Suzanne de Werd.
"Goed lezen goed omzetten in goed schrijven". Ton Naaijkens
over de keuzes van de vertaler.
(Iedereen weet dat een vertaler veel in huis moet hebben om
een goede vertaling te kunnen maken: hij moet de tekst goed
interpreteren, de juiste strategieën en technieken hanteren
om een tekst in de andere taal om te zetten én hij moet
leesbaar, sprankelend, sober, plechtig etc. kunnen schrijven, al
naar gelang de tekst het van hem eist. Dat vertalen niet alleen
een kunde is, maar ook een wetenschap, daar zijn veel minder
mensen van op de hoogte. De nieuwe Utrechtse hoogleraar Duitse
letterkunde en vertaalwetenschap Ton Naaijkens vertelt over de
inhoud van zijn vak.)
Astrid van Winden.
Misschien toch gewoon lastig te vertalen. Over de
vertaalbaarheid van twee stijlmiddelen in "Een hart van steen"
van Renate Dorrestein.
(Van Voskuil vinden we dat hij rechttoe rechtaan schrijft, De
Moor versierd en gekunsteld, Brakman barok en humoristisch en
Reve reviaans. Elke auteur heeft zijn eigen, unieke schrijfstijl.
De manier waarop iemand zich in taal uitdrukt is persoonlijk en
auteurs maken daar gebruik van. Zij leven immers van wat ze
schrijven: hun schrijfstijl is hun handelsmerk.)
Hoe vertaal je "Floris ende Blancefloer?"
(De redactie vroeg acht dichters/schrijvers om een aantal
verzen van de "Floris ende Blancefloer" naar eigen inzicht te
vertalen. De resultaten staan verspreid door dit nummer van
"VakTaal".)
Heilna du Plooy.
Om te vertaal of nie te vertaal nie - die verhouding tussen
Afrikaans en Nederlands.
(Die verhouding tussen die tale Afrikaans en Nederlands is 'n
kwessie wat sowel merkwaardig as boeiend is. Vanuit 'n
gemeenskaplike punt in die middel van die sewentiende eeu het die
twee tale in verskillende omgewings en uiteenlopende
omstandighede apart ontwikkel. Tans, meer as drie en 'n halwe eeu
later, is daar steeds soveel ooreenkomste in die basiese
struktuur en in die woordeskat van die tale dat mense mekaar oor
en weer kan verstaan, mits daar stadig en duidelik gepraat word.)
Tieme van Dijk.
Column: Vertalen is maar de helft van het verhaal.
(Bij het vertalen gaat het niet alleen maar om het overzetten
van de tekst maar ook om niet-talige zaken als geur en gevoel.)
Els Ruijsendaal.
Vaktaal vertaald. Over het ontstaan en het belang van
grammaticale terminologie in de eigen taal.
(Over de vaktaal die een schrijver als P.C. Hooft heeft
geschapen door termen te "verdietsen" of door geheel zelfstandig
een nieuwe terminologie te ontwerpen.)
Sofie van Bever.
Zouden Baantjer en Flikken elkaar verstaan? Een onderzoek
naar hertaling in ondertiteling.
(Onderzoek naar hertaling van het Nederlands aan de hand van
ondertiteling op televisie is een nog vrijwel onontgonnen
linguistisch terrein. Een verkenning in een doctoraalscriptie.)
Ludo Jongen.
"Zonder verhalen zou ik niets van de wereld en de mensen
begrijpen" Over navertellingen en bewerkingen van middeleeuwse
verhalen voor de jeugd.
(De laatste decennia zijn er regelmatig boeken verschenen
waarin middeleeuwse verhalen nieuw leven zijn ingeblazen.
Bespreking van een aantal van deze nieuwe edities.)
Ton Naaijkens.
De waaier rond "Floris ende Blancefloer".
(Commentaar op en waardering van de in deze "VakTaal"
opgenomen vertalingen.)
Wim Klooster.
Grammatica voor de liefhebber VI.
(Zesde in een serie van grammaticale bespiegelingen, ditmaal
gewijd aan het thema van dit nummer.)
Matthias Hüning.
Gegoogle.
(Bespreking van de voors en tegens van deze populaire
internet-zoekmachine.)
Paul Bijl.
Hoe een rolmops met slagroom smakelijk kan zijn. Naar
aanleiding van het Awater-symposium "Verre familie of hecht
gezin?"
(Recensie van het symposium dat in maart van dit jaar aan de
Universiteit Utrecht werd georganiseerd.
Miriam Piters.
Van boerenkinkel tot ideale hoofse ridder.
(Boekbespreking van "Ferguut" van UvA-docent Willem Kuiper.)
Jaargang 15, nummer 1-2, 2002
Fred de Bree en Guido Leerdam.
"Als Koppenol wil triomferen dan zweeft hij op zijn
ganzeveren".
(Een van zijn voorvaderen is bezongen door Vondel, Cats en
Westerbaen: kun je dan met goed fatsoen iets anders worden dan
renaissancist? Een gesprek met de nieuwe, vorig jaar officieel
aangetreden, VU-hoogleraar oudere letterkunde Johan Koppenol.)
Suzanne de Werd.
Een Leidse tegenhanger van "Onder professoren".
(Het wantrouwen tussen schrijvers en literatuurwetenschappers
is berucht. Wetenschappers willen regels opstellen, schrijvers
stellen hun eigen regels. W.F. Hermans zei eens: 'U moet zich
voorstellen wat dat betekent: literatuurwetenschappers die zelf
niet kunnen schrijven. Dat is toch hetzelfde als iemand die in de
binnenlanden van Afrika op een berg woont en een boek gaat maken
over de zeevaart.'Over de gastschrijvers van de Universiteit
Leiden.)
Wim Klooster.
Grammatica voor de liefhebber IV.
(Vierde in de serie bespiegelingen over taalkundige
verschijnselen in het Nederlands, ditmaal gewijd aan NPU's oftewel
negatief polaire uitdrukkingen.)
J.M.J. Sicking.
Column: Mijn leraar Nederlands.
(Wie als docent in de moedertaal ook wel eens zonder
pottenkijkers thuis een 'leerproces' wil doormaken, kan veel
hebben aan de nieuwe verhalenbundel "Mijn leraar Nederlands".)
Marc van Oostendorp.
Taal om bij te dansen!
(Veel mensen en ook neerlandici zien de taal als een land
waarom je duidelijke grenzen zou moeten kunnen trekken. Die
grenzen kun je bewaken en ongewenste vreemdelingen moet je kunnen
terugsturen, als ze niet bereid zijn zich aan te passen of als ze
je anderszins niet bevallen. Ik deel die mening niet.)
Louise Cornelis.
Grammatica voor mopperpotten.
(Bespreking van "Grammatica van het hedendaags Nederlands" van
Wim Klooster.)
A.M. Duinhoven.
Reactie "Analyse of synthese: een universale in taal en
taalgebruik".
(Repliek op de bespreking van Louise Cornelis in "VakTaal"
14/3-4, 2001.)
Jaargang 14, nummer 3-4, 2001
Patrick Bassant en Fred de Bree.
"Blijf maar bij Meulenhoff, want het komt wel goed daar".
(Het bericht dat Annette Portegies de nieuwe directeur van
Meulenhoff zou worden, deed veel mensen verbaasd opkijken. Wat
deed die jonge vrouw tussen de grijze uitgevers? Wij spraken
met haar over haar studie Nederlands, haar snelle
carrière, de biografie van Maurice Gilliams, het
uitgeversvak en nog veel meer. Van VakTaal-redacteur tot
directeur van een gerenommeerde literaire uitgeverij.)
Sander Turnhout.
Zorgen om het schoolvak Nederlands.
(Het tweejaarlijks LVVN-congres en het jaarlijks congres
van Het Schoolvak Nederlands (HSN) vielen vorig jaar samen. Op
22 en 23 november 2001 kwamen docenten Nederlands en andere
neerlandici naar de Utrechtse Uithof om te spreken over de
stand van het schoolvak Nederlands.)
J.M.J. Sicking.
't Is de fashion.
("Mijn collega's beginnen nu ook al een beetje die nieuwe
mindset te krijgen, al blijft het een kwestie van freestylen.
Gelukkig hoeft een back-officemanager zelf niet over hands-on
ervaring te beschikken, al kan een assessment eventueel wel
tot de mogelijkheden behoren.")
Susanne van der Kleij en Marc van Oostendorp.
De task force van de neerlandistiek.
(In de serie interviews met hoogleraren in de Nederlandse
taal- en letterkunde is Arie Verhagen aan de beurt. In 1998
werd hij benoemd tot hoogleraar Nederlandse taalkunde aan de
Universiteit Leiden. Sinds oktober 2000 is hij ook voorzitter
van de LVVN.)
Sanne Steusel.
Verloren woorden. De huidige status van het Occitaans.
(Niet alleen bezorgde linguïsten, maar ook grote
organisaties, zoals bijvoorbeeld UNESCO, zetten zich in voor
het behoud van talen. In de jaren '90 stelde UNESCO de
zogenaamde 'rode lijst' op waarbij talen werden onderverdeeld
in categorieën variërend van 'bedreigd op de lange
termijn' tot 'bijna uitgestorven'. Talen van over de hele
wereld komen voor op de lijst, inclusief Fries, Bretons en
Welsh. Voor sommige talen komt deze hulp helaas te laat, maar
voor andere valt nog te vechten.)
Janie Spaans.
Zelf (-) werkzaam.
(Voor Nederlandstalig literatuuronderwijs in de onderbouw
van de middelbare school kun je gebruik maken van de cd-rom
genaamd Vertellen (&) verhalen die bij Teleac NOT verschenen
is. Beter gezegd: leerlingen kunnen van de cd-rom gebruik
maken. De basisprincipes die in het literatuuronderwijs aan de
orde moeten komen, overeenkomstig de doelstelling van de
basisvorming, kunnen zij zich zelfstandig eigen maken. Voor
docenten blijft hooguit de taak liggen de CD voor de school
aan te schaffen en misschien deze zelf te installeren.)
Thea Mepschen.
"Betekenis maak je zelf!"
(Studenten Nederlands worden aan het begin van hun studie
onmiddellijk geconfronteerd met de techniek van de literaire
tekstinterpretatie. Met technische begrippen als auctoriaal
vertelstandpunt, dactylus en metonymia proberen ze grip te
krijgen op de bedoeling van de tekst. Over de intrinsieke
waarde van de tekst wordt niet gediscussieerd. Dat is de taak
van de literatuurkritiek, niet van de wetenschap. Maar hoe
groot is eigenlijk de afstand tussen die twee?)
Marlies Dullaert.
Ik beoordeel: volg mij!
(In juni 2001 sprak Maarten Doorman zijn rede uit ter
aanvaarding van het ambt van bijzonder hoogleraar literaire
kritiek aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Marlies
Dullaert studeert Nederlands aan deze universiteit en is een
van de studenten die zijn colleges literaire kritiek volgden.
In deze bijdrage zet zij Doormans ideeën uiteen.)
Wim Klooster.
Grammatica voor de liefhebber III.
(Derde in de serie bespiegelingen over taalkundige
verschijnselen in het Nederlands.)
Ludo Jongen.
Verhaaltypen in volksvertellingen.
(Volgens Voskuil hield de afdeling Volkskunde van het
Meertens Instituut zich uitsluitend bezig met noteren,
catalogiseren en opbergen. Verder deed ze in feite niks met
het verzamelde materiaal. Maar sinds de jaren negentig waait
er een nieuwe wind door het instituut. In twee recente
publicaties, De magische vlucht en Vertelcultuur in
Waterland. De volksverhalen uit de collectie Bakker in hun
context (ca. 1900) laat Theo Meder zien wat er zoal te
vinden is in de collecties Nederlandse volksverhalen van het
Meertens Instituut.)
Louise Cornelis.
Korte verhalen die zich niet afzetten.
(Analyse en synthese in het Nederlands van A.M.
Duinhoven is een originele en creatieve benadering van de
taalwetenschap - zeg maar een 'alternatieve' ten opzichte van
de meer reguliere benaderingen. Ik hoop daar in deze recensie
een beeld van te geven. Vervolgens ga ik Analyse en
synthese in het Nederlands verwijten dat er iets ontbreekt
waarvan ik juist vaak heb gedacht dat het er te veel was in de
'alternatieve' taalkunde: afzetten tegen andere stromingen.)
Jaargang 14, nummer 1-2, 2001
Thema: 'Het Bureau'
Willem Frijhoff.
Het gebruik van wetenschap voor de eigen psychische behoeften.
Voskuil en Vreeburg. Blz. 1-6.
(Over het totalitaire karakter van Voskuils instituutsbeschrijving
en de bijzondere functie van het inhoudelijk verhaal van de
ontwikkeling van de volkskunde.)
Susanne van der Kleij.
Een onweerswolk boven het bureau. Blz. 7-9.
(Interview met Peter Jan Margry, hoofd afdeling volkskunde
Meertens Instituut, over volkskunde toen en nu.)
Willem van den Berg.
Het Bureau - dialoog over de dialogen. Blz. 10-12.
(Uitputtende beschrijvingsmanie en mislukkende gesprekken.)
Erik van Halsema.
Het Bureau: Feiten & Meningen. Blz. 13-14.
(Over het ontstaan van de website over Het Bureau.)
Jaap de Rooij.
Het Bureau gaat niet over 'Het Bureau'. Blz.
15-18.
(Waarom 'Het Bureau' meer is dan alleen een afdeling volkskunde.)
Patrick Bassant.
Waarom was Huppeltje Pup een beetje triest?. Blz. 18-19.
(Deel 7 van Het Bureau op de stijlfileerbank.)
Jan Stroop.
De beweeglijkste en avontuurlijkste vorm van taalkunde. Blz.
20-22.
(Bespreking van 'Geschiedenis van de dialectgeografie in het
Nederlandse taalgebied' van Jo Daan.)
Fred de Bree.
Voor wie wil verder lezen. Blz. 22-23.
(Beredeneerde literatuuropgave van studies over Het Bureau.)
Jaargang 13, nummer 3-4, 2000
Thema: "De neerlandicus en de hoogconjunctuur", naar aanleiding van het
symposium ter gelegenheid van het afscheid van Wim Klooster als
voorzitter van de LVVN op 7 oktober 2000.
Willem van Raaijen.
Over diploma's en bezieling. Een hommage aan Wim Klooster. Blz.
1-4.
(Terugblik op de studie Nederlands aan het Instituut voor
Neerlandistiek UvA, vooral op de blijvende invloed van de colleges
taalkundige tekstinterpretatie en op de rol van de docent daarin.)
Mark de Vries.
Demotie en promotie. Arbeidsperspectieven in de wetenschap en
de positie van promovendi. Blz. 5-8.
(De arbeidsmarktpositie van bursalen en promovendi aan een
nadere kwantitatieve en kwalitatieve analyse onderworpen.)
Thijs Pollmann.
De arbeidsmarkt voor neerlandici na vijftien jaar. Blz. 9-10.
(Het afscheid van de eerste voorzitter van de LVVN wordt
aangegrepen voor een vergelijking tussen de
werkgelegenheidsvooruitzichten voor letterenafgestudeerden - i.h.b.
neerlandici - in 1986 en 2000.)
Kees van Dijk.
Het aio-schap als de sfinx van Thebe. Blz. 10-11.
(Beschouwing over het onderzoek, de arbeidsstructuur van het
aio-schap in het algemeen en het aio-schap bij de leerstoelgroep
Nederlandse taalkunde UvA in het bijzonder in de periode 1992-
1996.)
Brian Dommisse.
Van computational linguistics naar multilingual
publishing. Blz. 12-13.
(Over de voortgang binnen de verschillende alfa-
informaticadisciplines en de link met moderne taalkunde.)
Peter Grondman.
Niet wat, maar dàt. Blz. 14.
(Over de toepasbaarheid van theoretische, in de studie opgedane
modellen in het dagelijks leven van een journalist,
communicatiespecialist en bladenmaker.)
Over de auteurs. Blz. 15.
Jaargang 13, nummer 1-2, 2000
Astrid de Groot.
'De juf werdt er niet vroluk van'. Brief aan Karin Adelmund.
Blz. 1-4.
(In 1999 riep staatssecretaris Adelmund op de
voorjaarsconferentie van Het Expertisecentrum Nederlands (HEN) de
onderwijzers op, deel te nemen aan het maatschappelijk debat over
de kwaliteit van het taalonderwijs. In een open brief zet Astrid
de Groot, betrokken bij de Mile-projecten van HEN, haar
ideeën voor verbetering uiteen. Onder andere wordt gekeken
naar de mogelijkheid om Vlaamse modellen te implementeren.)
Christine van Baalen.
Couperus extra muros. Nederlands doceren in Wenen. Blz. 5.
(Impressie van een docentschap neerlandistiek extra muros aan
het Institut für Germanistik van de Universität Wien.)
Wim Klooster.
Grammatica voor de liefhebber 2. Blz. 6.
(Over de rol van de "canonieke positie" van zinsdelen in de
zin.)
Puk Claver. Blz. 7.
50 wereldboeken voor peuters en kleuters. Blz. 7.
(Signalement van het gelijknamige nieuwste boek van Hannie
Humme.)
Edwin Lucas.
Op gezang en vlees belust. Boek over Jan Engelman. Blz. 8.
(Bespreking van de op 7 juni 2000, ter gelegenheid van de
honderdste geboortedag van de dichter Jan Engelman, verschenen
monografie.)
J.M.J. Sicking.
Column: Gefascineerd door het verleden. Blz. 9.
(Historisch getinte mijmering naar aanleiding van de op
internet geplaatste Vlaamse soldatenbrieven uit de tijd van
Napoleon.)
Patrick Bassant.
Colloquium Vertaling en Verbeelding. Blz. 10-11.
(Verslag van het symposium 'Vertaling en Verbeelding: de
creativiteit van de literaire vertaler', gehouden in Gent in mei
2000.)
Margreet Onrust.
Wat woorden doen. Blz. 12-13.
(Bespreking van het gelijknamige boek van Agnes Sneller en
Agnes Verbiest.)
Arie Jan Gelderblom, Anne Marie Musschoot.
Brandende kwesties. Enkele beschouwingen bij de nieuwe
literatuurgeschiedenis. Blz. 14-17.
(De twee eindredacteuren van de 'nieuwe Knuvelder' stippen
enkele problemen aan die zij zijn tegengekomen bij de opzet van
dit standaardwerk in spe.)
Register 1999.
Jaargang 12, nummer 4, 1999
Themanummer: Gender in het Nederlands
Wim Klooster.
Wat doen woorden? Blz. 1-3.
(Inleiding, uitgesproken op het LVVN-congres 'Gender in het
Nederlands', 11 december 1999 in Leiden.)
Maaike Meijer.
Fragiele helden. Mannelijkheid in de Nederlandse literatuur.
Blz. 4-6.
(Serpentina's Petticoat van Jan Wolkers langs de
genderanalytische meetlat gelegd.)
Johan De Caluwe.
Stereotiepe voorstellingen bij functienamen. Blz. 6-8.
(Over genderproblematiek bij functiebenamingen in het
Nederlands.)
Arie Jan Gelderblom.
Column: Contrastaccent. Blz. 9.
(Over werkgévers, werknémers, wèrkgevers
en wèrknemers.)
Agnes Sneller.
Woorden en beelden. Blz. 10-12.
(Over de rol van - interculturele - tradities in taalgebruik.)
Dora Dolle.
Leren niet voor de school maar voor het leven: kansen op
onderwijs. Blz. 13-16.
(Over de stimulerende rol van het onderwijs bij het leveren van
een kansrijk toekomstperspectief aan jongeren.)
Evenementen in de neerlandistiek. Blz. 17-19.
(Colloquium Werkgroep 17-de eeuw, Afscheidssymposium Wim
Klooster, 9-de Bert van Selmlezing, Symposium 19-de-eeuwse
bibliotheektypen, Achterbergsymposium.)
Jaargang 12, nummer 3, 1999
Caroline Schröder.
Voorlezen helpt. Gesprek met Helma van Lierop, bijzonder
hoogleraar jeugdliteratuur. Blz. 1, 2, 3.
(Over de bezetter van de Annie M.G. Schmidtleerstoel voor
jeugdliteratuur aan de Universiteit Leiden.)
Wim Klooster.
Grammatica voor de liefhebber 1. Blz. 4.
(Grammaticale beschouwing over het verschijnsel
binding.)
Wim Klooster & Guido Leerdam.
Hoe gaat het met ... de Raad voor de Neerlandistiek? Blz. 5.
(Tussenstand in de uitvoering van de beleidsvoornemens van de
in 1998 opgerichte Raad voor de Neerlandistiek.)
Arie Jan Gelderblom.
Column: Nederlands als geheimtaal. Blz. 6.
(Over het voordeel van linguïstische onzichtbaarheid in
Indonesië.)
Jolanda Budding.
De nieuwe Dikke. Groot Woordenboek der Nederlandse taal. Blz.
7, 8, 9.
(Verslag van de presentatie van de 13e editie van de Grote Van
Dale in 1999.)
Jaconelle Schuffel.
'Ik ga tevreden weg.' Marijke Spies neemt afscheid van de VU.
Blz. 11.
(Over het afscheidscollege van Marijke Spies als hoogleraar
oudere Nederlandse letterkunde aan de VU Amsterdam.)
Jan Noordegraaf.
Websitebespreking: Geschiedenis van het Nederlands op het web.
Blz. 12.
(Over Matthias Hüning, Geschiedenis van het Nederlands op
de website van de Universiteit Wenen.)
Fred de Bree.
W.P. Gerritsen tot Meester uitgeroepen. Blz. 12.
(Over de toekenning van de Prijs voor Meesterschap van de
Commissie voor taal- en letterkunde van de Maatschappij Nederlandse
Letterkunde aan prof. dr. W.P. Gerritsen.)
Jaargang 12, nummer 1/2, augustus 1999
Themanummer jeugdliteratuur
Paul Laport.
Abeltje the movie: veel vaart, weinig humor. Blz. 1, 3,
4.
(Vergelijking van het boek Abeltje en de gelijknamige
film uit 1998.)
Irnsje Veerman.
Interculturele jeugdliteratuur. 'De allochtoon is een markt
aan het worden'. Blz. 5, 6.
(Interview met Hannie Humme, mede-auteur van het handboek
Vijftig wereldboeken.)
Marijke Darlang.
'Heel leuk en spannent'. Het Kinderboekenmuseum. Blz. 7, 8.
(Een kijkje in het vernieuwde Kinderboekenmuseum in Den Haag.)
Marijke Darlang.
'Dit is niet zomaar een lullig prijsje'. Louise Boerlageprijs
voor scriptie over J.J.A. Goeverneur. Blz. 8-10.
(Aandacht voor een van de bekendste negentiende-eeuwse
kinderboekenschrijvers.)
Ruth de Bres.
Overzicht tijdschriften jeugdliteratuur. Blz. 10, 11.
(Korte bespreking van de 4 bekendste
jeugdliteratuurtijdschriften.)
Arie Jan Gelderblom.
Column: Immigranten. Blz. 12.
(Over insluipselen in de Nederlandse woordenschat.)
Jac Aarts.
Boekbespreking: 75 jaar neerlandistiek in Nijmegen. Blz. 13.
(Over Jos Joosten, Lijnen en breuken, 1998.)
Jaargang 11, nummer 3/4, december 1998
Caroline Schröder.
'Athena's Boekhandel: Verwezenlijking van een droom.' Blz. 1,
3, 20.
(Interview met de Groningse boekverkoper Gelly Talsma.)
Themakatern 'Nederlands: economisch goed.' Blz. 4-17.
(Lezingen gehouden op het gelijknamig LVVN-congres uit 1997 in
Leiden. De sprekers waren Aart Hoekman, adjunct-uitgever Sdu
('Boeken maken is een kunstje, uitgeven een vak'), Rudi Wester,
directeur Nederlands Literair Produktie- en Vertalingenfonds
('Taal en literatuur, economische factoren van belang'),
André Van Halewijck, uitgever te Leuven ('Haalt de Vlaamse
uitgeverij 2002?'), Gerrit Krol ('Nederlands - waarom niet in het
Engels?'), Machteld van der Gaag, copywriter ('De Mozart- of
Beethovencopywriter'), S. Slagter, oud-jurist ('Goed taalgebruik
voorwaarde voor democratische rechtsgang') en Ludo Beheydt,
hoogleraar UvA ('Goed Nederlands voor allochtonen: economische
topprioriteit').)
Hans Maureau. Blz. 18.
Berlage Taalcursus.
(Recensie van Marjan Timp, Berlage Taalcursus (1997).)
Anna Ietswaart. Blz. 19.
Korte leidraad voor tekstschrijvers. Blz. 19.
(Recensie van Kees van Rijswijk, Korte leidraad bij het
publiceren van teksten.)
Joop van der Horst. Blz. 20.
Gebraden rapen.
(Derde column van Joop van der Horst, over de
praktijkgerichtheid van
de studie Nederlands.)
Ruth de Bres. Blz. 22.
De ervaringen van een Turkse aio met Nederland(s)
(Over Mustafa Güleç, oorspronkelijk assistent-onderzoeker taalkunde
in Turkije, thans als aio werkzaam in Tilburg.)
Martine Harsema en Caroline Schröder.
'De nieuwe literatuurgeschiedenis moet een mooi verhaal
worden.'
Eindelijk een opvolger van de Knuvelder. Blz. 1-5.
(In 2003 zal het eerste deel van een nieuwe
literatuurgeschiedenis
verschijnen van maarliefst 7 delen. Een interview met Arie Jan
Gelderblom, een van de hoofdredacteuren, en met Michèle
Wera,
projectleider namens de Nederlandse Taalunie.)
Marijke Darlang.
Tatjana Daan, directeur Poetry International. Blz. 5-6.
(Een portret van neerlandicus Tatjana Daan, directeur van
Poetry
International.)
Ingrid Weekhout.
Boekencensuur in de Noordelijke Nederlanden. Blz. 7.
(Ingrid Weekhout geeft een samenvatting van haar proefschrift
over de vrijheid van drukpers in de zeventiende eeuw.)
Jan Stroop.
Taalverschillen: een werkboek over variatie en verandering
in taal. Blz. 8.
(Recensie van een boek van Pieter van Reenen en Micael Elias.)
Caroline Schröder.
Neerlandica in het uitvaartwezen. Blz. 9.
(Neerlandicette Natalie van Houwelingen werkt als
uitvaartleider
en vertelt dat haar studie haar soms nog van pas komt.)
Joop van der Horst.
Mijn complimenten.
(Tweede column van Joop van der Horst, over tekortkomingen in
het WNT.)
Jaargang 11, nummer 1, mei 1998
Caroline Schröder.
Waarom de Middeleeuwen belangrijk zijn.' De geschiedenis van Herman Pleij. Blz. 1-4.
(Herman Pleij over zijn studie Nederlands en zijn groeiende belangstelling voor
middeleeuwse literatuur. 'Ik heb een maatschappelijke neiging om mensen uit te leggen
waarom de Middeleeuwen belangrijk zijn.)
Ruth de Bres.
Moenie worrie niet? Afrikaans in het nieuwe Zuid-Afrika. Blz. 4-5.
(Het gaat goed met het Afrikaans in Nederland. Maar in het moederland is de positie
van deze taal minder rooskleurig.)
Marije van den Berg.
Kont tegen de krib. Hoe onschuldige, keurige zinnetjes toch niet deugen. Blz. 6.
(Eind vorig jaar verscheen een bloemlezing van literaire teksten van vrouwen uit
vroegmoderne tijd, een goede aanleiding om te gaan praten met Agnes Sneller en Agnes
Verbiest. Beiden doen onderzoek op het gebied van genderaspecten van taal.)
Martine Harsema.
Wilma Okkerse: een kritische eend in de bijt van OCenW. Blz. 7.
(Bedrijven proberen zich te onderscheiden van hun concurrenten door de wijze waarop
ze met hun klanten communiceren. Ook bij het ministerie van OCenW.)
Fred de Bree.
Waar wachten we op? Noordzee! Blz. 8-9.
(Een verslag van de presentatie van het nulnummer van Noordzee. Aan het artikel is
al een korte mededeling toegevoegd dat de samenwerking tussen de redacteuren "wat
aanloopproblemen" heeft gekend.)
Joop van der Horst.
Typisch Nederlands.
(Eerste aflevering in een serie columns van Joop van der Horst: "een algemeen
beschaafd Zuid-Nederlands heeft [...] geen schijn van kans.")
Jaargang 10, nummer 4, december 1997
Caroline Schröder.
'LVVN en Raad voor de Neerlandistiek zijn twee onvergelijkbare
grootheden.' LVVN-voorzitter Wim Klooster is op zoek naar opvolger.
Blz. 1-3.
(Wim Klooster vertelt over de oprichting van de Raad voor de
Neerlandistiek en gaat in op de verhouding tussen dit nieuwe orgaan
en de LVVN. 'De LVVN heeft niet zo'n hoge status dat ze vanzelf
toegang heeft tot allerlei instanties. In dat opzicht is de LVVN
eigenlijk nog maar een beginnend clubje.')
Guido Leerdam.
Noordzee, een nieuw blad voor neerlandici. Blz. 4-5.
(Verslag van de presentatie van de plannen voor Noordzee, een
nieuw tijdschrift over de neerlandistiek, uit te geven door de
Sdu.)
Caroline Schröder.
Het 'Rijksmuseum' van de Middelnederlandse letteren.
Teksteditie handschrift-Van Hulthem in de maak. Blz. 5-6.
(Neerlandici vertellen over een spannend onderzoeksproject:
'Potverdikkeme, dat ik dit mee mag maken.'
Esther Gouweloos & Marcel Uljee.
Hoeveel neerlandicus bent u eigenlijk? Doe de test! Blz. 7-8.
(Zelftest voor neerlandici: 'Een kennis van u vertelt op een
receptie dat 'ie zich zo kostelijk heeft vermaakt met een kritisch
stuk van Maarten 't Hart over neerlandici. Gaat u daarop in?')
Martine Harsema.
'Wij hebben vast een veel te positief beeld gekregen van het
middelbaar onderwijs.' Impressie van een stage op het Prisma
College in Utrecht. Blz. 9.
(Interview met twee studenten Nederlands, die een didactische
stage volgden op een middelbare school voor buitenlandse kinderen.)
Marije van den Berg.
'Bindend studieadvies schrikt studenten Nederlands af.' Wim van
Anrooij over teruglopende studentenaantallen in Leiden. Blz. 10-11.
(Aan de Leidse universiteit is het aantal eerstejaars
Nederlands aanzienlijk teruggelopen: van 82 vorig jaar naar 52 nu.
VakTaal sprak hierover met Wim van Anrooij, studieadviseur van de
Leidse vakgroep Nederlands.)
Annelies van Gijsen.
De kritiese bloemlezer. Blz. 12.
(Annelies van Gijsen, nog steeds op zoek naar een baan, legt de
essentie bloot van De Dapperstraat van J.C. Bloem. 'Het grote
succes van het gedicht heeft een carnavaleske trek: het fungeert
als algemeen bekend en geliefd anti-cliché-cliché'.)
Boekbesprekingen:
<Door: Louise Cornelis:> Frans H. van Eemeren, Rob
Grootendorst, Franciska Snoeck Henkemans (e.a.). Handboek
argmentatietheorie. Martinus Nijhoff, Groningen, 1996.
Jaargang 10, nummer 3, oktober 1997
Caroline Schröder.
'Het verleden van ver weg heeft mij altijd geboeid.' W.P.
Gerritsen, vice-president van de KNAW. Blz. 1, 3-5.
(Interview met W.P. Gerritsen over zijn vakgebied, zijn werk voor
de KNAW en over zijn hobby's. 'Neerlandici hebben niet het gevoel
ergens goed in te zijn.')
Column: Annelies van Gijsen.
De magical mystery tour van Teleac. Blz. 4-5.
(Over magie en een televisiecursus over dat onderwerp. 'Wat hebben
mystiek en magie eigenlijk met elkaar te maken?')
Student en neerlandistiek: Maarten Brock.
Aantal eerstejaars studenten Nederlands daalt. Blz. 5.
(Dit collegejaar zijn 398 studenten begonnen met de studie
Nederlands. Verleden jaar waren dat er nog 467. Alleen in Groningen
hebben meer eerstejaars zich ingeschreven dan in 1996. Vooral in
Leiden is er sprake van een dramatisch teruggang.)
Martine Harsema en Edwin Lucas.
'Neerlandicus speelt belangrijke rol in de maatschappij.' Blz. 7.
(Verslag van het Leidse congres ter gelegenheid van 200 jaar
neerlandistiek.)
W.P. Gerritsen.
De eenheid van het vak. Reflecties over de maatschappelijke rol van
de neerlandicus. Blz. 8-11.
(Lezing die Gerritsen hield tijdens het Leidse congres ter
gelegenheid van 200 jaar neerlandistiek.)
Jaargang 10, nummer 2, juni 1997
Caroline Schröder.
'Elk woord dat ik schrijf, moet gedrukt worden.' Gerrit Krol,
een onafhankelijk schrijver. Blz. 1, 3-4.
(De LVVN, de Nederlandse Vereniging van Neerlandici, organiseerde
op 14 juni het congres 'Nederlands: economisch goed'. Gerrit Krol
was die dag een van de sprekers. VakTaal sprak voorafgaand aan het
congres met een Nederlands taalchauvinist.)
Werktaal:
Esther den Hollander.
En wat kun je daar dan mee worden? De neerlandicus op de
arbeidsmarkt. Blz. 5-6.
(Op het symposium 'Neerlandicus op de arbeidsmarkt' presenteerde
de vakgroep Nederlands van de Universiteit Utrecht de resultaten
van een onderzoek naar de loopbaan van Utrechtse neerlandici.
Naast de presentatie van bemoedigende cijfers, gaven een aantal
werkgevers in een forumdiscussie hun visie op de marktwaarde van
de neerlandicus.)
Wim Klooster.
Wim Hendriks benoemd tot erelid LVVN. Blz. 6-7.
(Na 25 jaar houdt Dokumentaal, het informatie- en communicatie-
bulletin voor neerlandici, op te verschijnen. Het bestuur van de
LVVN heeft Wim Hendriks, de oprichter en administrateur van het
tijdschrift, benoemd tot erelid van de vereniging. In VakTaal
de tekst van de lofrede, uitgesproken door LVVN-voorzitter Wim
Klooster, tijdens de algemene ledenvergadering van 19 april 1997.)
Edwin Lucas.
'Neerlandicus is te verbrokkeld om vuist te maken.' Plannen voor
eindexamenprogramma's roepen weinig verzet op. Blz. 8-9.
(Vanaf 1998 zullen op havo en vwo drastisch gewijzigde eindexamen-
programma's voor het vak Nederlands gelden. Volgens Antoine Braet,
universitair hoofddocent taalbeheersing in Leiden en oud-voorzitter
van de Commissie Vernieuwing Eindexamens Nederlands, is zwaar weer
op til. Maar volgens hem is de neerlandistiek te verbrokkeld om een
krachtig protest tegen de plannen te laten horen.)
Column
Annelies van Gijsen.
Ingerukt, Mars!
(De eerst column van Annelies van Gijsen, (nog steeds) werkzoekend
neerlandica/medieviste, over middeleeuws bijgeloof en het verschil
tussen vrouwen en mannen. Oudere onderzoekers voelen vaak nog de
behoefte uitdrukkelijk te verklaren dat zij astrologie onzin
vinden.)
Jaargang 10, nummer 1, maart 1997
Caroline Schroeder.
'Ik ben nog even enthousiast als toen ik begon.' Buijnsters
blijft achttiende eeuw trouw. Blz. 1, 3-4.
(De Nederlandse letterkunde uit de achttiende eeuw en de naam
van Piet Buijnsters zijn bijna synoniemen van elkaar. Anderhalf
jaar geleden ging de hoogleraar oudere letterkunde aan de
Katholieke Universiteit van Nijmegen met de VUT. Wie dacht dat
hij op zijn lauweren zou gaan rusten, vergiste zich. Daar is
Piet Buijnsters de man niet naar. VakTaal had een gesprek met
hem. 'Mijn leven is nu pas echt begonnen.')
Student en neerlandistiek:
Esther den Hollander.
'Tijdens mijn studie riep ik altijd: Ik ga nooit het onderwijs
in'. Ervaringen van docenten Nederlands in spe. Blz. 5-6.
(Een aantal docenten-in-opleiding en betrokken vakdidactici
aan het woord over het docentschap en de lerarenopleiding in
Utrecht.)
Martine Harsema.
Op de bres voor marginale maar belangrijke literatuur. Een
studente moderne letterkunde over haar werk bij Perdu. Blz. 6-7.
(Janita Monna, zesdejaars studente moderne letterkunde aan de
Universiteit van Amsterdam, is ruim anderhalf jaar redacteur
van het avondprogramma van de literaire stichting Perdu.)
Werktaal: Marcel Uljee.
Collega: neerlandicus. Een spijtoptant en een historicus.
(We weten allemaal hoe het is om neerlandicus te zijn. Maar hoe is
het om met een neerlandicus samen te werken? In de eerste
aflevering van een serie over neerlandici en hun collega's twee
tekstschrijvers: neerlandicus Hans Stupers en historica Marina
Fidder, beiden werkzaam bij Stupers Van der Heijden PR in Den
Haag.)
Ontwikkelingen: Esther Gouweloos en Edwin Lucas.
'Het is mooi geweest.' Dokumentaal stopt na vijfentwintig jaar.
(Dokumentaal is niet meer. Na 25 jaar heeft de redactie besloten
te stoppen. In februari verscheen het laatste nummer van het
'informatie- en communicatiebulletin voor neerlandici'. In VakTaal
een uitgebreid interview met Wim Hendriks, oprichter en redacteur
van Dokumentaal. Over de geschiedenis van het bulletin, de opmars
van Internet en de toekomst van de neerlandistische
informatievoorziening.)
Column: Annelies van Gijsen
Oom Edo's Odyssee.
(De eerst column van Annelies van Gijsen, werkzoekend neerlandica/
medieviste, over de 'ware oorsprong' van woorden.)