J.B. Berns.
Een merkwaardig taalmonument: de Bulla `Ineffabilis'. Blz. 1-17.
H. Scholtmeijer.
De verspreiding van de sj-uitspraak in Gelderland en Utrecht. Blz.
18-30.
G. de Schutter.
De imperatief in de moderne Nederlandse dialecten. Blz. 31-60.
Jos Swanenberg.
Een onderzoek naar de regels van volksnaamgeving, getoetst aan enkele
vogelnamen in Zuidnederlandse dialecten. Blz. 61-84.
Cor van Bree.
Regionale variatie in het taalgebruik van notabelen. Blz. 85-97.
(Besprekingsartikel naar aanleiding van: Berber Voortman, Regionale
variatie in het taalgebruik van notabelen. Een sociolinguïstisch
onderzoek in Middelburg, Roermond en Zutphen. Dissertatie Universiteit
van Amsterdam. Amsterdam: IFOTT, 1994.)
Boekbesprekingen.
<Door: Jan Stroop, op blz. 98-101:> C.D. Grijns, Jakarta Malay; a
multidimensional approach to spatial variation. Part I and II
(Verhandelingen van het Koninklijk Instituut voor Taal- Land- en
Volkenkunde, nr. 149), Leiden, 1991.
<Door: A. Weijnen, op blz. 102-103:> J. van Bakel, Lokwoorden voor
huisdieren in Nederland. Cahiers van het P.J. Meertensinstituut nr. 8,
1996.
<Door: K. Romijn, op blz. 104-109:> Geert Koefoed, Benoemen. Een
beschouwing over de faculté du langage. Amsterdam 1993. Deel 20 uit
Publikaties P.J. Meertens-Instituut.
<Door: K. Romijn, op blz. 109-113:> F.G. Droste, Teken, taal en
werkelijkheid. Een semiotische theorie. SDU Uitgeverij
Koninginnegracht, 's-Gravenhage 1996.
Jaargang 48, nummer 2, 1996
Leendert de Vink.
Structuurverlies in het dialect van Katwijk aan Zee. De
dialectontwikkeling binnen het Randstadgebied vergeleken met die
daarbuiten. Blz. 103-138.
Helga Humbert.
De kameleontische aard van de Groningse /r/ verklaard vanuit een
representationeel perspectief. Blz. 139-162.
J.B. Berns.
Dialectwoordenboeken. Blz. 163-173.
H. Scholtmeijer.
Het Bunschoten-Spakenburgs te midden van de andere dialecten. Blz.
174-190.
F. de Tollenaere.
Etymologica: zakken (intrans.) Externe (idg.) of interne (ndl.)
etymologie? Blz. 191-197.
C. van Bree.
Constructies in het Heerlens Algemeen Nederlands. Blz. 198-216.
(Over en naar aanleiding van Leonie Marie Elise Alexandra Cornips,
Syntactische variatie in het Algemeen Nederlands van Heerlen
(Amsterdam: IFOTT, 1994))
Verhandelingen en scripties in verband met de Nederlandse
dialectologie, 1994-1995. Blz. 217-219.
Boekbesprekingen:
<Door: Eric Hoekstra, op blz. 220:> Teake Hoekema, Beknopte Friese
Vormleer. Leeuwarden: AUK, 1996.
<Door: Eric Hoekstra, op blz. 221-223:> Jan Pannekeet, Het
Westfries. Inventarisatie van dialectkenmerken. Wormerveer:
Stichting Uitgeverij Noord-Holland, 1995.
<Door: H. Scholtmeijer, op blz. 223-225:> J.J. Spa, Het dialekt
van de Stad Vollenhove. Klank- en vormleer. Kampen:
IJsselakademie, 1996.
<Door: H. Scholtmeijer, op blz. 225-229:> D. Gorter & R.J.
Jonkman, Taal yn Fryslân op'e nij besjoen. Ljouwert: Fryske
Akademy, z.j.
<Door: J.A. van Leuvensteijn, op blz. 229-231:> Joep Kruijsen,
Geografische patronen in taalcontact. Romaans leengoed in de
Limburgse dialecten van Haspengouw. Amsterdam: P.J.
Meertensinstituut, 1995.
<Door: J.A. van Leuvensteijn, op blz. 231-233:> D.R. van Bergen,
Acoustic and lexical vowel reduction. Amsterdam: IFOTT, 1995.