. Het Projectbureau/CED, Rotterdam,
1999.
- Josee Heemskerk & Wim Zonneveld. Uitspraakwoordenboek. Het
Spectrum, Utrecht, 2000.
- Hanneke Houtkoop & Tom Koole. Taal in actie. Hoe mensen
communiceren met taal. Coutinho, Bussum, 2000.
- VON-info, op blz. 121-124.
(Een reactie van het ministerie van OC & W op de door het
VON-bestuur geformuleerde bezorgdheid over sluipende bezuinigingen
in de Tweede Fase; informatie over het leerplan moeilijk lerende
NT2-leerlingen; informatie uit de algemene ledenvergadering; het
beleid voor 2000-2005.)
Jaargang 32, nummer 2, april 2000
- Redactioneel.
Geert van de Ven.
De vierde vaardigheid. Blz. 41-42.
(Naar aanleiding van de roep om meer onderwijs Nederlands in de
discussie over het 'multiculturele drama' vraagt de auteur aandacht
voor wat migranten daar zelf over te zeggen hebben.)
- Nanette Bienfait & Dirkje Ebbers.
Schoolslag te pakken hebben. Vaardigheden in de basisvorming.
Blz. 43-49.
(Dat de basisvorming een cruciale rol speelt bij de
voorbereiding op het studiehuis wordt steeds duidelijker. Vooral
omdat leerlingen in het studiehuis over allerlei vaardigheden
moeten beschikken die ze nog niet hebben. Het vak Nederlands kan en
zal hierbij een belangrijke rol spelen. Bienfait en Ebbers
beschrijven hoe de basisvormingsmethode Schoolslag daarop
inspeelt.)
- Rudi Liebrand.
Vanzelfsprekend. Mondelinge taalvaardigheid in de Tweede Fase.
Blz. 50-64.
(Het geven van spreken en luisteren in de Tweede Fase is geen
eenvoudige klus, mede door de eisen die eindtermen en studiehuis
stellen. Om een idee te geven hoe onderwijs in mondelinge
taalvaardigheid in de Tweede Fase gerealiseerd kan worden, heeft
het project Nederlands Voortgezet Onderwijs van de SLO een leerplan
en voorbeeldlesmateriaal ontwikkeld, het pakket Vanzelfsprekend.
Mede-auteur van dit lespakket Rudi Liebrand geeft een
beschrijving.)
- Piet Mooren.
Kinderen van wol. Over OALT en OETC. Blz. 65-75.
(Zijn de mindere prestaties van allochtone leerlingen een
gevolg van verkeerd onderwijs en materialen, moeten hun ouders
eerder beginnen om Nederlands met hen te spreken, moeten allochtone
kinderen verplicht worden allerlei voorschoolse programma's te
doorlopen? Volgens Piet Mooren ligt een deel van de oplossing in
het beter gebruik maken van de expertise van OALT-docenten,
docenten voor het Onderwijs Allochtone Levende Talen.)
- Idee.
Elsbeth van der Laan.
Filosoferen met Gijsbrecht. Blz. 76-79.
(Edward van de Vendel heeft met 'Gijsbrecht' een schitterende
bewerking gemaakt van Vondels Gijsbrecht van Amstel. Elsbeth van
der Laan geeft hier lessuggesties bij.)
- Leesvoer, blz. 83-84:
- Stichting Schrijven, Schrijven, nummer 1, 2000.
- Levende Talen, december 1999.
- Ad Bok, Woordenschatontwikkeling. Opleidingsdidactiek
woordenschatontwikkeling voor leerlingen van 10 þ 14 jaar op basis
van educatief ontwerpen met inzet van de computer. Esstede,
Heeswijk-Dinther, 2000.
- VON-info, blz. 86-88:
Bezuinigingen in de Tweede Fase.
(Het VON-bestuur formuleert op verzoek van de ledenvergadering
zijn standpunt over sluipende bezuinigingen in de Tweede Fase.)
Jaargang 32, nummer 1, februari 2000
- Redactioneel:
Geert van de Ven.
De rechter- en linkerhand van de staatssecretaris. Blz. 1-3.
(Geert van de Ven is van mening dat de beleidsmakers op
onderwijs te weinig oog hebben voor wat er echt speelt op de
werkvloer. Onderwijsvernieuwing vraagt om een bottom up-stijl van
leidinggeven, zo stelt hij, en bovendien dienen een aantal
randvoorwaarden helder geformuleerd te worden, wil
onderwijsvernieuwing een succesvol en voortgaand proces zijn.)
- Mirjam Tuinder.
Drama bij de taalmethode Taaljournaal. Blz. 4-14.
(In aansluiting op het themanummer 'Zin in Kunst' -Moer
1999/3- wordt in dit artikel beschreven hoe docenten van
basisschool De Meent in Amsterdam dramalessen maakten bij hun
taalmethode. Hoe verloopt zo'n dramales, en wat vinden de
kinderen ervan?)
- Elsbeth van der Laan.
De virtuele school. Studenten en docenten als virtuele
collega's. Blz. 15-18.
(Studenten van de Educatieve Faculteit Amsterdam ontwikkelen
in een virtuele school op verzoek van docenten materiaal voor
leerlingen. Elsbeth van der Laan beschrijft hoe je als docent
gebruik kunt maken van deze virtuele school.)
- Barbara Koning.
De virtuele school. Docenten in opleiding ontwikkelen voor
docenten. Blz. 18-22.
(Barbara Koning beschrijft hoe zij als leraar in opleiding op
de Educatieve Faculteit Amsterdam samen met een medestudente
materiaal ontwikkelde in de virtuele school op verzoek van een
docente Nederlands. Kunst en taal werden hierbij
geïntegreerd: leerlingen presenteren hun mening en
argumenten over kunst in een posterpresentatie.)
- Jan Stroop.
Moet het ABN zomaar naar zijn ouwemoer? Blz. 23-27.
(Jan Stroop gaat in op het Poldernederlands, waarin de /ei/
uitgesproken wordt als 'aai', de /ui/ als 'au' en de /ou/ als
'aau'. Hij schetst hoe dit sub-ABN de correcte uitspraaknormen
snel aan het verdringen is en doet een beroep op de overheid en
het onderwijs om hernieuwd aandacht te besteden aan verantwoord
spraakonderwijs Nederlands.)
- Forum:
Piet Mooren.
De pikorde in de (jeugd)literatuur(wetenschap). Blz. 29-30.
(Piet Mooren geeft zijn visie op het proefschrift van Joke
Linders, die onlangs promoveerde op haar onderzoek naar het werk
van Annie M.G. Schmidt.)
- Leesvoer, blz. 32-35:
- Stichting Lezen, Calendarium 2000. Amsterdam.
- Tekst in context. Een reeks historische literaire teksten
voor het voortgezet onderwijs. Amsterdam University Press,
Amsterdam, 1997-... (thans 4 delen).
- Peter Burger & Jaap de Jong, Taalboek van de eeuw. Sdu
Uitgevers, Den Haag, 1999.
- Judith Minkman, Dossier: Tim Krabbé. Uitgeverij
Ellesy, Arnhem, 1999.
- Piet Kralt, Paradoxaal is het gehele leven. Het oeuvre van
Vestdijk. Amsterdam University Press, Amsterdam, 1999.
- Dick Prak e.a., Handleiding geïntegreerd
literatuuronderwijs. Bulkboek BV/SLO, Amsterdam, 1999.
- Erica van Boven & Gillis Dorleijn, Literair mechaniek.
Inleiding tot de analyse van verhalen en gedichten. Coutinho,
Bussum, 1999.
- VON-info. Blz. 38-40.
(Informatie uit de algemene ledenvergadering van de VON van
11 december 1999.)
Jaargang 31, nummer 6, december 1999
- Redactioneel.
Elsbeth van der Laan.
Tussen liefde voor het vak en vakmanschap. Blz. 311-312.
(De auteur gaat in op de campagne 'Leraar, elke dag anders' en
vindt dat het ministerie van OC&W het beroep van leraar meer
mogelijk moet maken om nieuwe belangstellenden voor het vak te
trekken in plaats van te focussen op de inhoud van het beroep,
zoals in de huidige campagne gebeurt.)
- Richard Wassenburg.
Spelenderwijs leren in de basisvorming. Blz. 313-319.
(Richard Wassenburg ontwikkelde een spel voor (i)vbo- en
mavo-leerlingen waarmee ze zowel de 'gewone' leerstof Nederlands
als informatie over elkaars cultuur actiever kunnen verwerken door
gebruik te maken van verschillende vaardigheden. Hij beschrijft het
spel, ervaringen in de klas en de relatie met de methode Nederlands
en hij geeft tips voor gebruik in andere onderwijstypen.)
- Marlous Kemmeren & Ton Vallen.
Op weg naar concreet taalbeleid. Blz. 320-329.
(De auteurs beschrijven hoe op de Tilburgse basisschool
Christoffel taalbeleid werd ingevoerd om het groeiende aantal
meertalige allochtone leerlingen goed op te kunnen vangen.)
- Recensies, blz. 329-345.
<Door: Robbert Roosenboom:> Tanja Janssen,
Literatuuronderwijs bij benadering. Een empirisch onderzoek naar de
vormgeving en opbrengsten van het literatuuronderwijs Nederlands in
de bovenbouw havo en vwo. Diss. Utrecht, z.p., z.j.
<Door: Geert van de Ven:> Nora Bogaert, e .a., Klaar? Af!
(Inleiding, Docentenhandleiding incl. werkbladen, 216 kopieerbladen
voor leerlingen, Beeldwoordenboek). Steunpunt NT2, Leuven, 1998.
- Forum.
Piet Mooren.
Tranen in de Tweede Kamer. Blz. 346-347.
(Reactie op de tranen van Karin Adelmund naar aanleiding van de
samenvatting van het recente minderhedenrapport van het Sociaal en
Cultureel Planbureau.)
- Leesvoer, blz. 350-351:
- Het Posterproject deel 2 (voor het voortgezet onderwijs).
Partners Training en Innovatie, Rotterdam, 1999.
- Het Posterproject basisonderwijs. Partners Training en Innovatie,
Rotterdam, 1999.
- Woorden voor alle vakken. Partners Training en Innovatie,
Rotterdam, 1999.
- Antoine Braet, Argumentatieve vaardigheden. Een praktische
didactiek voor havo en vwo, met een inleiding in de
argumentatieleer. Coutinho, Bussum, 1999.
- VON-info, blz. 357-358:
Nogmaals over TRiOS.
(Informatie over het TRiOS-project. TRiOS staat voor Taal en
Rekenen in Opleidingsdidactische Samenhang.)
Jaargang 31, nummer 5, november 1999
- Redactioneel.
Mirjam Tuinder. Leren ze op de basisschool dan geen Nederlands?
Blz. 263-264.
(De auteur verbaast zich erover dat in het basisonderwijs de
lessen taal nog steeds zo fragmentarisch - spelling, schrijven,
aanvankelijk lezen, begrijpend lezen, enz. - gegeven worden, zeker
nu ideeën over bijvoorbeeld taakgericht taalonderwijs steeds
meer opgeld doen.)
- Mylène Hanson & Marianne Boogaard.
Handen wassen voor het bidden. Interculturele communicatie in
het basisonderwijs. Blz. 265-277.
(Sinds 1985 is intercultureel onderwijs wettelijk verplicht in
het basisonderwijs. In de praktijk komt daar weinig van terecht:
intercultureel onderwijs blijft een vaag begrip. De auteurs laten
aan de hand van lesfragmenten zien hoe intercultureel onderwijs
concreet gemaakt kan worden door leerlingen te oefenen in
interculturele communicatie: niet zozeer kennisoverdracht moet
centraal staan in intercultureel onderwijs, maar het uitwisselen
van ervaringen.)
- Bart van der Leeuw.
Een les over leeuwen. MILE-Nederlands in de praktijk. Blz.
278-287.
(Het expertisecentrum Nederlands in Nijmegen is bezig met het
ontwikkelen van een Multimediale Interactieve Leeromgeving
(MILE)-Nederlands, die voorlopig wordt geleverd op CD-ROM's. Bart
van der Leeuw beschrijft de ervaringen die Pabo Den Bosch inmiddels
met MILE-Nederlands heeft opgedaan.)
- Recensie, blz. 290-294.
<Door: Charles Kalkhoven:> A. Van Dijk & M. Delcour,
Horen, zien en dan schrijven. Leerplan Nederlands analfabete
nieuwkomers in het voortgezet onderwijs. Partners Training &
Innovatie, Rotterdam, 1998.
- Literatuurmuur:
Ilse Bolscher. Een oude toverfee en boekenwensen.
Leesbevordering en schrijfvaardigheid in één les.
Blz. 295-297.
(De leerlingen van Ilse Bolscher schrijven een brief met hun
boekenwensen aan de boekenfee met behulp van S.Y.P.R.A.B.-gidsjes
en Boekenmolens.)
- Forum:
Antoine Braet. De Raad voor de Neerlandistiek en het
moedertaalonderwijs. Blz. 298-300.
(De Raad voor de Neerlandistiek moet meer initiatieven
ontplooien met betrekking tot het voortgezet onderwijs. A. Braet,
E. Van Gemert en W. Klooster schreven een beleidsnotitie met
aanbevelingen die inmiddels door de Raad is aangenomen.)
- Leesvoer, blz. 302-306:
- K. Groeneboer (red.), Koloniale taalpolitiek in Oost en West.
Nederlands-Indië, Suriname, Nederlandse Antillen, Aruba.
Amsterdam University Press, Amsterdam, 1997.
- Ed van Berkel e.a., Radio Lezerstraal. Malmberg, Den Bosch, 1999.
- G.A. Mesters, Prisma Spreekwoorden. Het Spectrum, Utrecht, 1998.
- J. Luif, In verband met de zin. Inleiding in de Nederlandse
spraakkunst. Amsterdam University Press, Amsterdam, 1998.
- Margreet Verboog, Leren spreken. Een didactische handleiding voor
docenten NT2. Coutinho, Bussum, 1999.
- Pieter Muysken, Talen. De toren van Babel. Amsterdam University
Press, Amsterdam, 1999.
- Jan Stroop, Poldernederlands. Waardoor het ABN verdwijnt. Bert
Bakker, Amsterdam, 1998.
- Henk Donkers & Jaap Willems, Journalistiek schrijven voor
krant, vakblad en nieuwe media (plus diskette). Coutinho, Bussum,
1999.
- VON-info, blz. 308-310:
De Stichting 108+: spreekbuis van 108 secties Nederlands?
(Een kritische beschouwing van de activiteiten van de Stichting
108+.)
Jaargang 31, nummer 4, augustus 1999
- Redactioneel:
Herman Giesbers.
Leve de Markt! Blz. 215-216.
(De auteur plaatst kritische kanttekeningen bij de toenemende
invloed van 'de markt' op het onderwijs.)
- Marjan Hendriks & Riek Rademaker.
Vak voor vak naar de eigen klas. De opvang van
niet-Nederlandstalige leerlingen op het Vellesan College. Blz.
217-228.
(Op het Vellesan College in IJmuiden wordt al sinds het begin
van de jaren '80 gewerkt met een flexibel en maatgericht
opvangmodel voor niet-nederlandstalige leerlingen. De auteurs,
coördinatoren Internationale Schakelklas (ISK), gaan
uitvoerig in op dit Vellesan-model voor schakelonderwijs, waarbij
iedere leerling een leerlijn op maat aangeboden krijgt met als
doel het behalen van een regulier diploma. Een model dat vooral
ook perspectief biedt voor scholen met een relatief klein aantal
ISK-leerlingen.)
- Mirjam Wallien.
Taalbeleid in beweging. Het ontwikkelen van een taalbeleid
voor Asielzoekerscentrum Dronten. Blz. 228-238.
(Hoewel er op veel reguliere scholen aandacht is voor het
opzetten van een taalbeleid, is er tot nu toe op dat gebied weinig
gebeurd voor asielzoekerscentra. Ook daar bevinden zich echter
veel allochtone leerlingen en cursisten die baat hebben bij een
taalbeleid. Mirjam Wallien geeft een aantal aanzetten hiertoe.)
- Hylkje Steensma.
Intercultureel onderwijs eigen taal op de basisschool. Moluks
Maleis in Assen. Blz. 239-247.
(De afgelopen 6 jaar was Hylkje Steensma 'Maleise juf' in het
basisonderwijs in Assen. In die tijd heeft zij materiaal
ontwikkeld voor het onderwijs eigen taal in het Moluks Maleis rond
verhaaltjes over de huishagedis Trientje Tjitjak, materiaal dat
ook geschikt is voor gebruik bij intercultureel onderwijs aan de
hele groep. Aangezien per 1 augustus 1999 het Onderwijs in
Allochtone Levende Talen (OALT) de regelingen voor Onderwijs Eigen
Taal vervangt, zijn er redenen genoeg voor een verslag en een
vooruitblik uit Assen.)
- Recensie, blz. 248-253.
- <Door: Geert van de Ven:> Annet Berntsen, Inge van Melis
& Ahmed Zekhnini, Tekst in context. Wolters Noordhoff,
Groningen, 1998. (Ontwikkeld door ITTA, Amsterdam. Bestaande uit
Tekstboek, Werkboek Dienstverlening, Administratie, Techniek,
Verzorging, Docentenhandleiding, Antwoordkaarten, Video en
Audiocassette.)
- Leesvoer, blz. 255-259:
- Riemer Reinsma (red.), Onze Taalcahier Gezegden.
Sdu/Standaard, Den Haag/Antwerpen, 1998.
- J. Renkema e.a. (red.), Spellingwijzer Onze Taal.
Contact/Wolters Noordhoff, Amsterdam/Antwerpen, Groningen, 1999.
- Bas Hageman, Limericks & Limericken. Het Spectrum, Utrecht,
1998.
- M. Mostert, Oraliteit. Amsterdam University Press, Amsterdam,
1998.
- C. van Guchte & K. van Helvert, NT2-onderwijs aan
asielzoekerskinderen: knelpunten en aanbevelingen. Faculteit der
Letteren KUB, Tilburg, 1998.
- A. Pellowski & C. Beijk, Vertellen in kleine kring. Biblion
Uitgeverij, Den Haag, 1999.
- Klassieke literatuur van de middeleeuwen tot en met de
Tachtigers. Het Spectrum, Utrecht, 1999.
- J.A.M. Konen e.a., Taaladviesbank. Sdu, Den Haag, 1999.
- Willem (die Madoc maakte), Over de vos Reinaert. Het Spectrum,
Utrecht, 1999.
- VON-info, blz. 262.
(Robbert Roosenboom, voorzitter van de VON, blikt vooruit: 'De
VON en het begin van het volgend millennium'.)
Jaargang 31, nummer 3, juni 1998
Dit nummer is een speciaal dik themanummer onder de titel Zin in
kunst! Kunstzinnig taalonderwijs.
- Redactioneel:
Jan Peter Houtman.
Zullen we het beleven? Blz. 89-90.
(Jan Peter Houtman leidt dit themanummer over de combinatie
onderwijs met kunst en cultuur in. Hij schetst de mogelijkheden,
maar ook de gevaren die allerlei veelbelovende ontwikkelingen op het
terrein van kunst en taalonderwijs kunnen bedreigen.)
- Jan Peter Houtman.
Alle geluk van de wereld. Een buitenschool project met
(I)VBO-leerlingen. Blz. 91-102.
(Een reportage uit Rotterdam over een project met als thema
'geluksspreuken', een project dat zich inmiddels mag verheugen in de
aandacht van media en uitgevers en dat provinciale en landelijke
onderwijsprijzen heeft gekregen. Op basis van gesprekken met Ellen
Vomberg, bij de school betrokken als beeldend kunstenaar, wordt
aandacht besteed aan de totstandkoming en de resultaten van het
project, de visie op leren en onderwijs, en aan de minder
rooskleurige aspecten die voor anderen ter lering kunnen dienen.)
- Peter Dekkers.
Dichter bij de natuur. Vakoverstijgende lessenserie Nederlands
en biologie in de BaVo. Blz. 103-106.
(Samenwerkingsverbanden tussen Nederlands en biologie bestaan er
nauwelijks in de basisvorming. Toch biedt zo'n combinatie voor
leerlingen een aanlokkelijk perspectief. Peter Dekkers beschrijft
hoe een dergelijke combinatie gemaakt kan worden met behulp van
'verhalend ontwerpen'.)
- Ilse Bolscher.
Een papieren museum. Blz. 107-108.
- Elsbeth van der Laan.
'Mona Lisa heeft geen wenkbrauwen'. Opdrachten bij Stilleven van
Ted van Lieshout. Blz. 108-115.
(De kern van deze twee bijdragen wordt gevormd door 'Stilleven.
Een tentoonstelling' van Ted van Lieshout, dat in 1998 verscheen en
diverse prijzen won. Ilse Bolscher geeft een nadere beschrijving van
het boek en Elsbeth van der Laan laat zien hoe het boek als basis
kan dienen voor een les aan een MAVO-brugklas, waarbij
kunstbeschouwing en taalvaardigheid hand in hand gaan.)
- Ine Pels.
CKV 1, een voorbeeld uit de praktijk. Blz. 116-129.
(Culturele en Kunstzinnige Vorming is een van de nieuwe vakken
in de Tweede Fase van het v.o. Veel scholen hebben moeite met de
invulling van dit vak CKV-1. Ine Pels, docente Nederlands en
kunstcoordinator aan het Dr. Knippenbergcollege in Helmond,
beschrijft wat er tot nu toe op haar school in praktijk is gebracht.
Niet zozeer de nieuwe methodes CKV, maar activiteiten die aansluiten
bij de belevingswereld van de leerlingen en tegelijk iets nieuws
bieden, brengen kunstzinnige vorming tot stand, zo leren de eerste
ervaringen. Ine Pels beschrijft en becommentarieert het een en ander
aan de hand van vele voorbeelden uit de Helmondse praktijk.)
- Ilse Bolscher.
'Wacht, ik wil deze opdracht nog even afmaken'. Gaan waar de
woorden gaan in het letterkundig museum. Blz. 130-137.
(Eind 1997 is in het Letterkundig Museum in Den Haag de
permanente tentoonstelling 'Gaan waar de woorden gaan. 250 jaar
Nederlandse literatuur' geopend. Anna-Marie Luecken, educatief
medewerkster, ontwikkelde hierbij een educatief programma voor de
bovenbouw havo en vwo dat aan wil sluiten bij CKV-1 en de
studiehuisgedachte. Ilse Bolscher bezocht het museum en observeerde
5-havo- en 6-vwo-leerlingen tijdens hun 'museumles'.)
- Frank Kuehnen & Wil Willemsen.
Een goede les op een warme plek. Op de Technische School
Jonkerbosch. Blz. 138-140.
(Wil Willemsen, docent Nederlands, kunstambassadeur en
voorzitter van de Commissie Internationalisering Cultuur en
Intercultureel, en Frank Kuehnen, vakgroepleider Nederlands en
betrokken bij een gemeentelijk pilotprogramma taalbeleid, schetsen
hoe op hun school voor Individueel Voorbereidend Beroepsonderwijs in
Nijmegen gewerkt wordt en wat ze belangrijk vinden. Centrale
aandacht krijgt ook hier het praktisch handelen van de leerlingen.)
- Pieter Mols.
Kunst als gebruiksvoorwerp. Een pedagogisch perspectief. Blz.
141-152.
(De schrijver is museumdirecteur in Veldhoven en op diverse
plaatsen werkzaam binnen kunst- en cultuureducatie. Van buiten het
onderwijs laat hij zien hoe instellingen uit de kunstwereld de
leerlingen in het onderwijs proberen te bereiken en wellicht zijn
zijn inzichten en ervaringen inspirerend voor leraren basis- en
voortgezet onderwijs. Mols beschrijft eerst zijn visie en geeft
daarna voorbeelden van hoe zulke mooie ideeen vorm gegeven kunnen
worden.)
- Lucie Visch & Suzanne van Norden.
Wanneer gaan we nou werken? Twee taalvormers over hun werk op
basisscholen. Blz. 153-162.
- Mirjam Zaat.
Wat kinderen leren van taalvorming. Blz. 163-169.
(Taalvorming is het centrale thema in de twee artikelen van
Visch & Van Norden en van Zaat. Bij taalvorming, of literaire
vorming, wordt taal gezien als een communicatie- en uitingsmiddel
voor je waarnemingen, je gevoelens, je beroeringen. De drie auteurs
zijn als consulenten taalvorming verbonden aan de
Kunstweb/Taaldrukwerkplaats te Amsterdam. Zij beschrijven wat er in
hun visie komt kijken bij een open deur als: taal is communicatie.
Volgens hen mag deze deur nog veel verder worden opengezet, maar nog
te vaak is er sprake van 'technisch' onderwijs voorzien van een
communicatief sausje.
In het eerste artikel geven Lucie Visch en Suzanne van Norden
een verslag uit de praktijk van de taalvorming, in het tweede
artikel geeft Mirjam Zaat vervolgens een verantwoording vanuit de
theorie.)
- Marco Holmer.
Kinderen leren vertellen dankzij Aristoteles. Verhalen vertellen
op de basisschool. Blz. 170-178.
(De auteur werkt als verhalenverteller in theaters, scholen,
bejaardentehuizen en veel andere plaatsen. Hij geeft daarnaast
cursussen aan jongeren en volwassenen in het vertellen van verhalen.
In dit artikel beschrijft hij zijn ervaringen met het leren
vertellen van verhalen aan kinderen van buurthuis De Jutter en
basisschool De Maaspleinschool in de rivierenwijk in Utrecht.)
- Herman Giesbers.
'Als je twee keer kijkt zie je meer'. Kunst op de basisschool.
Blz. 179-186.
(Najaar 1997 stond basisschool De Brink in Ottersum twee weken
lang in het teken van kunst, kunst in allerlei vormen. Kinderen
gingen op bezoek bij plaatselijke kunstenaars en waren vooral ook
zelf actief bezig met het maken van kunst. Eén ding werd meer
dan ooit duidelijk: kunst en taal zijn onlosmakelijk met elkaar
verbonden. Een reportage uit Noord-Limburg.)
- Jos Walta.
Dat is de kunst! Over kunstenaars, kunst en kinderen. Blz.
187-193.
(Jos Walta is coördinator kunstzinnige vorming bij De
Kempen schoolbegeleidingsdienst. Voor hem hebben kunstuitingen drie
functies: ontspanning, activering en reflectie. Ook in het
(basis)onderwijs kan kunst deze functies vervullen. Walta vindt het
belangrijk dat kinderen kennismaken met deze drie aspecten. In dit
artikel beschrijft hij op welke manieren vorm kan worden gegeven aan
kunstonderwijs op de basisschool.)
- Aloijsius van Saus.
Kettie de Klown speelt met taal. Lachend leren lezen op de
basisschool. Blz. 194-198.
(Theatergroep Lawine verzorgt onder het motto 'Lachend Leren'
Kettie de Klown-jeugdtheaterstukken, vaak in samenwerking met
educatieve of voorlichtende organisaties. Het doel van deze
voorstellingen is om ondersteuning te geven aan projecten die
kinderen begeleiden of voorlichten. Met subsidie van de stichting
Lezen heeft Lawine nu een voorstelling gemaakt voor kinderen uit de
groepen 3, 4 en 5 van de basisschool om hen te stimuleren meer te
lezen. Aloijsius van Saus alias Bartje Klown vertelt hoe hij samen
met Kathy diStefano als Kettie de Klown drama een rol laat spelen
bij leesbevordering.)
- Forum:
Geert van de Ven.
De sjimpansee doet niet mee. Blz. 207.
(Mag de docent afwijken van 'het rechte pad', zoals dat door de
methode gegeven wordt? Een speelse observatie uit de praktijk.)
- Recensie, op blz. 199-202:
- <Door: Herman Giesbers:> Carolyn Edwards, Lella
Gandini & George Forman (red.), De honderd talen van kinderen.
De Reggio Emilia-benadering bij de educatie van jonge kinderen.
Uitgeverij SWP, Utrecht, 1998.
- Idee, op blz. 203-206:
- <Door: Mirjam Tuinder:> Als een man twee vrouwen
heeft. Verhalen uit de Arabische wereld. Van Holkema &
Warendorf/ Novib, Houten, 1999.
Als een man twee vrouwen heeft. Docentenhandleiding. LSO,
Amsterdam, 1999.
- <Door: Mirjam Tuinder:> Ethiopië: de erfenis van een
keizerrijk. KIT-Uitgeverij, Amsterdam, 1998.
- VON-info, op blz. 212-214:
(Informatie uit de bestuursvergaderingen van de VON.)
Jaargang 31, nummer 2, april 1998
- Redactioneel:
Geert van de Ven.
Communicatie? Hoe spel je dat? Blz. 41-42.
(Geconfronteerd met het examen Communicatie voor cursisten in de
beveiligingsbranche waarin het toetsen van spelling de boventoon
voert, bepleit Van de Ven een cultuuromslag waarbij een brede visie
op taal en taallessen ontwikkeld wordt.)
- Kim van der Zouw.
Een volwassen benadering. Moeten volwassenen anders leren
schrijven en lezen dan kinderen? Blz. 42-53.
(Een belangrijke vraag in de alfabetisering is of bij analfabete
volwassenen een andere didactiek moet worden gebruikt dan bij
kinderen. Kim van der Zouw, medewerkster van het instituut voor
multiculturele ontwikkeling (FORUM) in Utrecht, gaat in op deze
vraag. Zij betrekt hierbij de uitgangspunten van Alfa, een
alfabetiseringsmethode voor volwassen anderstaligen.)
- Jetty Jongerius.
Continuïteit in taalonderwijs. Een voorbeeld uit de
onderbouw van de basisschool. Blz. 54-60.
(Basisschool De Klinker in Schiedam ervoer knelpunten in haar
onderwijs in de onderbouw. Door systematisch het eigen schoolwerkplan
en de eigen praktijk te analyseren kwamen niet alleen de zwakke, maar
ook de sterke kanten van de school naar boven. Jetty Jongerius,
medewerkster van de SLO, beschrijft de afspraken die het team heeft
gemaakt over een leerlijn van ontluikende geletterdheid naar leren
lezen, over streefdoelen en hoe daarmee om te gaan bij de overgang
van groep 2 naar groep 3.)
- Tetsje Oelen.
Zorgleerlingen in de eerste opvang: ons een zorg?!. Blz. 61-71.
(Net als in het reguliere onderwijs bevinden zich ook in de
eerste opvang van het voortgezet onderwijs jongeren die speciale
aandacht nodig hebben doordat ze een cognitieve achterstand hebben.
Tetsje Oelen van Het Projectbureau in Rotterdam geeft een
beschrijving van de problemen en de manier waarop naar oplossingen
gezocht wordt.)
- Ed Dumoulin.
Schrijversbezoek en leespromotie 2. Wat maken de leerlingen
ervan? Blz. 72-77.
(Ed Dumoulin beschreef in Moer 1998/6 hoe op zijn school, het
Theresialyceum in Tilburg, aan leesbevordering wordt gewerkt. Toen
beloofde hij ook in een volgend nummer de resultaten van de lessen te
laten zien. Hier die resultaten.)
- Forum:
Bart van der Leeuw:
Liever een LAT. Blz. 78-80.
(In Moer 1998/6 beschreef Manja Heerze de leeslat, een nieuwe
manier om het niveau van kinderboeken vast te stellen en daardoor
beter aan te sluiten bij het niveau van kinderen. Bart van der Leeuw
heeft zijn vraagtekens bij deze methode.
Manja Heerze reageert op het forum van Bart van der Leeuw op blz.
81-82.)
- Leesvoer, op blz. 84-87:
- Elektronisch Groene Boekje. Sdu Taal Standaard, Den Haag,
1998.
- Het elektronische stijlboek van de Volkskrant. Sdu Uitgevers,
Den Haag, 1998 (CD-ROM).
- Stichting Lezen, LEZEN 1999. Het calendarium op het gebied van
leesbevordering. Stichting Lezen, Amsterdam, 1999.
- Dick Schram & Cor Geljon, Grensverleggend
literatuuronderwijs. Literaire en kunstzinnige vorming in de Tweede
Fase. Thieme, Zutphen, 1998.
- M. Swakhoven, Mopjes in het Arabisch en het Nederlands. De
Vleermuis, Roermond, z.j.
- T.C. Tsui, Chinese wijsheden en parallelle Nederlandse gezegdes
in twee talen. De Vleermuis, Roermond, z.j.
- D. van der Heide, Groot schimpnamenboek van Nederland. Bedum,
Profiel Uitgeverij, 1998.
- R. Reinsma, Prisma Synoniemen. Het Spectrum, Utrecht, 1998.
- Leesgoed 1998/6. NBLC, Den Haag, 1998.
- S. van Overmeeren & G. van der Weijden (red.), Tijdschriften
in de klas. Groep Publieks- en opinietijdschriften, Amsterdam, 1998.
- M. Hoogeveen & H. Bonset, Het schoolvak Nederlands
onderzocht. Garant, Leuven/Apeldoorn, 1998.
- VON-info, op blz. 88:
(Aankondiging algemene ledenvergadering VON, op zaterdag 5 juni
1999 in de Domstadacademie te Utrecht.)
Jaargang 31, nummer 1, februari 1998
- Redactioneel:
Herman Giesbers.
Verlos ons van het Groot Dictee. Blz. 1-2.
(Betreurd wordt dat taal of Nederlands nog steeds gelijkgesteld
wordt aan spelling en dat dit idee door zoiets als het nationeel
dictee alleen maar gestimuleerd wordt. Nu ook steeds meer scholen hun
eigen groot dictee organiseren, vraagt de auteur zich af of deze
tendens niet ook te wijten is aan een toenemende productgerichte
benadering in het onderwijs.)
- Inge van Baalen & Eudia Fellinger.
Leren leren voor beginnende alfabetisanten. Praktijkvoorbeelden
uit de eerste tien weken alfabetisering. Blz. 2-9.
(Docenten roeien in de praktijk vaak met de riemen die ze hebben
om gestalte te geven aan 'leren leren'. Ontwikelingen in het veld
gaan immers sneller dan materiaalontwikkelaars methoden op de markt
kunnen brengen. Geen reden voor de auteurs, docenten bij de Centrale
Opvang Vluchtelingen (COV) in Apeldoorn, om bij de pakken neer te
gaan zitten. Enkele stimulerende voorbeelden uit de praktijk.)
- Hans Goossen.
Naar het nieuwe schoolexamen schrijfvaardigheid HAVO/VWO. Het
netwerk gedocumenteerd opstel. Blz. 10-19.
(Sinds een paar jaar hebben de OMO-scholen in het zuiden van het
land een netwerk opgericht voor docenten Nederlands om samen na te
denken over de nieuwe examenprogramma's. Hans Goossen beschrijft het
resultaat voor het examen schrijfvaardigheid.)
- Esther Hafkenscheid & Mariëlle Bieleman.
Andere woordaanpak voor overschatters. Taalbeleid in het
voortgezet onderwijs. Blz. 20-27.
(Op het Roelingcollege in Groningen startte in 1995 'de taalklas'
voor taalzwakke leerlingen. De auteurs doen verslag van een onderzoek
naar de effecten van de woordenschatlijn van 'Weet wat je leest' in
die taalklas. Met name "zelfoverschatters", leerlingen die hun
woordkennis te hoog inschatten, bleken baat te hebben bij de
stapsgewijze aanpak van het programma.)
- Recensie, op blz. 28-33:
- <Door: Robbert Roosenboom> J. Dirksen & D. Prak.
Handleiding leesdossier; een complete gids voor docenten Nederlands
en moderne vreemde talen. Bulkboek, Amsterdam, 1998.
D. Prak. ABC van het leesdossier; praktische tips, voorbeelden en
richtlijnen. Bulkboek (SLO), Amsterdam, 1998.
- Forum:
Desiree ter Schure-Smits.
80 % goed = ingeburgerd? Blz. 34-37.
(In Moer 1996/5 schreef Geert van de Ven een redactioneel over de
plaats van Maatschappij-oriëntatie in de toetsen voor
nieuwkomers die een inburgeringscursus hebben gevolgd. Inmiddels zijn
we 2 jaar verder. Desiree ter Schure-Smits reageert n.a.v. de
instelling van de Wet Inburgering Nieuwkomers en de MO Profieltoets
op de ideeën van Van de Ven.)
- Leesvoer, op blz. 38-39:
- B. Dumon & J. Manrho, BoekieBoekie-aftelkalender. NBLC,
Den Haag, 1998, en J. Manrho (red.), De BoekkieBoekie-krant, NBLC,
Den Haag, 1998.
- R. Lap, Zonder taal geen verhaal. MAXPro Records, Eindhoven,
1998 (CD).
- H. van Lierop-Debrauwer, H. Peters & A. de Vries (red.), Een
gat in de grens. Ontwikkelingen in literatuur en onderwijs. Bijdragen
aan het gelijknamige symposium. Tilburg University Press, Tilburg,
1998.
- M. Lunter & H. van Dulmen, Moordmeiden. Vrouw & Kultuur,
Eindhoven, 1998.
- VON-info, op blz. 40:
(Over de contributieverhoging voor het jaar 1999.)
Jaargang 30, nummer 6, december 1998
- Redactioneel:
Mirjam Tuinder. Blz. 241-242.
(Mirjam Tuinder vraagt zich af in hoeverre al de vernieuwingen in
het onderwijs de leerlingen wel aanspreken en of zo die vernieuwingen
het beoogde doel wel bereiken.)
- Buk Kastein, Evelyn Plagman & Geert van de Ven.
Ik kan al lezen, ik wil spreken! Interviews met 'Nieuwe Buren'
cursisten. Blz. 243-252.
(Zelfstandigheid en zelfredzaamheid van de cursist is in elke
methode belangrijk. Toch is de directe invloed van de cursist op het
lesprogramma of het curriculum nog niet erg groot. Drie docenten
hebben d.m.v. interviews met cursisten onderzocht hoe zij de methode
Nieuwe Buren beoordelen.)
- Manja Heerze.
De leeslat, meer dan AVI. Een geintegreerde visie op
leesbaarheid. Blz. 253-260.
(Kinderen moeten boeken lezen op hun niveau, anders lezen ze
niet. Maar wordt 'hun niveau' bepaald door de technische
leesvaardigheid of door hun interesse? Manja Heerze, uitgeefster
jeugdliteratuur, zet in dit artikel een nieuwe manier uiteen om het
niveau van kinderboeken te bepalen.)
- Ed Dumoulin.
Schrijversbezoek en leespromotie! Fictieonderwijs in klas 1 en 2
van het VO. Blz. 261-266.
(Leesbevordering in het voortgezet onderwijs: hoe pak je dat aan?
De Jonge Jury geeft materialen uit om leerlingen te stimuleren meer
boeken te lezen. Ook andere activiteiten kunnen daarbij helpen,
bijvoorbeeld het uitnodigen van schrijvers op school. Ed Dumoulin
laat zien hoe zijn school dat doet.)
- Recensie:
- <Door: Cathy Berg, op blz. 266-274:> C. van de Guchte,
Lezen doe je overal. Een methode aanvankelijk lezen in het Nederlands
voor allochtone neveninstromers. Zwijsen, Tilburg, 1996.
(Incl. handleiding, 9 geluidscassettes en poster).
- Forum:
Mark van Esdam.
Uitzonderingen zijn uitzonderingen. Blz. 275-276.
(Mark van Esdam vindt dat in het spellingsonderwijs
uitzonderingen een te grote rol spelen.)
- Leesvoer, op blz. 279-282:
- R. Appel & A. Vermeer, Woordenschat en taalonderwijs aan
allochtone leerlingen (Studies in Meertaligheid 9.) Tilburg
University Press, Tilburg, 1997.
- J. de Nobel & S. van Vlerken (red.), Handboek voor
schrijvers, nieuwe editie. Stichting Schrijven, Amsterdam, 1998.
University Press, Amsterdam, 1998.
- J. Bakx, M. Bernards & A. de Vries, Nota Bene! Cursus
schrijfvaardigheid voor hoogopgeleide anderstaligen. Coutinho,
Bussum, 1997.
- F. Jansen & L. Gijsbers (red.), Kriskras door het
Nederlands. Sdu, Den Haag, 1998.
- Leesstrip '98. NBLC, Den Haag/Amsterdam, 1998.
- E. Pistoor, Brieven met effect. Sdu, Den Haag, 1998.
- G. van Berkel e.a., Onze Taal Taalkalender 1999. Sdu, Den
Haag.
- VON-info, op blz. 285-288:
(Robbert Roosenboom, de nieuwe voorzitter van de VON, doet
verslag van de ALV en verwoordt het grote ongenoegen van de VON over
de voorgestelde wijzigingen in het programma van de Tweede Fase.)
Jaargang 30, nummer 5, oktober 1998
- Redactioneel:
Elsbeth van der Laan. Quo vadis? Blz. 193-194.
(De onderwijslast voor het leren uitvoeren van leertaken, in
basisvorming of tweede fase, wordt vaak afgeschoven op Nederlands of
de studieles. Elsbeth van der Laan plaatst hierbij kritische
kanttekeningen en stelt zich ondermeer de vraag waarom er zo weinig
transfer plaatsvindt van het geleerde naar andere vakken.)
- Willy van Elsaecker & Ludo Verhoeven.
Het New Wave Project: Motiverend lees- en schrijfonderwijs op de
basisschool. Blz. 195-203.
(Het huidige taalonderwijs op de basisschool is vooral passief in
plaats van (inter)actief. Is het dan vreemd dat kinderen snel hun
motivatie voor lezen en schrijven verliezen? De auteurs beschrijven
het New Wave Project dat lezen en schrijven voor kinderen weer leuk
en motiverender maakt.)
- Saskia Oomkes.
De mogelijkheden van de leesautobiografie. Blz. 204-210.
(Er komen steeds meer methodes Nederlands voor de Tweede Fase
beschikbaar. In deze methodes wordt, meer of minder uitgewerkt,
ingegaan op de leesautobiografie. Saskia Oomkes meent dat al in de
onderbouw aan de leesautobiografie gewerkt kan worden. In dit artikel
licht zij toe hoe en waarom.)
- Mirjam Tuinder & Lea Leenhouwers.
Drukkerijen vroeger en nu. Een buitenschoolse leeropdracht in de
volwasseneneducatie. Blz. 211-218.
(Buitenschoolse opdrachten kunnen, mits goed voorbereid en
aansluitend bij het reguliere programma, een zinvolle aanvulling zijn
voor tweede-taalleerders. De op school geleerde vaardigheden worden
in de praktijk geoefend. De schrijfsters geven weer hoe de
buitenschoolse opdrachten op de Kierschool in Tilburg verliepen.)
- Ingrid Glorie.
Steekpartij op Groningse klassenavond; 'drama' of 'uit de hand
gelopen woordenwisseling'? De taal van krantenberichten. Blz.
219-221.
- Recensie, op blz. 222-225:
- <Door: Charles Kalkhoven:> P. de Maat, M. Kienstra, e.a. Met
zoveel woorden. Woorden leren in groep 3 en 4. Stichting Partners
Training & Innovatie, Rotterdam, 1997. (incl. twee handleidingen
en praatplaten).
- De Literatuurmuur:
Maeike Bosma & Carien Bakker. Tonke Dragt, De torens van
februari. Blz. 226-229.
(Leerlingen verkennen de geheimzinnige wereld van Tonke Dragt in 'De
torens van februari'.)
- Leesvoer, op blz. 232-236:
- Teleac/NOT. Lezen voor de lijst.
- M. van de Laarschot. Lesgeven in meertalige klassen. Handboek
Nederlands als tweede taal in het voortgezet onderwijs.
Wolters-Noordhoff, Groningen, 1997.
- R. Belemans & J. van Thienen. Ich kal ooch Limburgs.
Creatief lespakket voor de tweede en derde graad van het
secundair onderwijs. Provincie Limburg, Hasselt, 1998.
- A. Kraal e.a. Thema's met toekomst. Meulenhoff Educatief,
Amsterdam, 1998. (Met handleiding en video)
- G. Booij & A. van Santen. Morfologie. De woordstructuur van
het Nederlands. Amsterdam University Press, Amsterdam, 1998.
- K. van Rijswijk. Korte leidraad bij het publiceren van teksten.
Acco, Leuven/Leusden, 1998.
- A. Tordoir & Th. Meestringa. Taalbeleid op drie vo-scholen
in grote steden. Drie casestudies in het schooljaar 1996-1997.
SLO, Enschede, 1998.
- P. Mooren. Langs de Lange Lindelaan. Opstellen over
jeugdliteratuur en leesonderwijs. NBLC, Den Haag, 1998.
- VON-info, op blz. 238-240:
(Over een vakcurriculum Nederlands voor de Pabo, dat onlangs
gereed is gekomen, en tot stand kwam via een aanvrage van de VON.)
Jaargang 30, nummer 4, augustus 1998
- Redactioneel:
Jan Peter Houtman.
Goede schoolkeuze, goed taalonderwijs? Blz. 145-146.
(Scholen moeten zich alsmaar meer verantwoorden, maar worden ze
daarbij ook werkelijk op kwaliteit afgerekend? Jan Peter Houtman is
vooralsnog sceptisch.)
- Frans Plooij & Noëlle Uilenburg.
De Dinokrokus-methode. Een Europees project voor Tweede Taal op
de basisschool. Blz. 147-153.
('Dinokrokus' is een van oorsprong Italiaanse methode Tweede
Taal voor kleuters. Volgens de auteurs - Gemeentelijk Pedologisch
Instituut van Amsterdam - combineert deze methode de verworvenheden
van bekende NT2-methoden met aandacht en ruimte voor de
ervaringswereld van kleuters en is daarmee een antwoord op de
ontevredenheid van veel scholen met de gebuikelijke NT2-methoden.
De auteurs schetsen de uitgangspunten en evaluatiegegevens van
'Dinokrokus'.)
- René Lieman.
De Dinokrokus-methode in de praktijk. Blz. 154-156.
(In aansluiting op het artikel van Plooij & Uilenburg
beschrijft de auteur de ervaringen met 'Dinokrokus' op de Joop
Westerweelschool in Amsterdam. De auteur is intern
projectbegeleider op deze school, een school die te karakteriseren
is als een 'achterstandsschool'.)
- Geert van de Ven (interview).
'En zie: de dode vogel kwam tot leven.' Over een taalleerder
die meester werd. Blz. 166-170.
(Kader Abdolah vertelt in een interview over zijn boeken, zijn
eerste ervaringen in Nederland en het succes van zijn
tweedetaalverwerving.)
- Recensie, op blz. 157-166:
- <Door: Marieke Draaisma:> I. van Nieuwenhuijsen, e.a.
Nieuw
Nederlands Havo Bovenbouw (incl. Hulpboek en Docentenboek en
oefendiskette). Wolters-Noordhoff, Groningen, 1998.
- Voorpublicatie, op blz. 170-173:
A. Bergsma, e.a. Zestien Plus deel 3. Nederlands als tweede taal
voor volwassenen (Taakboek, Werkboek en Docentenhandleiding met
cassettes en videobanden). Wolters-Noordhoff, Groningen, 1998.
- De Literatuurmuur:
Carien Bakker & Maeike Bosma.
Ronald Giphart, Ik ook van jou. Blz. 174-178.
(Leerlingen discussiëren over 'Ik ook van jou' van
Giphart.)
- Verslag:
Carien Bakker & Maeike Bosma.
Literair café met Ronald Giphart. Blz. 179-180.
(In Groningen hebben leerlingen een literair caf'e
georganiseerd met als gast Ronald Giphart. Een verslag van de
organisatie van deze middag en de reacties van leerlingen.)
- Idee:
- Trientje Tjitjak, een tweetalig kinderboek. Blz. 181-182.
(Over: Hylkje Steensma, Trintje Tjitjak/Trientje Tjitjak.
Landelijk Steunpunt Educatie Molukkers/Het Drentse Boek, Utrecht,
1996).
- Leesvoer, op blz. 184-188:
- P.J. Dekkers & C. Jansen, Computergebruik Remediale
Hulp,
Beschrijvingen van softwarepakketten voor de aanpak van
leerproblemen. CPS, Amersfoort, 1997.
- Frank Hellemans, Mediatisering en literatuur. Een moderne,
mediavergelijkende literatuurgeschiedenis. Acco, Leuven, 1996.
- M. Sanders, C. Mathijssen & H. Humme, Vijftig wereldboeken.
Uittreksels en lessuggesties voor interculturele jeugdliteratuur.
Thieme, Zutphen, 1998.
- P. van Bart, J. Kerstens & A. Sturm, Grammatica van het
Nederlands. Een inleiding. Amsterdam University Press, Amsterdam,
1998.
- H. Hoeken, Het ontwerp van overtuigende teksten. Wat onderzoek
leert over de opzet van effectieve reclame en voorlichting.
Coutinho, Bussum, 1998.
- T. Janssen, Literatuuronderwijs bij benadering. Thesis
Publishers, Amsterdam, 1998.
- J. Hakemulder, Caleidoscoop Leesonderzoek 1998. Stichting Lezen,
Amsterdam, 1997.
- W.A. Shadid, Grondslagen van interculturele communicatie.
Studieveld en werkterrein. Bohn Stafleu Van Loghum, Houten/Diegem,
1998.
- VON-info, op blz. 190-192:
(Informatie over en toelichting t.b.v. de VON-ledenvergadering op 7
november 1998 te Utrecht, o.a. over de kandidaat voor het
voorzitterschap van de VON, de Vereniging voor het Onderwijs in het
Nederlands.)
Jaargang 30, nummer 3, juni 1998
- Redactioneel:
Geert van de Ven:
Redactioneel: Alle hens aan dek! Vernieuwing in het
NT2-onderwijs. Blz. 97-99.
(Over de ontwikkeling van het denken in leerlijnen naar het
denken in termen van leren op maat in het NT2-onderwijs.)
- Peter Prins.
Taalbeleid ... dat zie je!! Werken aan taalonderwijs op
meertalige basisscholen. Blz. 100-107.
(Bij het ontwikkelen van taalbeleid is het belangrijk dat je
als school je eigen weg vindt. Tegelijkertijd is het goed inspelen
op taalachterstanden een complex proces, waarbij het soms moeilijk
is door de bomen het bos te blijven zien. Peter Prins beschrijft de
vijf fasen waarin taalbeleid kan worden opgezet.)
- Peter van Os.
Begrijpend lezen in circuit op de basisschool. Blz. 108-115.
(In circuitonderwijs kunnen leerlingen opdrachten kiezen die
aansluiten bij hun tempo, niveau, interesse en/of leerstijl. Peter
van Os laat zien hoe het circuitonderwijs op een Rotterdamse
basisschool vorm krijgt.)
- Nicoline Smal & Jeanne Kurvers.
De eerste schooldagen. Vier analfabete leerlingen in het
voortgezet onderwijs. Blz. 116-123.
(Emin, Sadia, Yamina en Jamil zijn tieners die in de loop van
het vorige schooljaar naar Nederland kwamen. Alle vier hadden ze
geen tot weinig ervaring met onderwijs. In het kader van een
afstudeerproject werden deze leerlingen gevolgd tijdens hun eerste
periode in het Nederlandse onderwijs. Een verslag van de
bevindingen.)
- Forum:
Hans Goosen.
Mosterd na de maaltijd? Een kort antwoord op de reactie van
Dick Prak. Blz. 130.
(Discussie over het leesdossier.)
- De Literatuurmuur:
Maeike Bosma & Carien Bakker.
Bernlef, Hersenschimmen. Blz. 124-129.
(Bosma en Bakker laten leerlingen kennismaken met het boek
Hersenschimmen van J. Bernlef.)
- Idee:
- De Bezige Bij. Geen ogenblik bang geweest. Negentien
avonturen. Amsterdam, De Bezige Bij, 1997.
- H. Schuurmans. Plotter wil niet zwemmen. Hasselt, Clavis,
1997.
- Leesvoer:
- M. Werts. Suggesties voor intercultureel onderwijs. Primair
onderwijs. Enschede, SLO, 1997.
- S. Verhallen & H. Snoeken. Vakonderwijs aan anderstaligen.
Amsterdam, ITTA, 1995.
- J. Bakermans. Zelfstandig leren. Amersfoort, CPS, 1997.
- P. Bos, Development of bilingualism. A study of school-age
Moroccan children in the Netherlands. Tilburg, Tilburg University
Press, 1997.
- G. Boterblom, Dossier: Boudewijn Buech. Arnhem, Uitg. Ellesy,
1997.
- C. Gerritsma & R. van der Veen (red.), Prisma
Uittrekselboek 5. Nederlandse literatuur 1994-1996. Utrecht, Het
Spectrum, 1997.
- Levende Talen Special, Talen in de nieuwe tweede fase.
- W. de Moor, Onder zeil naar Ithaka. Den Haag, NBLC, 1997.
- M. Lunter, Lezen over Thea Beckman. Den Haag, NBLC, 1997.
- E. Roskam, Lezen over Kees van Kooten, Den Haag, NBLC,
1997.
- VON-info. Blz. 142-144.
(Over de 'ouderwetse schooljuf' en ander ongemak.)
Jaargang 30, nummer 2, april 1998
- Redactioneel:
Ilse Bolscher.
Redactioneel: Wat lezen ze nou nog? Literatuur in de Tweede
Fase. Blz. 49-50.
(Een weerwoord op de bezwaren van Cyriel Offermans en Piet
Calis tegen het literatuuronderwijs in 'het studiehuis'.)
- Ilonka Verdurmen.
Ik ben het water in de vaas. Poëzie in het voortgezet
onderwijs. Blz. 51-57.
(In het project 'School der poezie' van de Rode Hoed in
Amsterdam lezen jongeren Slauerhoff, Lucebert, Duo Duo, Stitou en
Kouwenaar en schrijven ze zelf gedichten. Leerlingen presenteren
hun poëzie in een echt theaterprogramma in De Rode Hoed.
Ilonka Verdurmen doet verslag en licht toe.)
- Eugenia Codina, Yolaine de Wit & Peter Wolfgram.
Trias: onderwijs in de eigen taal voor kleuters. Blz. 58-66.
(Het blijkt voor kinderen met een andere taalachtegrond dan het
Nederlands heel belangrijk te zijn om de eigen moedertaal goed te
leren spreken. Het programma 'Trias' wil deze moedertaalverwerving
stimuleren, en tegelijkertijd de afstemming tussen onderwijs in
eigen taal en de Nederlandse les bevorderen. Dat dit het gewenste
resultaat heeft, is uit een onderzoek gebleken. De auteurs
beschrijven wat 'Trias' is en hoe het werkt.)
- Folkert Kuiken.
Taaltaken binnen 'Zebra'. Basisleergang NT2 voor
neveninstromers voortgezet onderwijs. Blz. 66-76.
(Taakgericht taalonderwijs staat sterk in de belangstelling.
Zie o.a. het themanummer Moer 1997/6 en Moer 1998/1 over de methode
'Schoolslag'. In dit artikel staat de opbouw van taaltaken binnen
een taakgerichte leergang centraal. Aan de hand van 'Zebra', een
basisleergang NT2 voor neveninstromers in het voortgezet onderwijs
(januari 1999), illustreert de auteur hoe de leerlingen aan steeds
hogere eisen moeten voldoen bij de uitvoering van een taaltaak.
Daaraan voorafgaand geeft hij een korte karakterisering van de
leergang en een toelichting van wat in 'Zebra' onder taaltaken en
een taakgerichte aanpak wordt verstaan.)
- Forum:
Dick Prak.
Mosterd na de maaltijd. Een reactie op Hans Goosen. Blz. 85.
(De auteur reageert op het Forum van Hans Goosen in Moer 1998/1
over het leesdossier.)
- De Literatuurmuur:
Maeike Bosma & Carien Bakker.
Mijn botjes zijn bekleed met deftig vel. Blz. 86-87.
(Bosma en Bakker verwerken met hun leerlingen het gedicht
"Buigen" uit de bundel 'Mijn botjes zijn bekleed met deftig vel'
van Ted van Lieshout.)
- Besprekingen:
- <Door: Katinka de Croon & Merlijn Jacobs:> Werkgroep
Anderstalige Nieuwkomers. Joker. Eerste opvang in de reguliere klas
van het basisonderwijs. (Bronnenboek en kopieerbladen). Leuven,
Steunpunt NT2, 1997.
- <Door: Antoinette Lodewijks:> H. van Haute. He, doe je
mee? Liedjes, dansjes en versjes voor kleuters. Hasselt, Mozaiek,
1997.
- Leesvoer:
- J. Sijstra (red.), Balans van het taalonderwijs aan het
einde van de basisschool 2. (PPON-reeks 10a). Arnhem, Cito, 1997.
- AVI-niveaulijst voor het technisch lezen - Totaaloverzicht
1997. Den Bosch, KPC Groep, 1997.
- W. van Sebille. De Muze zit aan. Werkboek voor schrijfgroepen.
Amsterdam, Stichting Schrijven, 1997.
- P. van Setten-Mager. Checklist studiesucces. Den Bosch, Cinop,
1997.
- F. Janssen-Vos. Basisontwikkeling in de onderbouw. Assen, Van
Gorcum, 1997.
- H. Ringnalda (red.). Taalbeschouwing in het basisonderwijs.
Verslag van twee studiedagen. Den Haag, Nederlandse Taalunie, 1997.
- J. Beekhuis & E. Kraak-Haan. De Basis. Nederlands voor
buitenlanders. (Tekstboek, Werkboek, Docentenhandleiding).
Amsterdam/Meppel, Boom, 1997.
- G. Houtzager (red.). Penta Dossier 97/98. Amsterdam, Bulkboek,
1997.
- VON-info. Blz. 94-96.
Jaargang 30, nummer 1, februari 1998
- Emmeken van der Heijden.
Vertalenderwijs verwerven. Vertalen in het onderwijs Nederlands
als vreemde taal. Blz. 4-9.
(In het huidige taalverwervingsonderwijs Nederlands wordt
veelvuldig gebruik gemaakt van communicatieve methodes.
Vertaaloefeningen vormen geen onderdeel van deze methodes. Vertalen
is dan ook afwezig in het onderwijs Nederlands als tweede taal. Aan
buitenlandse universiteiten echter maakt vertalen wél deel
uit van de taalverwervingsprogramma's Nederlands. Is vertalen in
het taalverwervingsonderwijs zinvol?
Emmeken van der Heijden is lector Nederlands aan de Rheinische
Friedrich-Wilhelms-Universität in Bonn (Duitsland). Zij
schetst in dit artikel de rol die vertalen speelt in het onderwijs
Nederlands als vreemde taal. Bovendien laat ze zien waarom vertalen
volgens haar goed aansluit bij de communicatieve benadering van
taalverwervingsonderwijs.)
- Amos van Gelderen.
Leesgroepjes in de basisschool. Ervaringen van een
'leesmoeder'. Blz. 10-22.
(Het leesonderwijs op de basisschool staat volop in de
belangstelling. Nederlandse leerlingen blijven achter in
internationale vergelijkingen en bovendien profiteren veel
allochtone leerlingen onvoldoende van het leesonderwijs. Regelmatig
woedt er in de landelijke media een discussie over de vraag of
kinderen wel genoeg lezen. In het programma van het
Expertisecentrum Nederlands wordt bijzondere aandacht gegeven aan
het begrijpend lezen van jongere kinderen. In een bijdrage in Moer
1996/4 reageerde Annerieke Freeman-Smulders kritisch op de
ideëen van het Expertisecentrum. Amos van Gelderen sluit op
deze discussie aan. Hij heeft enige jaren ervaring met het
begeleiden van heterogene groepjes waarin het begrijpend lezen
centraal staat op basisschool De Bron in de Amsterdamse Staatsliedenbuurt.
Op basis van deze ervaringen beschrijft hij wat de
mogelijkheden zijn van 'geïntegreerd tekstonderwijs': communicatief
en adaptief lees- en taalonderwijs op de basisschool.)
- Marijke Asscheman, Regine Bots & Theun Meestringa.
Kijk naar jezelf en luister naar een ander. Feedback in
Schoolslag: taakgericht Nederlands voor de BAVO. Blz. 23-34.
(Binnenkort komt er een nieuwe methode voor Nederlands in de
basisvorming, Schoolslag, op de markt, die de leerlingen de kans
wil geven tot zelfstandige (taal)leerders uit te groeien. Zo
bereidt deze leergang voor op de eisen die in de vernieuwde tweede
fase van het voortgezet onderwijs aan de leerlingen gesteld worden.
Hoe proberen de ontwikkelaars van Schoolslag dit voor elkaar te
krijgen? In dit artikel beschrijven Marijke Asscheman, Regine Bots
en Theun Meestringa, drie medewerkers aan Schoolslag, hoe dit in de
leergang verwerkt is: via gerichte feedback op het uitvoeren van
taaltaken. In Schoolslag wordt een iets andere invulling gegeven
aan taakgericht taalonderwijs dan in Moer 1997/6 dat als thema
taakgericht taalonderwijs heeft. In Schoolslag staan per les
bepaalde taaltaken centraal, zoals het scrhijven van een brief of
het lezen van een tekst, die via een geëxpliciteerde vaste
aanpak ingevuld en uitgewerkt worden in de stappen voorbereiden,
uitvoeren en terugkijken, het zogenaamde VUT-model.)
- Forum:
Hans Goosen.
Een kameel van Steven. Van leesdossier naar uittrekselmap. Blz.
41-43.
(De Vakontwikkelgroep Nederlands gaf in 1995 als advies over
het leesdossier dat er een tekstervarende benadering gestimuleerd
werd: de leerling moet opschrijven wat hij van een gelezen boek
vond. Hans Goosen, lid van de Vakontwikkelgroep, constateert dat in
de huidige examenprogramma's, maar ook elders, veel te veel nadruk
gelegd wordt op het schrijven van een samenvatting.)
- Verslag:
Marion Siemonsma.
VUT aan de basis. Vernieuwingen in het VO. Blz. 39-41.
(Marion Siemonsma doet verslag van de lezing die de heer Prior
(Procesmanagement Voortgezet Onderwijs) verzorgde op een studiedag
van de sectie NT2 van de Vereniging van Leraren van Levende Talen.)
- Besprekingen:
- <Door: Mirjam Tuinder:> S. van Sliepen, A. Bakker &
A. van
Pruissen. Implementatie van taalbeleid in het voortgezet
onderwijs. Den Bosch, KPC Groep, 1997.
- Leesvoer, blz. 44-46.
- J. Aitchison, De sprekende aap. Over oorsprong en evolutie
van de menselijke taal. Utrecht, Het Spectrum, 1997.
- I. Verdurmen (red.), Morgen ben ik een vis. Gedichten van
jongeren. Amsterdam, De Rode Hoed/Van Gennep, 1997.
- Literatuur zonder leeftijd. Kwartaaltijdschrift voor de studie
van kinder- en jeugdliteratuur.
- T. Mooij (red.), Leerstoflijnen Nederlands in het studiehuis.
Ubbergen, Tandem Felix, 1997.
- M. Timp, De Berlage Taalcursus. Intensieve cursus Nederlands
voor school en studie (2 boeken). Bussum, Coutinho, 1997.
- VON-info. Blz. 47-48.
Jaargang 29, nummer 6, december 1997
Themanummer 'Taakgericht Taalonderwijs'
- Kris Van den Branden en Folkert Kuiken.
Taakgericht taalonderwijs: een nieuw geluid? Blz. 281-290.
(Steeds vaker hoort men de laatste tijd verluiden dat
taalonderwijs taakgericht zou moeten zijn. Wat houdt dergelijk
onderwijs in? Wat zijn de verschillen en overeenkomsten met
communicatief taalonderwijs? En wat is de rol van de docent bij
deze vorm van onderwijs? Dat zijn vragen die Kris Van den Branden
(Steunpunt NT2, Leuven) en Folkert Kuiken (Universiteit van
Amsterdam) in deze inleiding op het themanummer aan de orde
stellen. Beiden zijn als onderzoeker en ontwikkelaar betrokken bij
taakgericht onderwijs.)
- Marleen Colpin & Koen Van Gorp.
Docentinterventies in taakgericht onderwijs. Blz. 291-302.
(In de praktijk hangt het rendement van taakgericht onderwijs
niet alleen af van de gekozen taaltaken, maar ook van de wijze
waarop de leerkracht de leerlingen ondersteunt bij het uitvoeren
ervan. In dit artikel zetten Marleen Colpin en Koen Van Gorp eerst
de kenmerken van goede taaltaken nog eens op een rijtje, waarna hun
artikel zich toespitst op de rol van de leerkracht in taakgericht
onderwijs. Daarbij putten de auteurs uit hun jarenlange
werkervaring aan het Steunpunt Nederlands als Tweede Taal
(Katholieke Universiteit Leuven, België). Colpin en Van Gorp
waren niet alleen betrokken bij de ontwikkeling van een
taakgerichte methode voor de basisschool (De Toren van Babbel),
maar ook bij de ondersteuning en nascholing van leerkrachten om
taakgerichter les te geven.)
- Maarten van der Burg & Elsbeth van der Laan.
Ziezo, dat kan ik! Blz. 302-315.
(Maarten van der Burg is werkzaam op de Esprit scholengroep,
vestiging Berlage te Amsterdam. Op de Berlage verzorgt hij de
Projectlessen voor de brugklassen. Per jaar worden er in
projectlessen zes thema's behandeld in veertig lesuren. De
brugklassen zijn zeer heterogeen samengesteld. Sommige leerlingen
zijn in Nederland geboren, anderen hebben in Amsterdam alleen (een
deel van) de basisschool doorlopen. Voor de meeste leerlingen is
het Nederlands niet de moedertaal. Maarten van der Burg doet een
goede poging om met deze verschillen om te gaan in zijn
projectlessen. In de projectlessen ligt het accent op
taalverwerving, het leren en het gebruiken van het Nederlands. De
opzet ervan is zodanig dat de opdrachten in kleine taakjes zijn
opgedeeld zodat iedere leerling, ongeacht de taalachtergrond, deze
taak succesvol kan uitvoeren. Elsbeth van der Laan nam een kijkje
in de klas. Aan de hand van verschillende lesvoorbeelden wordt met
name duidelijk hoe bij taakgericht onderwijs omgegaan kan worden
met verschillen tussen leerlingen.)
- Annemie Gevaerts, Jes Leysen & Jo van den Hauwe.
Huis te koop! Taakgericht werken met volwassenen. Blz. 316-325.
(Dat (ook) in taakgericht onderwijs alle leerkrachten hun eigen
stempel drukken op de lessen die zij geven, blijkt uit dit artikel.
Twee lesgevers Nederlands aan anderstaligen (binnen de
volwasseneneducatie) bouwden een taalles op aan de hand van
dezelfde taaltaak. Naast overeenkomsten vielen er tussen de twee
lessen ook behoorlijk wat verschillen op te tekenen. In dit artikel
worden beide lessen (en docenten) als uitgangspunt genomen voor een
boeiend relaas over de praktijk van taakgericht onderwijs. Daarbij
doorlopen de auteurs de verschillende fasen van een taakgerichte
les, vanaf de 'instap' tot de procesgerichte evaluatie, en spitsen
ze hun aandacht toe op de inbreng van de docent die nodig is om een
taakgerichte les niet alleen op papier, maar ook in de praktijk te
doen werken.)
- Nora Bogaert & Goedele Duran.
Een grote doos? De rol van explicitering in taakgericht
onderwijs. Blz. 325-334.
(In het traditioneel taalonderwijs worden grammaticaregels en
strategieën vaak eerst afzonderlijk uitgelegd en ingeoefend,
om pas daarna geïntegreerd te worden in communicatieve
opdrachten. In taakgericht onderwijs wordt veelal de omgekeerde weg
bewandeld: uit hun pogingen om taal te begrijpen en te produceren
in communicatieve situaties, leiden taalleerders gaandeweg regels
en strategieën af, en het is door verder taalgebruik dat deze
regels en strategieën verfijnd worden. Is er binnen
taakgericht onderwijs dan geen plaats voor expliciete uitleg van
regels en strategieën? Toch wel. Nora Bogaert en Goedele
Duran, beiden verbonden aan het Steunpunt NT2 (Leuven, België)
tonen wat het doel van explicitering kan zijn, en hoe en wanneer
die explicitering taalverwerving kan ondersteunen. Zij doen dit
vanuit hun ervaring met een specifieke doelgroep (anderstalige
nieuwkomers), maar hun inzichten zijn ook bruikbaar voor
taalleerders van andere leeftijden en niveaus.)
- Magda Vanmontfort.
Taakgericht werken voor zwakkere leerders: verloren moeite?
Blz. 334-342.
(Er wordt wel eens beweerd dat taaldidactieken die een sterk
accent leggen op de actieve leerder en het zelfontdekkend leren,
vooral renderen voor de betere leerlingen. De zwakkere leerling zou
in de kou blijven staan en de extra zorg en structurering die hij
nodig heeft, ontberen. Binnen taakgericht onderwijs hoeft dat
echter geenszins zo te zijn. Integendeel: volgens Magda Van
Montfort biedt juist een taakgerichte aanpak optimale kansen om ook
de zogenaamd 'zwakke leerders' in hun taalverwerving te stimuleren,
en hun motivatie en competentiegevoel tijdens taal- en andere
lessen hoog te houden. Van Montfort bouwt haar artikel op vanuit
een concrete (taakgerichte) les die werd opgenomen op video. In
haar sterk psychologisch onderbouwd verhaal gaat de auteur vooral
in op de ondersteuning die docenten op verschillende niveaus kunnen
bieden naar hun zwakste leerders toe wanneer die laatste zich wagen
aan moeilijke taken.)
- Marijke Huizinga.
Taakgericht onderwijs in 0031. Blz. 343-352.
(In dit artikel wordt de taakgerichtheid van de leergang 0031
onder de loep genomen.)
- Jan Peter Houtman & Geert van de Ven.
Haal Sneeuwwitje uit onderwijsland! Taakgerichtheid: een
sprookje of praktijk? Blz. 353-362.
(Veel pogingen tot onderwijsvernieuwing lijken op het welbekende
sprookje van Sneeuwwitje: zij sterven in schoonheid. Hoe te
voorkomen dat hetzelfde met taakgericht onderwijs gebeurt? Jan
Peter Houtman en Geert van de Ven onderzoeken op welke manier deze
onderwijsvorm bij implementatie de meeste kans op succes heeft.
Daarbij verrijken zij het Nederlands met twee nieuwe betekenissen
van een sneeuwwitje: 'sneeuwwitje (o;-s)' 1 perfect
onderwijsconcept dat niet gevoed wordt door de praktijk en daardoor
niet tot ontwikkeling komt; 2 docent die beweert altijd al naar dit
perfecte concept gehandeld te hebben.)
- Koen Jaspaert & Barbara Linsen.
Succes verzekerd? Effecten van invoering van taakgericht
onderwijs. Blz. 362-373.
(Ingegaan wordt op de effecten van de invoering van taakgericht
onderwijs, zowel op het niveau van de leraar als dat van de
leerling. De auteurs maken hierbij gebruik van de resultaten van
een onderzoek naar de effecten van taakgericht werken op
verschillende OVB-scholen in Vlaanderen, waarbij vooral ingegaan
wordt op de implementatie van de taakgerichte aanpak.
Leerlingresultaten worden hier niet gebruikt om algemene uitspraken
te doen over het nut van taakgericht onderwijs, maar om na te gaan
welke aspecten van taakgericht onderwijs bij de implementatie veel
aandacht verdienen.)
- Forumdiscussie.
Uitgesproken taakgericht. Forumdiscussie met Cor Aarnoutse,
Peter Bimmel en Koen Jaspaert. Blz. 378-385.
(Discussie met drie onderwijsvernieuwingsexperts over de kansen
voor taakgericht onderwijs.)
- Kris van den Branden, Jan Peter Houtman, Folkert Kuiken, Elsbeth
van der Laan & Geert van de Ven.
In de lijn van de leerling. Blz. 386-387.
(Afsluitende beschouwing bij het themanummer over taakgericht
taalonderwijs.)
- Besprekingen:
- <Door: Herman Giesbers:> VON-Werkgroep NT2. Taakgericht
taalonderwijs: een onmogelijke taak? Antwerpen/Deurne, Wolters
Plantyn, 1996.
- Leesvoer, blz. 388-389.
- M. Hajer, Leren in een tweede taal. Interactie in
vakonderwijs aan een meertalige mavo-klas. Groningen,
Wolters-Noordhoff, 1996.
- M. Huizinga & A. van Kalsbeek, Kijk op de klas. Verslag van
beschrijvend onderzoek van het onderwijs Nederlands als Tweede Taal
in zes klassen volwassen anderstaligen. Amsterdam, VU-uitgeverij,
1996.
- A. Bensmann & A. Kleinheerenbrink, De roos van open leren. Een
handreiking bij het invoeren van open leren in een BVE-instelling.
Rotterdam, Educatief Centrum Rijnmond, 1997.
- H. Knijpstra, B. Pompert & T. Schiferli, Met jou kan ik lezen en
schrijven. Een ontwikkelingsgerichte didactiek voor het leren lezen
en schrijven in groep 3 en 4. Assen, Van Gorcum, 1997.
Jaargang 29, nummer 5, oktober 1997
- Herman Giesbers.
Redactioneel: Leraar moet je willen blijven worden. Blz. 217-218.
(Commentaar op de plannen van een Stuurgroep Beroepskwaliteit
Leraarschap voor het invoeren van zogenoemde Registerleraren.)
- Lucie Visch.
Toen ik buiten aan het spelen was zag ik rode roosjes. Gedichten
schrijven op de basisschool. Blz. 219-225.
(In Amsterdam voeren consulenten literaire vorming
gedichtenprojecten uit op de basisschool. Lucie Visch beschrijft
hoe zij en haar collega's met kinderen uit groep 4 tot 7 gedichten
schrijven en bekijken, en waarom zij dat op die manier doen.)
- Tanja Janssen.
Zijn er nog problemen? Docentvragen in het literatuuronderwijs.
Blz. 226-237.
(Welke vragen stellen docenten en welke opdrachten geven ze hun
leerlingen tijdens de literatuurles in het voortgezet onderwijs? In
dit artikel staan 2 leraren Nederlands centraal, van wie de
doelstellingen, tekstkeuze en didactische aanpak van elkaar
verschillen. Janssen heeft onderzocht welke verwerkingsprocessen
bij de leerlingen geactiveerd worden en welke onderbelicht blijven.
Ze beschrijft de resultaten en geeft suggesties voor de praktijk
van het literatuuronderwijs.)
- Jan Erik Grezel.
Nederlands leren op z'n Delfts. Blz. 238-248.
('Nederlands voor Buitenlanders' oftewel de 'Delftse Methode' leidt
15 jaar na verschijnen nog steeds tot verhitte debatten in kringen
van het NT2-onderwijs. Anderzijds wordt de 'Delftse Methode' veel
gebruikt en worden de uitgangspunten ervan nu ook toegepast in
recent verschenen nieuwe leergangen. Jan Erik Grezel zet
uitgangspunten, werkwijzen, nieuwe ontwikkelingen en ervaringen
rond de 'Delftse Methode' nog eens op een rijtje.)
- Aartje van Dijk.
Forum: Moest dit nu zo? Blz. 267-268.
(De auteur geeft haar weerwoord op de kritiek die Herman Giesbers
en Mieke van der Loop in Forum van Moer 1997/5 formuleerden op een
in 1998 te verschijnen leerplan alfabetisering voor de eerste
opvang in het voortgezet onderwijs.)
- Jan Sturm.
VON-info: Over onderwijsbaronnen en zelfbenoemde zaakwaarnemers.
Blz. 277-280.
(Evenals in het Redactioneel wordt in de VON-info ingegaan op de
plannen voor een beroepsstandaard voor leraren. Sturm gaat m.n. ook
in op de merkwaardige en ondoorzichtige wijzen waarop de commissies
over dit onderwerp tot stand zijn gekomen.)
- Besprekingen:
- <Door: Charles Kalkhoven:> Joss Broere, e.a. Meer dan taal alleen.
Totaalleerplan neveninstromers basisonderwijs. 's Hertogenbosch,
KPC, 1996.
- <Door: Henk Lammers:> M. Couzijn. Observation of writing and
reading activities. Effects on learning and transfer. Dordrecht,
Dorfix, 1995 (diss. UvA).
- <Door: Mari-Janne Padmos:> H. Lindijer, N. Brandenbarg & N.
Groenteman. Hokus Sprokus. Dramatische werkvormen in de meertalige
kleuterklas. Amsterdam, SKVA/Kunstweb, 1996. (Boek en cassette).
- Leesvoer, blz. 271-274.
- J. de Vries & F. de Tollenaere, Etymologisch woordenboek. Utrecht,
Het Spectrum, 1997.
- P. Dekkers, Onderwijs in taalbeschouwing. Nadenken over taal en
taalgedrag. Tilburg, Zwijsen, 1997.
- T. de Vries & H.J. Slieker, Schrijftaal. Leer-/werkboek voor het
volledige praktijkdiploma Nederlandse bedrijfscorrespondentie.
Zutphen, Thieme, 1997.
- P. de Kleijn, Het stoplicht. Verhalenbundel voor buitenlanders.
Groningen, Wolters-Noordhoff, 1996.
- J. Heerze & C. Gerritsma, Eerste druk '96. Literair Jaarboek van
Nederlands proza. Baarn, Van Walraven, 1997.
- A. Peypers & K. van Dorp, Lees het nog eens. Handboek voor het
schrijven van gedichten. Lelystad, Stichting IVIO, 1996.
- R. Reinsma & W. Hus, Prisma van de voorzetsels. Utrecht, Het
Spectrum, 1997.
- Nieuwe media in het talenonderwijs. Themanummer van Levende Talen,
520, mei 1997.
Jaargang 29,
nummer 4, juli 1997
- Geert van de Ven.
Redactioneel: Zelfstandigheid. Welke rol kiest het model? Blz.
153-154.
(Over zelfstandig werken en leren door de leerder wordt de laatste
tijd veel gediscussieerd. Geert van de Ven bespreekt de
consequenties hiervan voor de rol van de docent, bijvoorbeeld in
hoeverre deze vrij moet omgaan met een methode.)
- Andre Hoekstra & Tom Oud.
Luisteren is goud. Spreek- en luisteronderwijs in de bovenbouw
HAVO/VWO. Blz. 154-164.
(Er is momenteel nog geen methode die goed voorbereidt op de
afsluiting van het spreek- en luisteronderwijs in de Tweede Fase,
vinden Andre Hoekstra en Tom Oud. Zij hebben zelf geprobeerd dit
hiaat op te vullen en maakten voor de OSG Winkler Prins in Veendam
een serie spreek- en luistervaardigheidslessen voor de bovenbouw
van HAVO en VWO. Dit lesprogramma wordt intussen ook al op enkele
andere scholen uitgevoerd. De SLO heeft er in 1995 een case-study
aan gewijd. Op de HSN-conferentie in 1996 in Antwerpen zijn
Hoekstra en Oud op verschillende punten van het spreek- en
luisteronderwijs ingegaan en hebben ze stilgestaan bij het
geintegreerd vaardigheidsonderwijs waarbinnen presenteren en
discussieren een belangrijke rol spelen.
In dit artikel beschrijven ze hoe op hun school een koppeling
gemaakt wordt tussen spreekbeurt of presentatie en discussie. Ze
gaan daarbij ook in op een aantal achtergronden, waaronder de
plaats van taalmiddelen in het discussieonderwijs, onder
verwijzing naar artikelen van Van Gelderen en Miedema & Meestringa
in vorige afleveringen van Moer (1996-4, 1996-5). Tot slot
bespreken ze in het kort hoe onderdelen van het spreek- en
luisteronderwijs in andere vakken ingezet worden.)
- Carry van de Guchte & Jeanne Kurvers.
Analfabete zij-instromers in het onderwijs: feit en fictie. Blz.
165-175.
(Over analfabete leerlingen hoor je vaak zeggen: 'Ze kunnen niet
goed waarnemen', 'Het zijn net kleuters', 'Ze zijn achter in
motorische ontwikkeling', 'Ze moeten heel anders leren lezen dan
jonge kinderen, enzovoorts. In dit artikel reageren Carry van de
Guchte en Jeanne Kurvers op opvattingen over analfabeten die ze in
het onderwijsveld vaak tegenkomen. Ook gaan ze in op artikelen
over analfabeten die eerder in Moer verschenen zijn. Verder wordt
een aantal handreikingen voor de praktijk gegeven, in de vorm van
suggesties voor de didactiek van het leesonderwijs en een korte
typering van de methode 'Lezen doe je overal', die voor deze
doelgroep is ontwikkeld.)
- Paul Hermsen, Els Vos & Udo Holtappels.
Het toverwoord in NT2 is flexibiliteit. Anders leren moet! Blz.
176-186.
(Op steeds meer instellingen voor onderwijs in het Nederlands als
tweede taal worden Open Leercentra als aanvulling op het bestaande
curriculum ingezet. De auteurs vertellen hoe zij op het Regionaal
Educatief Centrum Eindhoven met het Open Leercentrum zelfstandig
leren en flexibel leren proberen te verwezenlijken en hoe de
methode 'Nieuwe Buren' hierbij ingezet wordt.)
- Maeike Bosma & Carien Bakker.
Literatuurmuur: Wie weg is, is weg. Lesmateriaal bij verhalen van
Kader Abdolah. Blz. 192-199.
(Deze literatuurmuur bestaat uit een beschrijving van vier
lesactiviteiten. Verder is beknopte achtergrondinformatie
toegevoegd over Kader Abdolah, de islam en Iran (het land waaruit
Abdolah in 1988 naar Nederland vluchtte). Ten slotte zijn ook
voorbeelden van leerlingenbladen opgenomen.)
- Herman Giesbers & Mieke van der Loop.
Forum: Een leerplan alfabetisering. Moet dat nou zo? Blz. 204-206.
(De auteurs geven Nederlands als tweede taal aan alleenstaande
minderjarige asielzoekers (AMA's) in de leeftijd van vijftien tot
zeventien jaar. Zij reageren vanuit hun praktijkervaringen op
Aartje van Dijk, die in Moer 1997-2 berichtte over een leerplan
alfabetisering voor het voortgezet onderwijs, dat in het voorjaar
1998 moet verschijnen.)
- Besprekingen:
- <Door: Inge van Balen, Antoinette Sikkens & Geert van de Ven:> E.
Radstake. Spelend leren leren. Een onderzoeksverslag en
cursusprogramma met betrekking tot cognitieve en creatieve
vaardigheden. SVE, Amersfoort, 1996. (Bestaande uit
onderzoeksverslag, docentenboek en cursistendeel.)
- <Door: Elsbeth van der Laan & Martine Jetten:> Een wereld te
winnen. Verslag van het symposium 'Taalbeleid en taalgericht
vakonderwijs in het voortgezet onderwijs' op 24 januari 1997.
- <Door de VON:> VON-info: Het goede en het kwade nieuws.
- Leesvoer, blz. 207-211.
- J. van der Toorn-Schutte, Hoe maakt u het? Baarn, Auctor, 1997.
- A. Freije & N. Christophe (red.), Er staat wat er staat.
Amsterdam/ Utrecht, Stichting Lift, 1996.
- L. Visch, In een plas zag ik de lucht. Gedachten en gedichten van
kinderen. Amsterdam, SKVA/Taaldrukwerkplaats, 1996.
- F. Maes, N. Ummelen & H. Hoeken, Instructieve teksten. Analyse,
ontwerp en evaluatie. Bussum, Coutinho, 1996.
- S. Verrept & L. Woestenburg, Bouwstenen voor communicatie. Een
taalhouvast. Leuven/ Amersfoort, Acco, 1996.
- E. Elffers, J. van der Horst & W. Klooster (red.), Grammaticaal
spektakel. Artikelen aangeboden aan Ina Schermer-Vermeer. Am-
sterdam, UvA/Vakgroep Nederlandse Taalkunde, 1997.
- P. Voorsmit e.a. (red.), Handboek Literatuuronderwijs. Bulkboek,
Amsterdam, 1997.
- H. Straver (red.), Luisterrijke leescultuur. Bijdragen over
leesbevording voor Molukkers. Landelijk Steunpunt Educatie
Molukkers, Utrecht, 1996.
- M. Haisma & B. Tahitu, Nederlands voor Molukse volwassenen.
Praktijksuggesties voor docenten. Landelijk Steunpunt Educatie
Molukkers, Utrecht, 1996.
Vanaf juli 1997 verschijnt Moer in het tijdschriftenoverzicht van
Neder-L
Moer is een uitgave van de Vereniging voor Onderwijs in het Nederlands
(VON) en verschijnt zes keer per jaar. Moer en de VON richten zich op
de vernieuwing van het onderwijs in het Nederlands op alle niveaus, van
basisonderwijs tot volwasseneneducatie. De redactie wil graag bijdragen
die interessant zijn voor leraren. De praktische bruikbaarheid is een
belangrijk criterium. Dat betekent niet dat elke bijdrage een complete
lessenreeks en/of uitgewerkte lessugesties bevat. Het gaat meer om de
ideeen erachter, om een nieuwe invalshoek, om verslagen van meer of
minder geslaagde experimenten in het onderwijs. De redactie wil ook
graag bijdragen waarin een visie op vernieuwing van of ontwikkeling in
het onderwijs in het Nederlands (als moedertaal en als tweede taal)
wordt gepresenteerd.
Reacties en vragen, vooral ook van mensen uit de praktijk, zijn van
harte welkom.
Met vriendelijke groet,
Herman Giesbers
Bedrijfscommunicatie Letteren
Postbus 9103
6500 HD Nijmegen
024: 361 20 45 (dinsdag en donderdag)
e-post: H.Giesbers@let.kun.nl
Meer recente nummers van dit tijdschrift
[Tijdschriftenoverzicht]